Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Unieke atlas in Scheepvaartmuseum

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Unieke atlas in Scheepvaartmuseum

5 minuten leestijd

AMSTERDAM - Het Scheepvaartmuseum Amsterdam heeft tijdens een veiling in New York een 17eeeuwse atlas gekocht. Het is volgens het museum een uniek exemplaar, gemaakt in Amsterdam, dat 152.000 gulden kostte. Het dikke boekwerk heeft bijna dertig kaarten en kreeg een plaats in de bibliotheek van het Scheepvaartmuseum.

Het museum bezit sinds de jaren twintig een verzameling van zeventien 17eeeuwse atlassen, die de Atlas Van Loon wordt genoemd. Met de aankoop heeft het museum de collectie uitgebreid tot achttien. In totaal zijn 24 banden bekend. Twee ervan bevinden zich in Nederlands particulier bezit. De rest is ondergebracht in Nederlandse bibliotheken.

De Atlas Van Loon bestaat onder meer uit de Groote Atlas ofte Werelt-beschryving van Johan Blaeu, de Nederlandse en Italiaanse stedenboeken van Blaeu en een Zee-atlas van Pieter Goos. Het nu verworven exemplaar -Grand atlas, contenant une parfaicte description du mondmaritime oü Hydrographie générale de toute la Terre- is gemaakt door Johannes Janssonius.

De atlassenverzameling is gebonden door Albert Magnus (1642-1689), volgens het museum de beroemdste Nederlandse boekbinder aller tijden. De banden zijn uitgevoerd in rood marokijnleer, versierd met dubbele randlijsten en kleine vogeltjes op de takken in goudstempel.

Niet alleen de buitenkant is een kunstwerk. De honderden kaarten zijn schitterend ingekleurd en met goud versierd. Op de banden staat het wapen van de eerste eigenaar, Frederik Willem van Loon (1644-1708), een rijke Amsterdamse regent met een hoge functie bij de wisselbank en in het stadsbestuur.

Het museum heeft de atlas nog niet helemaal betaald. De prijs ging het budget ver te boven. Een fonds was bereid het leeuwendeel te betalen. Formeel is dat fonds, dat anoniem wil blijven, nu eigenaar. Het heeft de atlas in permanente bmikleen gegeven aan het museum, dat het exemplaar binnen vijfjaar hoopt af te betalen.

Wilhelmina aan de Maas

Onder de titel “Wilhelmina aan de Maas” is tot augustus in het Visserijmuseum te Vlaardingen een tentoonstelling over 100 jaar Koningin Wilhelminahaven te zien. Op 12 december 1895 meerden de eerste schepen af in de monding van deze nieuwe Vlaardingse haven. De haven werd gegraven om de sterk expanderende vissersvloot en alle bedrijvigheid die daarbij hoorde, op een moderne manier te huisvesten.

Curieus genoeg waren het Scheveningse bomschuiten die er als eersten ligplaats kozen. Een groot aantal van deze schepen was een jaar eerder tijdens een zware storm op het Scheveningse strand verwoest. Vandaar dat er uitgekeken werd naar een veiliger winterplek, in dit geval de Vlaardingse ‘nieuwe haven’ aan de Maas.

De Koningin Wilhelminahaven, zoals de officiële naam luidt, werd een succes. Zowel als thuishaven van de Vlaardingse visservloot, in die periode met haar circa zestig stoomloggers behorend tot de top van de Noordzee-visserij, maar ook als handelshaven.

Op deze bloeidijd, die tot na de Tweede Wereldoorlog duurde, volgden de jaren van verval. Langzamerhand verdween de visserij uit het havenbeeld. Rederijpakhuizen kwamen leeg te staan en de kaden, vroeger vol met honderden haringtonnen, karren, wagens enzovoort, boden een troosteloos aanzien. Er gingen stemmen op om de haven te dempen.

Ongeveer vijftien jaar geleden keerde het tij. Het bedrijfsleven aan de haven, waaronder vanouds bekende bedrijven zoals de margarinefabriek Romi, de Magnesiet- en Amarilfabriek en de Matex (Van Ommeren), breidden meer en meer uit. Nieuwe bedrijven, waaronder de stuwadoors Intraboot en Hooymeyer, werden actief en langzamerhand ontwikkelde er zich een levendige overslag van hout, etenswaren, oliën en vetten, en alle mogelijke andere grondstoffen en producten in de vroegere vissershaven.

De gemeente Vlaardingen investeerde de nodige miljoenen in nieuwe kades en andere faciliteiten. Anno 1996 is de Koningin Wilhelminahaven, verleden jaar dus honderd jaar oud, een bloeiende overslaghaven geworden die juist door haar kleinschaligheid een eigen positie heeft weten te verwerven binnen het grote geheel van de “Port of Rotterdam”.

De expositie is gemaakt in samenwerking met de vereniging Vrienden van het Visserijmuseum. De tentoonstelling kwam tot stand dankzij financiële steun van Amed Agencies, Hooymeyer, Intraboot, J. de Jonge, Munia Marine Holland, Nederlandse Erts en Mineraalbewerking (NEM), Zethameta, Lensveld Transport Groep.

Het Visserijmuseum gevestigd aan de Westhavenkade te Vlaardingen is geopend van dinsdag tot en met zaterdag van 10.00-17.00 uur.

Nieuwe reddingboot

Burghsluis, het reddingsstation van de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM), krijgt volgende week zaterdag (27 januari) de nieuwe reddingboot “Graaf van Bylandt”.

De “Graaf van Bylandt” is de vijfde reddingsboot van het type Johannes Frederik. Nog drie van deze schepen zijn in bestelling bij de werf Aluboot in Hindeloopen, een teken dat het type goed bevalt.

De nieuwe “Graaf van Bylandt” heeft aan de achterzijde een groter werkdek dan haar voorgangers. De boeg is wat scherper en wat hoger dan bij de andere schepen. Dit maakt het zeegedrag iets vriendelijker tegen de zee in, met andere woorden: „De klappen bij mw weer zullen minder hard worden dan bij de voorgangers”. Door de hogere boeg zal met de zee voldoende volume overblijven om de boeg boven water te houden. Het werkdek wordt aan de achterzijde afgesloten door een klep, die in het water kan kantelen. Via deze klep kunnen drenkelingen gemakkelijk aan boord komen. Niet bij kennis zijnde drenkelingen kunnen met assistentie van de eigen bemanningsleden aan boord geholpen worden.

De boot is als eerste in deze serie uitgemst met een aanzienlijke brandbluscapaciteit en met een zogenaamde prewetting-installatie om het schip nat te houden bij het langszij komen van een brandend schip.

Mevrouw C. E. barones Collot d’Escury-Ledeboer, echtgenote van de voorzitter van de M. O. A. C. gravin van Bylandt Stichting, verricht volgende week om 11.30 uur de naamgeving. De stichting heeft tien overlevingspakken geschonken ten behoeve van de bemanning. De “Graaf van Bylandt” is betaald uit de erfenis die de graaf na zijn overlijden aan de KNRM naliet.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 20 januari 1996

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Unieke atlas in Scheepvaartmuseum

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 20 januari 1996

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken