Bekijk het origineel

Bel luidt voor laatste ronde mestgevecht

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Bel luidt voor laatste ronde mestgevecht

Standpunten Landbouwschap en Bukman en Alders li^en ver uiteen

6 minuten leestijd

DEN HAAG (ANP) - De ministers Bukman en Alders willen voor de zoveelste keer het mestbeleid aanscherpen. Traditiegetrouw verzet de veehouder^ zich fel. Tbt dusver werd de veestapel slechts 'bevroren' door de mestwetgeving. Nu gaat het dan toch over inkrimping. De bel voor de laatste ronde van het mestgevecht heeft geklonken.

Nederland telt circa 400.000 hectare landbouwgrond (10 procent van het land), die is verzadigd met fosfaten. Daarnaast zijn grote stukken bos ziek als gevolg van verzuring, verdroging en achterstallig onderhoud. Verder >w)rden drinkwaterputten op de zandgronden bedreigd door nitraatvervuiling. Al deze zaiken worden in meer of mindere mate toegeschreven aan de veehouderij.

Tegelijkertijd is de sector economisch van zwaarwegend belang. In 1991 verkocht Nederland voor 252 miljard gulden goederen aan het buitenland. Aan vee, vlees, melk en eieren ging voor 20 miljard de grens over; 6 procent van het nationale inkomen komt uit de veehouderij. Volgens het Landbouwschap hangt een op de vijf arbeidsplaatsen in Nederland direct of indirect samen met die veehouderij.

Mestquotum

Het mestprobleem is pas in de jaren tachtig onderkend. Dat leidde in 1984 tot een mislukte poging om de veestapel te bevriezen. In 1987 werd de eerste fase van het mestbeleid op gang gebracht, waarbij elke veehouder een mestquotum kreeg toegewezen. In 1991 ging de tweede fase van start. In deze periode werd de hoeveelheid mest de op het land mag worden uitgereden geleidelijk verminderd. Tegelijkertijd verrezen op de boerderijen silo's voor de opslag van mest in de winter. Op de zandgronden verdrongen mestinjectoren de giertank -het symbool van het mestprobleem- zodat er bij het uitrijden geen ammoniak meer vrijkomt.

In 1995 moet de derde en laatste fase van start gaan. Die duurt tot het jaar 2000. Dan moet het mestprobleem zijn opgelost. Uiteindelijk doel is dat er niet meer mest wordt uitgereden dan gras, maïs, aardappelen en bieten kunnen opnemen. Door deze zogeheten evenwichtsbemesting wordt het grond- en oppervlaktewater niet langer belast met fosfaten en nitraten. Daarnaast moet de uitstoot van ammoniak met 70 procent zijn teruggebracht, om bos en natuur te redden van de verzuring.

Het beleid voor de derde fase is momenteel inzet van de discussie. Twee documenten staan daarin centraal. Alders (Milieubeheer) en Bukman (Landbouw) zwaaien met hun notitie Mest- en Ammoniakbeleid Derde Fase, waarin zij hun voorstellen uiteenzetten. Het Landbouwschap en de produktschappen voor vee, vlees, eieren, zuivel en veevoer schermen met hun eigen plan: het Mestbeleid naar 2000.

Beide partijen slaan elkaar met cijfertjes om de oren. Omdat de bouw van mestfabrieken maar niet van de grond wil komen, resteert er volgens Alders en Bukman in 1995 een mestoverschot van 14 miljoen kg fosfaat. Het Landbouwschap ziet het allemaal veel minder somber in en komt uit op een mestoverschot van 1,5 miljoen ton. Door nog wat te sleutelen aan het veevoer kan dat laatste beetje ook wel worden weggewerkt, vindt het schap.

Uitrijnormen

Daar komt bij, dat Bukman en Alders de uitrijnormen in 1995 willen aanscherpen, zodat het mestoverschot met nog eens 8 miljoen kilo fosfaat toeneemt. Het totaal komt daarmee op 22 miljoen kilo. Deze hoeveelheid kan de veehouderij met de beste wil van de wereld niet wegwerken. Als het totaal geëxporteerd zou worden, zou een goederentrein nodig zijn van ruim 2100 kilometer lang, van Amsterdam tot in Zuid-Italië. Daarmee hebben de bewindslieden een argument in handen om extra maatregelen te treffen, die direct tot inkrimping van de veestapel leiden.

Achter de dans rond de cijferbrij gaat een principiële discussie schuil. Aangespoord door een morrende achterban heeft het Landbouwschap • het vuur geopend op de vloed aan milieuwetten die over de boeren wordt uitgestort. De Haagse regels zijn in de praktijk onwerkbaar en hebben niet zelden een tegenstrijdig karakter. Bovendien hebben ze de hele veehouderij op slot gedraaid, zodat noodzakelijke moderniseringen onmogelijk zijn. Uit angst voor steeds weer nieuwe regels hebben de veehouders een afwachtende houding aangenomen.

Om die reden eist het Landbouwschap een ommezwaai van het beleid. De algemene normen en regels moeten het veld ruimen. In plaats daarvan moet de individuele veehouder verantwoordelijk worden gesteld voor zijn eigen mestoverschot. Dan weet de betrokken boer waar hij aan toè is en kan hij actie ondernemen.

Mineralen

Het Landbouwschap heeft die gedachte concreet vertaald in de zogeheten mineralenboekhouding. Hiermee kan een varkenshouder precies berekenen hoeveel mineralen zijn bedrijf binnenkomen in de vorm van voer, en het weer verlaten in de vorm van mest en vlees. Wat overblijft is zijn mineralen'overschot. Door daar een heffing op te zetten, wordt de boer financieel geprikkeld dat overschot terug te dringen. Hóe hij dat doet, moet hij zelf weten. Het Landbouwschap stelt daarbij voor, dat alle veehouders in 1995 hun mineralenproduktie met een kwart terugdringen.

Het pleidooi voor een individuele aanpak krijgt brede steun, onder meer van directievoorzitter H. Wijffels van de Rabobank. De Brabantse boerenvoorzitter A. Latijnhouwers heeft laten weten dat alleen deze aanpak op steun van zijn boeren kan rekenen. Voor iets anders bestaat geen draagvlak, dreigt Latijnhouwers.

Alders en Bukman zien ook wel wat in het plan van het Landbouwschap. Ze zien echter geen kans de mineralenboekhouding vóór 1997 in te voeren. Bovendien vinden ze het aanbod van het Landbouwschap -om de mineralenproduktie met een kwart terug te dringen- onvoldoende. Daarbij wijzen ze fijntjes op het mestoverschot van 22 miljoen kg fosfaat dat in 1995 ontstaat. Dat moet eerst worden weggewerkt, vinden de bewindslieden. Daarom bieden ze twee keuzemogelijkheden aan: of de zogeheten slapende mestquota (goed voor 10 tot 15 miljoen kilo fosfaat) worden ingetrokken of de mineralenproduktie wordt met 35 procent ingeperkt.

Beide alternatieven bestempelt het Landbouwschap als onacceptabel. Het schap heeft nog meer onverteerbare beleidsmaatregelen het hoofd te bieden. Bukman en Alders vinden dat de uitstoot van ammoniak in 2010 met 80 procent moet zijn verminderd om de stervende bossen kans op herstel te geven. Dit betekent dat de veestallen technisch moeten worden aangepast. Dat is echter zo duur, dat de helft van de intensieve veehouders het veld zal moeten ruimen.

Gespannen sfeer

De grote vraag is of het Landbouwschap en de ministers Bukman en Alders er in slagen het eens te worden. De sfeer in de landbouw is momenteel gespannen, vanwege de slechte economische situatie. Tegelijkertijd biedt de slechte staat van bos en natuur geen ruimte voor uitstel. Het loven en bieden zal nog de nodige tijd in beslag nemen. Beide partijen weten zich daarbij nauwlettend in de gaten gehouden. Het Landbouwschap door zijn eigen boeren; Alders en Bukman door onder meer de stichting Natuur en Milieu. De laatste vindt de plannen van de ministers nog lang niet ver genoeg gaan. De stichting wil dat er een overheidsfonds wordt opgericht om mestquota op te kopen en bedrijven te beëindigen. Daarmee kan de veestapel op sociaal verantwoorde wijze worden' ingekrompen.

Turkije

Kusadasi Jongeren
Amicitia weet het wel te vinden in Turkije. Boeiende vliegvakantie naar een zonnige streek. Excursiemogelijkheden naar Efeze, Pamukkale, Priene, Milete en Didyma, Cappadocië. Tijdens een jeepsafari kennismaken met de Turkse bevolking.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 april 1993

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

Bel luidt voor laatste ronde mestgevecht

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 april 1993

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

PDF Bekijken