Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Spookbeeld voor een sprookjeskasteel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Spookbeeld voor een sprookjeskasteel

Christie's veilt honderd privé-stukken van Etienne van Zuylen om restauratie De Haar te bekostigen

8 minuten leestijd

Torens, grachten, ophaalbruggen. Wapenschilden, harnassen en hellebaarden. Kasteel De Haar in Haarzuilens lijkt weggelopen uit een sprookje. Grote gebeeldhouwde draken bewaken de ingang van de buitenplaats. Maar het gevaar komt dit keer van een andere kant. "Als we niet snel ingrijpen, stort het kasteel over twintig jaar in", verklaart Marie-Louise van Dedem stellig. De Haar luidt de noodklok. Een veiling moet morgen de ergste druk van de ketel halen.

Scherp tekent het imposante silhouet zich af tegen de lichtgrijze lucht. Acht torens op het hoofdgebouw, zes op het chatelet, twee op het poortgebouw en één op de kerk. Tegen de daken van donkergrijze leisteen zitten ontelbare dakkapelletjes. Het kasteel weerspiegelt zich in het vrijwel rimpelloze grachtwater. Het monumentale bouwwerk ligt er ogenschijnlijk onkreukbaar bij. Oké, de honderden rood-witte vensters kunnen best een paar kwasten verf gebruiken, maar verder?

Een houten ophaalbrug geeft toegang tot een fraai aangelegd park. "De brug is op vele plaatsen verrot", zegt mevrouw Van Dedem, directeur van de Stichting Kasteel De Haar. Via een tweede ophaalbrug bereiken we de ingang van het kasteel. De natuurstenen traptreden vertonen breuklijnen, in de gevel liggen stenen los. De scheuren in de muren verdwijnen tot onder de waterspiegel van het grauwe grachtwater. Achter de massieve toegangsdeur bevindt zich een overdekte binnenplaats. De kap is door vocht aangetast.

Mevrouw Van Dedem wijst naar boven. "Zie je de scheuren daar, langs de balustrade? Als we niets doen, komt-ie straks naar beneden. Over acht jaar is het onverantwoord om nog langer publiek toe te laten", schat de directeur. "Te gevaarlijk". De ophaalbrug wordt dan voor de 60.000 bezoekers per jaar opgehaald.

"We hebben grote problemen", vat Van Dedem samen. Het kasteel is aan alle kanten, van top tot teen, gescheurd en gespleten. Onherstelbaar verval dreigt. Een vijf jaar geleden gestart onderzoek heeft de slechte bouwkundige staat van het middeleeuwse complex meer dan duidelijk aan het licht gebracht.

De moeilijkheden van het kasteel worden veroorzaakt door de eeuwenoude fundering die niet sterk genoeg is om het huidige gebouw te dragen. "Langzaam maar zeker drukt het kasteel zichzelf uit elkaar". De kapel en het chatelet op het landgoed verkeren in dezelfde erbarmelijke staat. Om de fundering de nodige tegendruk te geven, is het waterpeil in de gracht met een halve meter verhoogd. De maatregel biedt een beetje soelaas, maar heeft een vernietigende uitwerking op de tuinen en parken van het landgoed. Bomen en struiken rotten weg. "Een monument met internationale faam staat op het spel", zegt de stichtingsdirecteur.

Vergane glorie

De geschiedenis van Kasteel De Haar voert terug tot 1391. Geschiedschrijvers maken in dat jaar melding van de oprichting van een huis op een hoger gelegen stroomrug, een "haar", langs een vroegere arm van de Rijn. De ongewone, vijfhoekige vorm van De Haar dateert uit de 15e eeuw. De burcht ondergaat in de loop der jaren verschillende verwoestingen. Eind 17e eeuw ruïneren troepen van Lodewijk XIV de vesting.

In 1890 erft baron Etienne van Zuylen van Nijevelt van De Haar het vervallen landgoed van zijn vader. De baron is onder de indruk van de glorie en de sfeer die rond het landgoed zweven. Samen met zijn echtgenote, Hélène Rothschild, besluit hij Kasteel De Haar "als een feniks uit zijn as te laten herrijzen".

De baron neemt architect Petrus J. H. Cuypers (1827-1921) in de arm, die onder andere het Rijksmuseum, de Vondelkerk en het Centraal Station in Amsterdam op zijn naam heeft staan. Vol goede moed begint de bouwmeester aan zijn opdracht. Cuypers trekt voor de omvangrijke klus twee jaar uit. De optimist. Twintig jaar later wordt het kasteel opgeleverd.

Cuypers ontwerpt bestekken, deurklinken, bedden en kaptafels, maar legt ook technische hoogstandjes zoals centrale verwarming, een lift en stromend water aan. Met één druk op de knop zijn alle kasteelkamers te verwarmen en worden de twintig badkamers van warm water voorzien. Henri Copijn laat 7000 volwassen bomen uit Utrecht overkomen en legt daarmee heuse Versailles-tuinen aan. Bij de aanleg van de noordelijke tuin staat het dorp Haarzuilens in de weg. Geen nood. De huizen worden een voor een met de grond gelijkgemaakt en honderden meters verderop weer opgebouwd. Alleen de kerk mag op haar oorspronkelijke plaats blijven staan. In 1912 is de totale restauratie klaar.

Constructiefout

Architect Cuypers maakt echter een dramatische constructiefout. Bij de restauratie bouwt hij een nieuwe verdieping op de bestaande fundering, bekleedt de muren met natuursteen, terwijl hij de binnenplaats met een stalen constructie overdekt. Sinds de eeuwwisseling torst de zwakke fundering een veel te zwaar geworden kasteel. Langzaam buigen de buitenmuren onder het enorme gewicht naar buiten.

"Hulp is heel dringend geboden", benadrukt mevrouw Van Dedem. Een grondige restauratiebeurt van het kasteel, de kerk en het chatelet kost naar schatting 50 miljoen gulden. Tien jaar lang moet de buitenplaats daarbij in de steigers staan. Het kasteel blijft in die tijd voor het publiek toegankelijk.

De Stichting Kasteel De Haar rekent op een rijksbijdrage van 31,5 miljoen gulden. De overheid heeft echter geen geld. Twee subsidieverzoeken zijn inmiddels van de hand gewezen. "De Rijksdienst voor de Monumentenzorg heeft geen geld voor monumenten van deze afmeting", vertelt mevrouw Van Dedem. Ze heeft geen enkel zicht op een toezegging. Zorgen maakt ze zich nog niet. "Het geld moet er komen. Er is geen andere mogelijkheid". De stichting draagt zelf 18,5 miljoen gulden bij. Komend voorjaar moet De Haar duidelijkheid hebben. "Hoe langer we wachten, hoe groter het verval is en hoe duurder de materialen zijn. De situatie dreigt financieel onbeheersbaar te worden".

Veiling

De restauratie kan dus geen uitstel lijden. Om die reden houdt Kasteel De Haar morgenavond een veiling, waarbij baron Van Zuylen van Nijevelt van De Haar honderd stukken uit zijn privé-collectie verkoopt om de ad-hocrestauratie te bekostigen. "Deze veiling moet minimaal 1 miljoen gulden opbrengen om de ergste problemen aan te pakken". Veilinghuis Christie's tekent voor de uitvoering. "Bovendien willen we de problematiek breed onder de aandacht brengen", zegt mevrouw Van Dedem.

De te veilen stukken lopen in aard en omvang ver uiteen: van commodes in de Lodewijk-XV- en -XVI-stijl tot Japanse porseleinen dekselpotten. "We willen het kasteel niet leegplunderen. Daarom veilen we alleen stukken die niet tot de oercollectie van De Haar behoren", zegt Leila de Vos van Steenwijk, kunstspecialist van Christie's in Amsterdam. "Er staan bijvoorbeeld drie exact dezelfde kasten. Of vijf commodes. Dan veilen we er een of twee".

In de 300 tot 350 kamers zijn de betrokkenen op een enorme hoeveelheid onbekende kunstvoorwerpen gestuit. "De verzameling is een typisch voorbeeld van een collectie uit het eind van de 19e eeuw, gekenmerkt door een neogotische stijl. Behalve invloeden van de Renaissance zien we ook oriëntaalse kunst en verschillende christelijke stijlen".

In een vitrine op de eerste verdieping staat een sprekend voorbeeld. Een 17e-eeuwse lederen schoen, gemonteerd in zilver, met bovenop een ramskop met bel. Het schoeisel brengt naar schatting 80.000 tot 120.000 gulden op. Van de andere kant van de wereld komt de Japanse pagodegevormde bronzen klok, vervaardigd in het Komai-atelier. Deze antieke klok (1868-1912) moet ook ongeveer een ton opbrengen.

Kapotte stoelen

Bij de schilderijen van oude meesters gaat de aandacht vooral uit naar een laat werk van Pieter Aertsen (1507-1575), "De Parabel van de Koninklijke Bruiloft", naar Matthéüs 22:1-15. Aertsen beeldt hierin de genodigden af als geestelijken, waarmee hij de rooms-katholieke clerus op de korrel neemt. De Bruiloft moet één tot anderhalve ton opbrengen.

De veilingmeester kan morgenavond enkele tientallen stoelen en stoeltjes onder de hamer brengen. Prijzen variëren van een paar honderd tot enkele duizenden guldens. De liefde voor de houten skeletten moet wel erg diep zitten. De bekleding hangt er in de meeste gevallen aan flarden bij.

Het elegantste meubel uit Frankrijk is een 19e-eeuwse commode in de Lodewijk-XV- en -XVI-stijl, uitgevoerd -voor de fijnproevers- naar een voorbeeld van Jean-Henri Riesener (1734-1804), de bekende ébéniste-du-Roi. Goed voor een opbrengst van een 30.000 tot 40.000 gulden. Onder de Engelse meubelen is vooral de Edwardiaanse George-III-stijl prominent aanwezig. Deze stijl wordt gekenmerkt door het gebruik van satijnhout, mahonie en marquetrie. Een bureautje moet zo'n 25.000 gulden opleveren.

Verder biedt de veiling Delfts aardewerk en enkele kavels Europees porselein en 19e-eeuwse schilderijen met een duidelijke verwijzing naar de Victoriaanse stijl. Bijzonder fraai is een 18e-eeuwse encyclopedie, uitgegeven in Amsterdam en Parijs. Voor 20.000 tot 30.000 gulden kan een liefhebber zijn boekenkast volzetten met bruine, aangetaste ruggen.

Wereldwijd

Het internationaal befaamde veilinghuis Christie's verzorgt de veiling. "Een hele happening", zegt Bendetta J. F. Roux van Christie's Amsterdam. De veiling heeft plaats op de locatie zelf. Voor 70.000 tot 80.000 gulden heeft Christie's 7500 catalogi van 145 pagina's verspreid, waarin de collectie met kleurenfoto's is uitgestald. "All over the world", benadrukt Bendetta.

Christie's is maanden in de weer om de veiling op poten te zetten. "Normaal gesproken veilen we in Amsterdam. Nu moeten we de hele logistiek overbrengen naar Haarzuilens. In het kasteel is niets te vinden aan moderne voorzieningen". Het veilinghuis heeft achttien telefoonlijnen laten aanleggen. "Buitenlandse bieders van de andere kant van de wereld mogen telefonisch meedoen. Voor collectiestukken van meer dan 4000 gulden kunnen ze een telefoonlijn aanvragen. Vlak voor de veiling bellen wij hen op".

Het veilinghuis neemt deze inspanningen graag voor lief. "Een veiling op zo'n sfeervolle locatie levert meestal veel meer op dan in een cleane veilingzaal". Winstgevend zijn dergelijke housesales voor Christie's doorgaans niet. "We doen het vooral om onze naamsbekendheid te vergroten".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 12 oktober 1998

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Spookbeeld voor een sprookjeskasteel

Bekijk de hele uitgave van maandag 12 oktober 1998

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken