Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„Debacle Philips j| zag je aankomen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Debacle Philips j| zag je aankomen "

Keus: Belegger kon beter weten

2 minuten leestijd

DEN HAAG - De opschudding over de sterk tegenvallende resultaten van het Philipsconcern wekt verbazing. Iedereen had kunnen weten dat het de afgelopen dertig jaar niet goed is gegaan met de Nederlandse multinational.

Tot die slotsom komt J. Keus, universitair hoofddocent aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam, in een artikel in het blad Economisch Statistische Berichten (ESB). Keus signaleert dat zich vanaf 1961 verslechterende resultaten bij Philips voordoen. Optimistische prognoses voor 1966, 1971, 1975, 1980, 1985 en 1990 werden geloochenstraft door de feitelijke ontwikkeling. Het eerste kwartaal van 1990 was geen eenmalig incident, aldus Keus.

Vanaf 1970 was de beurswaarde van Philips (gewone aandelen en zolang die in omloop waren ook de preferente aandelen) steeds- lager dan het eigen vermogen volgens de balans. Dat is een indicatie dat beleggers de kwaliteit van de winst niet erg hoog aansloegen. Een tweede aanwijzing voor die interpretatie levert een vergelijking op van de gekapitaliseerde winst en de beurswaarde.

Keus redeneert daarbij dat een belegger die hiet in vaste waarden maar in aandelen belegt een rendement wil dat 2 procent boven de rente op staatsobligaties ligt. Uit de gerealiseerde winst kan met die formule worden afgeleid wat een aandeel Philips in de beleving van de belegger waard was. Die waarde ligt aanzienlijk onder de omvang van het eigen vermogen volgens de balans vanaf 1970 en schommelt rond de beurswaarde.

Robeco

Keus vergeleek verder de rendementen op beleggingen in aandelen Philips en Robeco, een toonaangevend beleggingsfonds. Hij veronderstelt dat een particuliere belegger op 1 januari 1950 tegen beurswaarde aandelen Philips koopt en vervolgens alle bonusaandelen, stockdividenden, opbrengsten van claims en contant dividend gebruikt om nieuwe aandelen Philips te kopen. Hij gaat er verder van uit dat de belegger 40 procent inkomstenbelasting betaalt over het contante dividend en niet wordt aangeslagen in de vermogensbelasting. Dezelfde vooronderstelling wordt gehanteerd ten aanzien van Robeco.

Vanaf 1960 is het reële rendement (dus onder aftrek van inflatie) over tienjaarsperioden voor Philips gemiddeld lager dan dat van Robeco. In de jaren 1960-70 rendeerde Robeco 1,7 procent beter, in de jaren 1970-80 6,1 procent en in de jaren 1980-90 1,7 procent.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 juni 1990

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

„Debacle Philips j| zag je aankomen

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 juni 1990

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken