Bekijk het origineel

Verkopers van onderhoudsvrije ‘computers’

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Verkopers van onderhoudsvrije ‘computers’

„Als je wacht op de nieuwste ontwikkelingen, koop je nooit een orgel"

8 minuten leestijd

Zes orgelpijpen, drie aan iedere kant, markeren op de etalageruit de zi nsnede “Stoi k Orgel s". In de s howroom wacht en donkergekl eurde kasten, rijen wi tte en zwarte toetsen en talrijke regi sterknoppen op een greti ge koper. Gekl eurde panel en aan de wand scanderen de merkname n Ahl born, Domus „ Emi nent en Johannus. Een kopi e van het schilderij van Feike Asma aan de klavi eren van het orgel i n de Oude Kerk te Amst erdam kreeg een plekje boven de t oonbank i n Ni euwerkerk aan den IJssel.

Een klant die bij Stoik Orgels binnenwandelt, wordt niet aan z’n lot overgelaten. Nadat hij een rondje langs de vijftig nieuwe en gebruikte instrumenten heeft gemaakt, stapt een verkoper op hem af. „Ik vraag wat voor orgel iemand zoekt, met of zonder pedaal, nieuw of gebruikt", vertelt Janco Belder, mederwerker van Stoik. „Afhankelijk van de wensen en de financiële mogelijkheden gaan we gericht zoeken. Een nieuw orgel met twee klavieren en een volledig pedaal kost minimaal tussen de zeven- k negenduizend gulden. Organisten met meer geld schaffen een instrument tussen de tien- en vijfendertigduizend gulden aan. Er is veel mogelijk, bijvoorbeeld een met de hand gemaakte positiefkast met trekregisters of een meubel naar eigen inzicht".

Niet iedereen wordt aangeraden een nieuw instrument te kopen. H. Stoik: „Als een vader met z’n zoontje, dat nog niet zo lang orgelles heeft, de zaak binnenkomt, raad ik aan een gebruikt model, waarvan we er een flink aantal hebben staan, te kopen. Zo maken ze een tussenstap. Blijft zoonlief orgelspelen, dan kunnen ze later weer een stapje verder gaan". Meestal kruipt Janco Belder of z’n collega, Wi m Alblas, achter de klavieren om een orgel te demonstreren. Janco: „Ik weet hoe de instrumenten in elkaar zitten en wat de mogelijkheden zijn. Steeds krijgt de klant hetzelfde soort stuk, in dezelfde registratie te horen: eerst de uitkomende stemmen, daarna volgt de opbouw naar het volle werk. Zo kan hij een goede vergelijking tussen de diverse merken maken. Ik probeer in de huid van een koper te kruipen. Ze moeten het orgel horen op de manier waarop ze het zélf willen gaan bespelen. Daarbij streef ik ernaar de instrumenten zo neutraal mogelijk te presenteren".

Schuur

Stoik zit pas sinds 1987 in de orgelbranche. Als particulier verkocht hij via de krant z’n eigen orgeltje. Dat ging zo gemakkelijk, dat hij her en der wat elektronische instrumenten opkocht en weer verkocht. Uiteindelijk verbouwde de conciërge z’n schuur, zette er orgels in en startte in 1988 met Stoik Orgels b.v.. De plaatselijke organist Arie de Vlaming assisteerde hem in de beginperiode bij de verkoop. Al snel kwam Janco Belder naar Nieuwerkerk aan den IJssel om Stoik op de zaterdagen bij te staan.

Het succes bleef niet uit. Inmiddels bezit Stoik zaken in Nieuwerkerk aan den IJssel, Nederhemert, Krabbendijke en Genemuiden. Daar gaan alleen klassieke orgels, per jaar zo’n vierhonderd, over de toonbank. Tweederde daarvan is nieuw. „De markt stabiliseert zich. Toch zijn er gelukkig nog steeds mensen die tot de aanschaf van een elektronisch orgel overgaan". Stoik houdt van orgelmuziek. Aan het demonstreren van instrumenten waagt hij zich echter niet. „Ik kan best een psalm spelen. Maar de mogelijkheden van een orgel laten horen, is een vak apart. Al m’ n medewerkers zijn daarom kerkorganisten".

Tijdens een stage bij Eminent deed Janco Belder veel technische kennis op. Na het behalen van het mts-diploma elektronica kwam hij in vaste dienst bij Stoik. In de beginjaren werkte hij wekelijks een of twee dagen in de fabriek van Eminent. Inmiddels komt hij bij diverse fabrikanten binnen, gaat met hen op pad om pijporgelklanken op te nemen en legt hun zijn ideeën voor. De fabrikanten op hun beurt vragen hem regelmatig om advies.

Advertentie

Iemand die zich op de koop van een nieuw orgel wil voorbereiden, krijgt van Stoik verschillende folders thuisgestuurd. Daarin staan disposities en prijzen. Janco: „De komst naar de winkel is echter onvermijdelijk. Uit een folder moet je nooit een orgel kopen. Afgaan op ideeën van anderen is ook gevaarlijk". „Iemand dient een orgel zélf te kiezen", stelt Stoik. „Daarbij moet hij niet op de prijs, maar op de klank afgaan. Impulsief handelen is ook uit den boze. Een orgel koop je niet op een beurs. Je kunt je daar breed oriënteren, maar de rust om de instrumenten uitgebreid te beluisteren, ontbreekt. Het orgel verdient intensieve aandacht. Er zijn klanten die na anderhalf uur de winkel verlaten. De koop is dan beklonken. Dat kan. Anderen komen drie keer terug of reserveren een avond om de orgels in alle rust te kunnen bespelen".

Regelmatig plaatst Stoik een advertentie vol aanbiedingen en uitroeptekens in de krant. Wordt er dan ‘overjarig koren’ opgeruimd om plaats te maken voor een nieuw model? Stoik: „Soms nemen we tien of twintig exemplaren van een model af Dat is voordelig voor de klant, omdat de fabriek maar één keer de machines af behoeft te stellen". Stellig: „We dumpen geen verouderde instrumenten. Heeft er een interieurverandering plaatsgehad, dan passen we de software in de orgels die op voorraad staan, aan. We zorgen dat we al tijd “up to date” zijn. Natuurlijk moet ombouw praktisch wel mogelijk zijn".

„Het beste moment om een nieuw orgel te kopen? Als je wacht op de nieuwste ontwikkeling, koop je er nooit een", stelt Janco. Voor eventuele mankementen hoeft iemand het ook niet te laten. „De huidige instrumenten zijn in feite onderhoudsvrije computers. Eventuele problemen doen zich meestal in de garantieperiode voor".

Kerk

Ook orgelcommissies kloppen in Nieuwerkerk aan den IJssel aan. Past een elektronicum wel in een kerk? „Mag je het woord elektronisch nog wel gebruiken?” vraagt Stoik zich af. „Je hoort het verschil met een pijporgel haast niet meer". Janco: „Er zijn gemeenten die geen pijporgel kunnen bekostigen. Tegenwoordig zijn de sample-technieken en de luidsprekers van een hoge kwaliteit. Je moet zo’n instrument op de ruimte afstemmen. Het aantal kanalen is ook van groot belang. Hoe meer kanalen, hoe breder het orgel klinkt. De intonatie vindt in de kerk plaats. We doen dat zelf omdat we beschikken over de computerprogramma’ s van Johannus, Eminent en Ahlborn. Soms wordt een orgel enige tijd na plaatsing, in overleg, met de organisten bijgeïntoneerd of worden verouderde systemen vervangen door nieu

Als een orgelcommissie vraagt wat het beste voor hun kerk is? „Een pijporgel blijft het mooiste", meent Janco. Stoik: „Cantor schiet met de slogan: “Alleen het origineel klinkt beter” in de roos. Maar als het visueel niet zichtbaar is, moet je bij verschillende stemmen heelgoed luisteren om er achter te komen of je naar een gesampled orgel of naar een pijporgel luistert".

Sampling

Wie folders van Ahlborn, Domus, Eminent of Johannus openslaat, wordt met allerlei ingewikkelde kreten om de oren geslagen. Woorden als dubbeldispositie, sampelen, transposer, midi in-out-thru, setzersysteem en multi channel-systeem zijn geen alledaagse kost voor de gemiddelde klant. Janco probeert enige helderheid te scheppen. „Het woord digitaal staat voor de techniek die wordt gebruikt. De fabrikant reist met z’n apparatuur naar een kerk en neemt daar digitaal een aantal stemmen van het pijporgel op. Deze stemmeninformatie wordt in een computer met geheugenvelden opgeslagen. Dit digitale geluid moet altijd naar een analoge weergave omgezet worden.

De eerste generatie digitale orgels vertoonde nog het euvel dat het aantal inge schakelde registers congruent met de vervorming was. Hoe meer registers, hoe meer vervorming. Dat kwam doordat de stemmen analoog bij elkaar werden opgeteld. Tegenwoordig gebeurt dat digitaal, wat een hele verbetering is. De klank is daardoor transparanter. Al zal het altijd luidsprekermuziek blijven. Het aantal kanalen, een versterker en een speaker, is bepalend voor de breedte van de klank. Daarnaast is het aantal generatoren belangrijk. Een generator maakt de klank. Iedere toonhoogte en klank is met behulp van de computer in te stellen".

De diverse merken klinken niet als eenheidsworst. Daarvoor zijn verscheidene redenen aan te wijzen. Janco: „Bij het sampelen bewerkt de fabrikant het digitaal vastgelegde geluidsignaal. ledere intonateur heeft een eigen klankbeeld voor ogen. Dat hoor je. Er zit verschil in karakter tussen de merken. De Hollandse orgelbouwers richten zich voornamelijk op Nederlandse instrumenten. Buitenlandse merken als Ahlborn en Domus nemen Duitse en Italiaanse orgels als uitgangspunt".

Dubbeldispositie

De kerkruimte is bepalend voor de klank van een orgel. „Een fabrikant kan daarom niet pretenderen de Batz van de evangelische-lutherse kerk in Den Haag of het Hinz-orgel van de Martinikerk in Bolsward thuis te bezorgen", stelt Janco. „Thuis moet je met de digitale nagalm een ruimte maken. De kerkruimte boots je nooit na".

Om weetgierige klanten tegemoet te komen, hoopt Stoik vanaf september regelmatig informatieavonden te beleggen. Per bijeenkomst kunnen zes k tien geïnteresseerden zich aanmelden. Janco Belder zal hun alles over de orgels vertellen: de klanktechniek, het intoneren en diverse midi-mogelijkheden.

Windfluctuatie

Even later rennen Belders handen over de toetsen. Enthousiast roept hij, al spelend, wetenswaardigheden over z’n schouder. „Door het C-Cis-lade-principe hoor je, net als bij een pijporgel, de ene toon links en de andere rechts klinken. De windfluctuatie past zich automatisch aan de hoeveelheid registers en de wijze van spelen aan. Moet je die Subbas horen.

Dankzij de speciaal ingebouwde subwoofer voel je hem gewoon. De galm moet je secuur afstellen op de ruimte. Veel galm is niet altijd mooi. Diverse merken bieden een aantal stemmingmodaliteiten, zoals de middentoon, Werckmeister III of een Franse-barokstemming". Janco past literatuur en speelwijze aan. Het klinkt overtuigend.

Grootschalige ontwikkelingen verwacht hij niet direct meer. „Een pijporgel wordt het nooit. Het zal meer om verfijning qua klank gaan. Stapje voor stapje kruipen we steeds verder naar het grote ideaal toe".

Volgende week deel 5: Muziekhandel Saul B. Groen, Amsterdam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Verkopers van onderhoudsvrije ‘computers’

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken