Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Licht over zoekers naar een doodstil doel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Licht over zoekers naar een doodstil doel

Zenuwarts drs. J.W. Draijer schrijft mild getoonzet boek over zelfdoding

4 minuten leestijd

Het is een zeer trieste zaak dat in onze tijd het aantal zelfdodingen zozeer toeneemt. De cijfers die daarover vrijgegeven worden, spreken een verontrustende taal. Theologen buigen zich daarover, bezinnen zich op de vraag naar de oorzaak. Maar ook zenuwartsen en hulpverleners houdt het verschijnsel bezig; de praktijk dwingt hen daartoe.

Wij waarderen het hoog dat een positief christelijk zenuwarts als drs. J. W. Draijer, lid van het dagelijks bestuur van de stichting Gereformeerd Psychiatrisch Ziekenhuis in Bosch en Duin, in een onlangs verschenen boekje "Een doodstil doel?" zijn licht over deze zaak heeft willen laten schijnen. Zijn stem verdient gehoord te worden. De auteur schrijft als een innerlijk betrokkene. Hijzelf schrijft: „Mij interesseert het probleem van dé zelfmoord al sinds mijn gymnasiumjaren" (p. 7). In die jaren maakte hij van nabij enkele zelfmoordgevallen mee, en zij schokten hem diep.  Nu, na vele jaren, als gepensioneerde, biedt Draijer in zijn boekje als het ware een terugblik. Een aantal door hem in zijn beroep persoonlijk meegemaakte gevallen bepaalt mede zijn visie. Maar de Schrift is hem daarbij uitgangspunt en leidraad. Het doet weldadig aan dat zij voor hem het hoogste gezag heeft.  

Niet over één kam   

Ook Draijer kan er niet onderuit, al is hij van beroep geen theoloog, toch ook ethische oordelen uit te spreken. De zaak zelf dwingt hem daartoe.  

Maar op die weg komt hij Dietrich Bonhöeffer, Karl Barth, G. Th. Rothuizen en H. M. Kuitert en bovendien een aantal vakgenoten tegen. Hun kijk op het verschijnsel "suïdide" kan hij gewoonlijk niet delen. Wel wat Douma en enkele anderen die niet geneigd zijn de zonde te vergoelijken, erover geschreven hebben.  

Tegelijk loopt door heel het boekje van Draijer, terecht, een trek van begrip en mededogen met vele suïcidanten. Als arts ziet Draijer vooral hun ziektesymptomen. Suïcidanten zijn dan patiënten.  

Een flink deel van het boekje is gewijd aan de verschillende soorten van suïcidanten. Het blijkt dat zij te rubriceren zijn, dat wil zeggen dat men onder hen enige groepen kan onderscheiden.   Ik meen dat het goed is dat wij daarop letten. Het gewone volk, maar ook wel geestelijke leidslieden, hebben te vaak alle zelfmoordgevallen over één kam geschoren. Maar reeds bij een aantal 'oude schrijvers' ben ik tegengekomen dat zij onderscheid wisten te maken. Het ene geval is het andere niet.  

Mild   

Drs. Draijer besteedt natuurlijk ook aandacht aan de 'preventie'. Aan de zelfmoordpoging gaan vaak signalen vooraf. Wordt daarop altijd voldoende acht gegeven? Mijn eigen ervaring heeft geleerd dat het vaak erg moeilijk is die signalen op te vangen.  

In het hoofdstukje "Hulp aan nabestaanden" geeft Draijer enkele pastorale tips. Inderdaad, er leven bij de nabestaanden vaak schuldgevoelens, soms terecht, maar lang niet altijd. Pastores en hulpverleners krijgen daar dan mee te maken.   De positieve beoordeling van de "suïcide" die men tegenwoordig allerwegen beluisteren kan, en in verband daarmee ook de positieve benadering van de euthanasie, is niet die van Draijer. Dat is het principiële uitgangspunt van zijn boekje.  

Overigens zou ik het „mild" kunnen noemen, misschien zelfs over het algemeen genomen iets tè mild. Het zal zeker wel waar zijn dat er, zoals de schrijver zegt, geestesziekten (of: psychische ziekten) zijn bij wie alle pogingen om suïcidale afloop te voorkomen en de patiënt te doen herstellen, vruchteloos zijn (p. 32), maar ik vraag mij af of er toch niet enig onderscheid gemaakt moet worden tussen lichamelijke ziekten en geestesziekten, zodat bij de laatstgenoemde nog meer dan bij de eerstgenoemde aan de macht van de vorst der duisternis moet worden gedacht, zeker wanneer er zelfmoord(-pogingen) in het geding zijn. Het ziektekarakter van het verschijnsel is daarmee niet ontkend, maar wel verdiept. Niet ieder die zelfmoord pleegde was een Judas, maar het is toch wel veelzeggend dat aan Judas' zelfmoord voorafgegaan is dat, naar het woord van Christus zelf, de duivel in hem voer.   

Richtlijnen    

Ik wil hiermee niet afdoen van de waarde van Draijers boekje. Ik vind het een waardevolle bijdrage aan de behandeling van een onderwerp dat al vele pennen in beweging heeft gebracht. Een boekje bovendien dat de zaak eens benadert van een kant, die van de arts, die zeker niet alle geïnteresseerden geheel bekend is. Kort samengevat, het boekje verheldert onze kijk op het verschijnsel van de zelfmoord, maar geeft ons bovendien enige richtlijnen voor ons omgaan met hen die er neigingen toe hebben en voor ons omgaan met hen die na een zelfmoordgeval in nood geraakt zijn.

N.a.v. "Een doodstil doel? Suïcide en pastoraat", door drs. J. W. Draijer; uitg. Oosterbaan & Le Cointre, Goes, 1990; 88 blz.; prijs 10,75 gulden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juni 1990

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

Licht over zoekers naar een doodstil doel

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juni 1990

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken