Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Aanschouwing van de Gekruisigde

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Aanschouwing van de Gekruisigde

4 minuten leestijd

„En zij zullen Mij aanschouwen. Die zij doorstoken hebben". Zacharia 12:10

Wanneer de profeet Zacharia de uitstorting van de Heilige Geest aankondigt en profetisch het werk van die Geest samenvat, dan doet hij dat met de woorden die boven deze meditatie staan: „Zij zullen Mij aanschouwen. Die zij doorstoken hebben". In hoeverre Zacharia's tijdgenoten deze woorden hebben verstaan, is ons onbekend. Wij mogen ze lezen bij het licht van het Nieuwe Testament. De evangelist Johannes herinnert aan deze woorden, als hij beschrijft hoe een Romeins soldaat op Golgotha zijn speer steekt in de zijde van de gestorven Heere. De Doorstokene is Jezus Christus, en Die gekruisigd.

En wat "aanschouwen" betekent, leert ons het pinksterevangelie van Handelingen 2. Daar zien we die joden, die overtuigd zijn van hun godsvrucht (vers 5), die menen dat zij alleszins godsdienstig zijn en zich een eigen gerechtigheid kunnen verwerven, waarmee zij voor God kunnen bestaan. En zij hebben de Heere Jezus gedood en daarmee God zelf verworpen. En ze hoorden wat er geschiedde, maar ze waren er doof voor. En ze zagen wat er gebeurde, maar ze doorzagen het niet. Maar dan gaat Petrus het Evangelie van de Gekruisigde verkondigen. Hij spreekt van kribbe en kruis, van opstanding en hemelvaart.

En hij zet die Heere Jezus midden in het leven van zijn hoorders neer, als hij zegt: „Deze Jezus, Die gij gekruisigd hebt".

En zie, met die boodschap raakt de Heilige Geest deze mensen in het diepst van hun hart. Ze aanschouwen Hem. Hun ogen worden geopend; ze verstaan wat ze gedaan hebben. Ze zien de gekruisigde Christus en belijden met een verslagen hart: dat heb ik gedaan. Mijn zonde, zo groot! Ze bedenken hun zonde en vervloeking. Ze leren de droefheid over de zonde. Ze worden zondaar voor God. En dat gaat diep. Zacharia zegt in beeldtaal: dan raakt een mens alles kwijt wat hij meende te bezitten. Dan houdt een mens geen hoop meer over.

Kent u het? Och, misschien meende u voordien ook wel te weten dat u zondaar was. Dat zijn we Immers allemaal! En u wist wel van de gekruisigde Christus. Maar u doorzag het niet, want u was een godvrezend en keurig kerkmens. En u meende een eigen gerechtigheid te hebben. Het was voor u geen vraag: „Hoe zal ik rechtvaardig verschijnen voor God?" En toen ging de Geest aan het werk door de verkondiging van het Evangelie. En Hij bracht u tot de aanschouwing, de ontdekking: „Die gij gekruisigd hebt". Mijn zonde zo zwaar, dat er alleen voor betaald kon worden door de dood van de Zoon van God.

Hebt u wel eens zo aan de voet van het kruis gestaan en moeten belijden: „Mijn zonde maakt U het voorwerp van Gods toorn?" Dat Is kenmerkend voor het werk van de Heilige Geest: Ik, die Hem doorstoken heb! Niet aangenaam, wel heilzaam. Want weet u waarom zulke mensen niet wanhopig worden maar met dat verslagen hart en die droefheid voor hun zonde juist naar de Heere toe vluchten? Het Is de Geest der genade Die hen deze dingen leert. Die Geest gaat uit van de goede God (artikel 17 NGB), Die de gevallen mens zoekt. En die Geest is verworven door Christus en betaald met Zijn bloed. Hij maakt plaats voor genade en leert smeken om genade. Dan wordt de zonde erg en de schuld zwaar en leren we bitter kermen. Maar het wordt tegelijk een wonder dat de Heere naar zulke mensen omziet. Hij stoot hen niet weg in het verderf. Die ontdekking, die aanschouwing, is genade, werk van de Geest der genade. Weet u waaraan u zulke mensen herkent? Ze leren van diezelfde Geest te bidden om genade. Hij is immers ook de Geest der gebeden, of, zoals er eigenlijk staat: de Geest Die leert smeken om genade.

Wonderlijk Evangelie voor kermers en klagers, voor treurenden over hun zonde, voor smekelingen om genade. Het is immers de Geest der genade Die uit genade leert roepen om genade. Houd maar aan, grijp maar moed. Want „die nu hulpeloos kermen, verdrukt en vol gebrek, brengt God door vrij ontfermen, haast in een hoog vertrek".

Ds. J. Westerink, Bunschoten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juni 1991

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Aanschouwing van de Gekruisigde

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juni 1991

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken