Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„De burgers moeten hun identiteit in Europa kunnen terugvinden

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„De burgers moeten hun identiteit in Europa kunnen terugvinden"

Duitse staatssecretaris voor Europese zaken Seiler-Albring:

7 minuten leestijd

BONN - „Voor ons Duitse voorzitterschap van de Europese Unie hebben wij vier thema's, die wij als prioriteit willen behandelen. Dat betreft in de eerste plaats de verdere concretisering van de plannen en doelstellingen '"In het zogeheten "witboek alias actieplan" van de EU, georiënteerd op de economische situatie in Europa, de concurrentiekracht, de werkgelegenheid, de toekomst van de arbeidsmarkt, alles zogezegd wat men kan samenvatten onder het begrip economische situatie van Europa".

Aan het woord is staatssecretaris Seiler-Albring, speciaal belast met Europese vraagstukken, in het Bonn ministerie van buitenlandse zaken antwoord op de vraag naar de activiteiten van het komende Duitse voorzitterschap van de Europese Unie. „Het tweede thema betreft de externe betrekkingen van de EU vanuit de gezichtshoek "stabiliteit en veiligheid". We hebben een grote stap gezet met de uitbreiding, die op Korfoe formeel is getekend. Maar onder het begrip veiligheid behoren natuurlijk vooral ook de betrekkingen met de Midden- en Oosteuropese landen".

„Belangrijk zijn ook de betrekkingen met de Baltische staten. Wij willen tijdens het Duitse voorzitterschap het vrijhandelsverdrag met de Baltische staten afronden en dan gaan onderhandelen over een "Europa-of-associatieverdrag". Ander zwaartepunt van de externe betrekkingen van de EU zijn de terreinen van de gemeenschappelijke actie; in Zuid-Afrika helpen bij de verbreiding en verdieping van het democratische bewustzijn na de recente verkiezingen; in de betrekkingen met het Midden-Oosten de deelname aan het vredesproces; wij zullen ons zeker ook met Roeanda moeten bezighouden en met actuele crisishaarden, zoals de situatie in het voormalige Joegoslavië. Het is ook van belang de betrekkingen met de Verenigde Staten te intensiveren".

„Een derde prioriteit is de samenwerking op het gebied van de binnenlandse politiek en justitie; het is een oude Duitse wens hier meer samen te werken, vooral tegen de achtergrond van de stijgende zorg in alle EU-lidstaten over de groeiende criminaliteit en het toenemend drugmisbruik. Het is ook van belang een gemeenschappelijk standpunt te ontwikkelen inzake de asielpolitiek en immigratie-criteria. En tenslotte gaat het ons om de "gemeenschap van binnen". Dat wil zeggen om de 'vertaling' van het begrip subsidiariteit, minder regelgeving, de vertaling van het streven naar meer transparantie en belangrijk is tenslotte ook de voorbereiding van de intergouvernementele conferentie in 1966 (IGC96) over de herziening van het Verdrag van Maastricht. Wij willen overigens, dat de nieuwe lidstaten hier kunnen meepraten over de constructie van het toekomstige Europa". 

Er is een verregaande coördinatie aangekondigd tussen het Duitse voorzitterschap van de EU en het daaropvolgende Franse voorzitterschap. Vanwaar dit initiatief?

„Wij hebben tot die coördinatie besloten, omdat zowel in Duitsland als in Frankrijk tijdens het komende voorzitterschap van de EU (Bonn gedurende de rest van dit jaar en Parijs in de eerste helft van volgend jaar - red.) zowel in Duitsland als in  Frankrijk precies midden in die periode verkiezingen plaatsvinden. Daarom coördineren wij om de continuïteit te waarborgen. Wij willen de Spanjaarden daar ook bij betrekken in de tweede helft van volgend jaar. Ik hoop, dat dit wordt beschouwd als een nuttig precedent.

Grote landen

Er bestaan vermoedens, dat het hier g^at om een bijzondere aard van exclusieve samenwerking; zo is dat zeker niet bedoeld". 

Heeft minister van buitenlandse zaken Klaus Kinkel niet onlangs gezegd, dat de grotere lidstaten een bijzondere rol dienen te spelen?

„De grotere lidstaten hebben vooral een bijzondere rol te spelen door erop toe te zien, dat de rechten van de kleinere lidstaten gewaarborgd zijn; dat was al het standpunt van de vroegere minister van buitenlandse zaken Genscher, dat is het standpunt van zijn huidige opvolger Kinkel en dat is ook het standpunt van bondskanselier Kohl. Juist als Bondsrepubliek Duitsland moeten wij de voorvechter zijn van de belangen van de kleinere lidstaten. Dat vindt men terug in de geschiedenis van het geïntegreerde Europa en dat moet ook zo blijven. De Europese Unie is een solidariteits gemeenschap, waarin elk land zijn plaats heeft en gelijke rechten geniet". 

Bonn wil zich engageren voor de Midden- en Oosteuropese landen. In hoeverre ziet men hier een concrete mogelijkheid om al deze landen te zijnertijd op te nemen als EU-lidstaat ? Wordt 'Europa' dan niet te groot?

„Genscher heeft eens gezegd: „Het kan het Westen op den duur niet goed gaan, als het het Oosten op lange termijn slecht gaat". Dat sloeg natuurlijk op onze Duitse positie, maar dat slaat natuurlijk net zo goed op de Europese Unie van vandaag. Het is in ons eigen belang, dat  zich de situatie in Midden-en Oost-Europa stabiliseert. En dat lukt op den duur niet zonder lidmaatschap van de EU". 

Als u ziet hoe moeilijk het al is om binnen de twaalf tot overeenstemming te komen over het begin van een economische en monetaire unie (EMU); dreigt dan toch niet een "Europa van twee snelheden" ?

„Om nu al te praten over een "Europa van twee snelheden" vind ik voorbarig. Het Verdrag van Maastricht bouwt overigens in het kader van de EMU de mogelijkheid  van meerdere snelheden in. Maar wij moeten toch oppassen, dat we hier geen trein met verschillende klassen op gang rengen. Een eerste klasse, een tweede klasse en een bagagewagon. Dat zou denk ik op den duur de interne samenhang van de Unie ruïneren. De Unie is een solidariteits gemeenschap. De grotere en de sterkere lidstaten moeten daarom de kleinere en zwakkere lidstaten steunen; daarvoor bestaat ook het instrumentarium". 

Als we vijftig jaar vooruitkijken, hoe ziet men dan in het huidige Bonn de ontwikkeling van het  Europa van die toekomst? Een federaal Europa, een Europa der vaderlanden zoals wijlen generaal De Gaulle voorspelde?

„De bondskanselier heeft ooit gezegd, dat wat zich hier ontwikkelt, iets geheel nieuws is. Of dat nieuwe een bondsstaat wordt of een verbond van staten, is een ontwikkeling die zich erg langzaam zal manifesteren. Wat wij in ieder geval willen is, dat elk land zichzelf nog kan terugvinden in dat Europa. Dat de pluriformiteit van de cultuur, van de talen, dat het nationale karakter overeind blijft. Dat de Unie middelen en wegen heeft om conflicten op te lossen, zodat zij ook in de toekomst het stabiliteits-voorbeeld is.

Maar ik geloof wel, dat de basis voor een vreedzaam naast elkaar bestaan in Europa een redelijk gezonde economische situatie moet zijn. Er mogen niet al te grote verschillen binnen de Unie bestaan. Er is geen duurzame democratische situatie mogelijk, als de persoonlijke situatie van de mensen niet enigermate bevredigend is. Als die geen redelijk perspectief hebben, dan krijgen we weer destabilisatie-processen.

De economie is niet alles, maar zonder economie is alles niets. Dat moet zeker ook in de toekomst de basis van de Europese gemeenschap zijn. Hoe men de Europese burger overigens actief kan interesseren voor het feit dat dat wat in Luxemburg, Brussel of in Straatsburg gebeurt in zijn belang is en niet tegen zijn belangen ingaat, dat is een vraagstuk waarvoor wij nog geen bevredigende oplossing hebben. Men moet de Europese burger waarschijnlijk een nieuwe visie bieden. Ik kan mij voorstellen, dat de vredesmissie van de Unie een component is, waarmee men vooral jonge mensen kan inspireren. Maar ik heb momenteel eigenlijk geen'idee hoe wij dat concreet moeten aanpakken ". 


Statistische gegevens '92

• Nederland exporteerde naar Duitsland voor 61,16 miljard DM.
• Duitsland exporteerde naar Nederiand voor 55,728 miljard DM.
• Duitsland is de eerste handelspartner voor Nederland.
• Nederland is de derde handelspartner voor Duitsland, na Frankrijk en Italië.
• Belangrijke exportsectoren voor Nederland zijn de chemie, energie (ook via Rotterdam) en consumptiegoederen van hout, kunststof en metaal; daarnaast leek de Nederlandse agrarische export hoegenaamd geen last te hebben van de economische recessie; de uitvoer van vlees, vleeswaren en slachtvee gaf zelfs nog een groei te zien.
• De Duitse export naar Nederland stagneerde, vooral in de sector investeringsgoederen; de export van personenauto's ontwikkelde zich echter dynamisch, als gevolg van een verlaging van het btw-tarief op auto's in Nederland; in de agrarische sector vormde de melkexport naar Nederland als altijd een belangrijke factor. De Nederlandse zuivelindustrie moet sinds de invoering van de Europese melkquotaregeling een deel van de voor de produktie van kaas benodigde melk importeren, omdat het Nederlandse melkquotum ontoereikend is. 

(Gegevens verstrekt door de Nederlands-Duitse Kamer van Koophandel (Den Haag/Düsseldorf). 


De artikelen op deze pagina zijn geschreven door onze correspondent in Brussel, K. R. Corver.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1994

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

„De burgers moeten hun identiteit in Europa kunnen terugvinden

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1994

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken