Bekijk het origineel

Stop in de mond van Van Wijnbergen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Stop in de mond van Van Wijnbergen

Ruimte tussen ambtelijke én persoonlijke verantwoordelijkheid moet kunnen

5 minuten leestijd

De hoogste ambtenaar op Economische Zaken, secretaris-generaal prof. dr. S. J. G. van Wijnbergen, moet zijn persoonlijke mening over het regeerakkoord en het beleid van Kok II achter "de haag zijner tanden" houden. Als hij al iets wil zeggen of schrijven, moet hij zijn minister, mevrouw A. Jorritsma-Lebbink, daarvoor toestemming vragen. Zo vergaat het dus boodschappers van slechte tijdingen: een stop in de mond.

Wat dat betreft is er in de laatste twintig eeuwen weinig veranderd. Al in de Romeinse tijd werden boodschappers gedood als hun tijding niet tot genoegen of tevredenheid van de hooggeplaatste geadresseerde was. Van Wijnbergen stelde vorige week zaterdag in het PvdA-Vlugschrift dat het regeerakkoord van het huidige kabinet, waarvan de inkt nog maar nauwelijks droog is, te optimistisch is.

Volgens de secretaris-generaal is de kans dat de crises in Azië en Rusland zich uitbreiden zo groot, dat het kabinet het beleid moet aanpassen. Hij adviseert het kabinet in het Vlugschrift het financieringstekort sneller dan voorgenomen te verlagen, ten koste van de afgesproken lastenverlichting.

Dat is niet zo'n beste boodschap, koud twee weken na het debat in de Kamer over de regeringsverklaring. De boodschap van Van Wijnbergen werpt een schril licht op de felle discussie tussen de voorzitters van de coalitiefracties PvdA en VVD over te nemen maatregelen als het financieringstekort zou omslaan in een financieringsoverschot. Melkert (PvdA) en Dijkstal (VVD) zochten in dat debat dus ruzie over het al of niet doen van mooiweer-uitgaven, terwijl zich aan de horizon donkere wolken van economische stagnatie en crisis opstapelen.

Boodschapper

Natuurlijk kreeg evenals in de oudheid de sprookjesverstoorder de volle laag van zijn politieke baas. Maandag had Van Wijnbergen nog in NRC Handelsblad gezegd dat zijn minister niet wist wat hij ging zeggen in het PvdA-Vlugschrift. "Nee, ik ben natuurlijk niet haar boodschapper". Mevrouw Jorritsma was dit pertinent oneens met haar ambtenaar. In navolging van GPV-fractievoorzitter Schutte vond de minister tijdens het dinsdagse vragenuurtje in de Tweede Kamer dat ambtenaren "natuurlijk wel boodschappers van de minister" zijn.

De uitermate verkrampte manier waarop de minister op haar topambtenaar reageerde, kan op twee mogelijkheden duiden: of Van Wijnbergen heeft gelijk maar had dit niet mogen zeggen, om de gezellige sfeer rond Prinsjesdag niet al te zeer te verstoren; of deze geprononceerde PvdA'er had gelijk en Jorritsma gebruikt zijn openhartigheid om hem te lozen, zodat zij vervolgens een man/vrouw van haar keus voor die post kan voordragen.

Het is opvallend dat de minister zo spastisch op uitlatingen van haar topambtenaar reageert. Ze had Van Wijnbergens gedachten beter kunnen afdoen als een vorm van doemdenken of zwartkijkerij. Ze had zelfs kunnen overwegen de beruchte passages te karakteriseren als een nuttige aanvulling op een reeds in de boezem van het kabinet gestarte discussie. Kortom, Jorritsma heeft hoe dan ook verkeerd gereageerd en daardoor de verhoudingen tussen haar en haar topambtenaar bewust of onbewust grondig verziekt.

Voorgangers

Nu is zij niet de eerste bewindspersoon op Economische Zaken die in de knel is gekomen door uitlatingen van de secretaris-generaal. Zo was een van Van Wijnbergens voorgangers, prof. dr. F. Rutten, beroemd én gevreesd om zijn nieuwjaarsbeschouwingen in het blad ESB. Rutten maakte daarvan vanaf zijn aantreden in 1973 een puur persoonlijke en soms uitermate kritische beoordeling van het kabinetsbeleid. Er werd altijd met spanning en soms met angst naar die beschouwing uitgekeken.

In 1990 ontstond er op EZ zelfs een complete rel over. Minister Andriessen eiste toen het artikel van Rutten voor plaatsing in ESB ter lezing op. Ruttens opvolger, mr. L. A. Geelhoed, zette de traditie van zijn ambtsvoorganger voort en leverde zijn persoonlijke mening over het door hem gewenste kabinetsbeleid in ESB. Ook Van Wijnbergen past voluit in die traditie.

Hebben Jorritsma én Schutte gelijk en moeten ambtenaren niet meer zijn dan boodschappers van hun minister? In formele zin en in de uitvoering van het kabinetsbeleid, dus in beleidsdaden, past inderdaad niets anders dan volstrekte loyaliteit. Van Wijnbergen is gehouden het door zijn minister gewenste beleid in gang te zetten en uit te voeren, ook al vindt hij dat het een totaal verkeerd beleid is. Als hij zich in dat beleid niet kan vinden, past hem maar één ding: zijn jas en tas pakken en wegwezen.

Meningsuiting

Maar een slag anders ligt het met het ventileren van gedachten en meningen. Er is in ons land nog zoiets als vrijheid van meningsuiting. Die wordt door Jorritsma en Schutte voor ambtenaren wel heel erg beknot. Zij willen kennelijk geen onderscheid maken tussen ambtelijke en persoonlijke verantwoordelijkheid van een ambtenaar. Deze kan in zijn functie iets moeten doen of laten waarover hij persoonlijk een slag anders denkt. Waarom zou hij dan zijn persoonlijke mening volledig achter z'n kiezen moeten houden?

Natuurlijk kunnen persoonlijke en ambtelijke opvattingen in één persoon niet wezenlijk met elkaar conflicteren, want dan is de geloofwaardigheid in het geding en ontstaat het beeld van een gespleten persoonlijkheid. Maar zo ligt het bij Van Wijnbergen niet. Hij denkt alleen maar een paar stappen voor het kabinetsbeleid uit en die gedachten spreekt hij uit, niet meer en niet minder. Die ruimte moet elke ambtenaar kunnen hebben.

Zo niet, dan wordt het in ons land een verkrampte toestand, waarin creativiteit en originaliteit worden afgestraft ten gunste van loyaliteit. Deze kwaliteiten kunnen best samengaan, mits er ontspannen mee wordt omgegaan. Jorritsma heeft daarvoor kennelijk geen talent en ook (nog) niet de noodzakelijke kennis en het inzicht. Vandaar die onnodige en ook wat overspannen reactie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 12 september 1998

Reformatorisch Dagblad | 44 Pagina's

Stop in de mond van Van Wijnbergen

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 12 september 1998

Reformatorisch Dagblad | 44 Pagina's

PDF Bekijken