Bekijk het origineel

Een tulp voor 10.000 gulden!

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Een tulp voor 10.000 gulden!

Bollenstreek dankt wereldwijde faam aan gestolen goed

5 minuten leestijd

De Gouden Eeuw bracht ons land de tulp. Het vergankelijke bloempje viel in goede aarde, maar zorgde niet enkel voor rozegeur en maneschijn. Een dief ontvreemdde de eerste ingevoerde bollen en rijken raakten besmet door de boUenrazernij. Het Museum voor de Bloembollenstreek brengt de toenmalige tulpenhandel drie maanden lang in beeld. Een kleurrijke geschiedenis.

De tulp is geen Nederlands produkt bij uitstek, maar komt uit Perzië en Turkije. Charles de l'Escluse introduceerde de plant in ons land. Deze botanicus -hij luisterde tevens naar de naam Carolus Clusius- werkte enige tijd aan het Habsburgse hof. Vierhonderd jaar geleden aanvaardde hij-een benoeming aan de universiteit van Leiden en kreeg hij toestemming om een botanische tuin aan te leggen. De man bracht zelf tulpebollen mee, maar oefende ook veel invloed uit op kapiteins van Oost-Indiëvaarders. Deze bezorgden hem veel bollen, afkomstig uit de landen van herkomst. Clusius ging tulpen kweken èn vroeg hoge prijzen aan potentiële kopers.

„Het heeft hem geen groot profijt opgeleverd, want de bollen werden ontvreemd", zegt bioloog dr. Sam Segal. „Het gestolen goed werd gedeeltelijk de basis van de huidige tulpenteelt". Segal kreeg als kunsthistoricus aan de Vrije Universiteit van het Museum voor de Bloembollenstreek opdracht om een tentoonstelling in te richten over de Hollandse tulpenhandel in de zeventiende eeuw. Hij schreef daarbij "De tulp verbeeld" , een fraai boekje, dat voor het eerst in gaat op de ontwikkeling van de tulp, zowel biologisch als economisch en kunstzinnig.

Tulpenboek

Centraal in de expositie staat het tulpenboek, een merkwaardig overblijfsel uit de Gouden Eeuw. „Het is geen gedrukt boek, maar een album van aquarellen van tulpen in opdracht van een bollenhandelaar vervaardigd. Kunstenaars als Jacob Marrell, Judith Leyster, Pieter Holsteyn en Jacob Isaacsz van Swanenburgh werden er voor benaderd. Ze moesten de planten naar het leven tekenen en kleuren. De kweker gebruikte de tekeningen als verkoopcatalogus. Zo kon hij tonen welke bloem uit een bepaalde bol groeide".

Van de 45 bekende tulpenboeken liggen er acht in Lisse, waarvan een in de Turkse taal. Behalve deze zeldzame objecten stelden musea en particulieren uit binnen- en buitenland zeer waardevolle kruid- en bloemenboeken en kleurige aquarellen beschikbaar. Voor al deze kostbaarheden moest het museum het alarmsysteem verbeteren en slagvaste vitrines aanschaffen. Om de verzekeringspremies te kunnen betalen, durfde de directie voor drie maanden de toegangsprijs te verdubbelen tot vijf gulden.

Virusziek

De exotische tulpen waren vanaf het begin bij de rijken de meest begeerde en duurste verzamel- en prestige-objecten. De bollen werden ter meerdere glorie van de eigenaar op geruime afstand van elkaar in bloembedden geplant. Soms prijkte er slechts één tulp in een perk.

Vooral bonte tulpen waren populair, al leden die meerkleurige bloemen volgens Segal vaak aan een virusziekte. „Men wist dat nog niet. Gevlamde, gestreepte en gevlekte exemplaren werden juist fijne tulpen genoemd. Kwekers mijden tegenwoordig zulke besmettelijke tulpen als de pest. Pasteur ontdekte pas in de vorige eeuw wie verantwoordelijk was voor de ziekte. Een luis".

Grote slagen

Omdat bepaalde tulpen zeldzaam waren en de vraag daarnaar groot, stegen de prijzen. Een vraagprijs van duizend gulden per bol vond men op een gegeven moment normaal. In 1637 werden drie bollen van de Semper Augustus zelfs verkocht voor 30.000 gulden. Absurd hoge bedragen, vooral als het gemiddelde jaarinkomen -rond de 150 gulden- daartegen wordt afgezet. Voor 10.000 gulden kon je een riant Amsterdams grachtenpand kopen.

De belachelijk hoge prijzen voor de „sottebollen" -ze kosten tegenwoordig pakweg een dubbeltje- leidden tot de tulpomanie, een van de meest typische uitingen van speculatiezucht in de Noordelijke Nederlanden. Een historieschrijver meldt: „...toen het gerucht de ronde deed dat voortkwekers grote slagen sloegen, begonnen vele zich op de tulp te verlieven. Eerst begonnen de rijken, daarna de warmoeziers en boomkwekers en kort daarop zelfs de wevers, schietspoel en getouw aan de kant smijtende. Daarna kwamen de schoenlappers, de voddenrapers, de klompenmakers en Jan Rap en zijn maat".

Op een gegeven moment verkocht men Dollen die men niet bezat of nooit had gezien aan een ander die geen geld had. Al of niet met vervalste certificaten van echtheid. Er werd puur in wind gehandeld. Een catastrofe kon niet uitblijven. Begin februari 1637 duikelden de prijzen. Door de tulpenkrach raakten duizenden berooid.

Spotprenten

Schotschriften of pamfletten namen de tulpomanie op de hak. De drie "Samenspraecken" van Adriaen Roman zijn beroemd. De wevers Waermondt en Gaergoedt beschouwen de opkomst en nedergang van de godin Flora. Allegorische prenten als "Floraes Geckskap" of "Floraas Malie-wagen" doen hetzelfde. Zelfs Marrell, volgens Segal maker van het allermooiste tulpenboek, maakte een spotschilderij met tulpen en allerlei andere vergankelijkheidssymbolen.

Met de beroepsmatige teelt van bollen, die rond Haarlem begon, daalden de prijzen. Na 1880 breidde de kwekerij zich snel uit naar de omgeving van Hillegom en Lisse, waar thans in een voormalige bollenschuur het Museum voor de BloemboUenstreek is ondergebracht. Het museum geeft een breed overzicht van het produkt waarnaar de streek is vernoemd.

De tentoonstelling "De tulp verbeeld. De Hollandse Tulpenhandel in de 17e eeuw" is tot 30 juni te bezichtigen in het Museum voor de Bloembollenstreek, Heereweg 219, Lisse. De gelijknamige catalogus van dr. S. Segar(24 blz.; 15 gulden) is daar ook te koop. Het museum is van dinsdag tot en met zaterdag van 13.00 tot 17.00 uur geopend.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 april 1992

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Een tulp voor 10.000 gulden!

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 april 1992

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken