Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Subsidies voor boeren gaan op de schop

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Subsidies voor boeren gaan op de schop

Stijgende overschotten, uitbreiding EU en liberalisering noodzaken aanpassing

5 minuten leestijd

Voor de boeren breken spannende weken aan. De Europese Unie staat voor de grootste landbouwhervorming in haar geschiedenis. Dat het huidige beleid op de schop moet, wordt breed erkend, maar over de gewenste veranderingen lopen de meningen sterk uiteen.

De hervorming is onvermijdelijk. Voor een belangrijk deel is het een kwestie van geld. De problemen komen het duidelijkst aan de oppervlakte bij de productie van vooral graan en rundvlees en in mindere mate van zuivel. De prijzen van deze zogenaamde marktordeningsproducten liggen in de Europese Unie aanzienlijk hoger dan op de wereldmarkt. De consument betaalt er dus meer voor. Om deze producten ook buiten de EU te kunnen afzetten, krijgen de exporteurs van Brussel subsidie, waardoor zij een hogere prijs aan de boeren kunnen betalen.

Met de subsidies is echter steeds meer geld gemoeid, omdat de productie van graan en rundvlees toeneemt, terwijl de vraag stagneert. De overschotten nemen hierdoor toe. Bij zuivel is dat niet het geval, omdat daar een systeem van productiebeperking -de zogenaamde melkquota- van toepassing is.

De weerzin van de lidstaten tegen de almaar stijgende landbouwuitgaven, waarmee nu bijna de helft van het EU-budget van 187 miljard gulden is gemoeid, neemt toe. Dat geldt zeker in Duitsland en Nederland. Deze landen betalen nu jaarlijks meer geld aan de Europese Unie dan zij in de vorm van exportsubsidies en dergelijke terugkrijgen.

Bastion

De hervorming van het EU-landbouwbeleid is ook nodig voor het realiseren van de noodzakelijke financiële ruimte voor de uitbreiding van de EU. Het gaat hierbij in eerste instantie om Hongarije, Polen, Tsjechië, Estland, Slovenië en Cyprus. Het huidige beleid wordt veel te duur als ook de boeren in die landen dezelfde subsidies zouden krijgen. De veelal verouderde landbouw in deze landen is veel meer gebaat bij investeringen in kwaliteit, logistiek en verwerkende industrieën dan bij de invoering van melkquota en premies voor braaklegging die boeren in de EU krijgen voor het niet bebouwen van hun graanland.

Een ander argument voor de grote koerswijziging van het EU-beleid is de nieuwe onderhandelingsronde van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) over de liberalisering van de wereldhandel, die eind dit jaar van start gaat. Het WTO-overleg is het vervolg van het zeer moeizaam totstandgekomen GATT-akkoord uit 1994. Vooral landen als Australië, Nieuw-Zeeland, Argentinië, Brazilië en in iets mindere mate de Verenigde Staten zien de Europese Unie nog steeds als een bastion waarbinnen de boeren veel te veel steun krijgen. Hoewel de WTO-onderhandelingen zeker jaren zullen duren, is duidelijk dat de uitkomst leidt tot een verdergaande liberalisering. De EU zal haar exportsubsidies en andere prijsondersteunende maatregelen dan ook verder moeten afbouwen.

Agenda 2000

Om in te spelen op de veranderingen heeft EU-landbouwcommissaris Fischler al medio 1997 duidelijk aangegeven het Europese landbouwbeleid te willen hervormen. De commissaris wil de concurrentievervalsende prijssubsidies voor de producten sterk verlagen, zodat de prijzen dichter in de buurt van die van de wereldmarkt komen te liggen. Als vergoeding krijgen de boeren inkomenstoeslagen, al zullen deze de prijsdalingen niet volledig compenseren. Fischler borduurt met deze aanpak voor een deel voort op de zogenaamde MacSharry-hervormingen van het EU-landbouwbeleid uit 1992. Toen is de omslag van het beleid ondanks grote protesten van de Europese boeren al ingezet. De Europese Commissie wil nu alleen nog veel verder gaan. De prijssubsidies zijn gekoppeld aan de productie -hoe hoger de productie, hoe meer subsidie-, maar bij de inkomenstoeslagen is dit in principe niet het geval. Bij deze premies gelden extra voorwaarden. De boeren moeten bijvoorbeeld tegenprestaties leveren op het gebied van natuur, milieu en welzijn. In Europees jargon wordt dit "cross compliance" genoemd.

Vorig jaar heeft de Europese Commissie haar voorstellen voor de jaren 2000 tot 2006 uitgewerkt in Agenda 2000. Het gaat daarbij niet alleen om een ingrijpende hervorming van het landbouwbeleid, maar ook om een nieuwe verdeling van de structuurfondsen voor de arme regio's. Samen bepalen deze kosten nu circa 80 procent van het EU-budget. Weliswaar zal het landbouwbeleid de komende jaren meer geld kosten, maar op den duur moeten er door de ombuiging extra middelen vrijkomen voor de uitbreiding van de EU en ook voor het oplossen van andere problemen zoals de werkloosheid.

De ingrijpendste maatregelen voor de landbouw betreffen de verlaging van de prijzen voor zuivel, graan en rundvlees met respectievelijk 15, 20 en 30 procent. Het gaat hier om de zogenaamde zware marktordeningsproducten, die ongeveer 40 procent van de totale agrarische productie in ons land uitmaken. De boeren worden voor de prijsverlaging slechts gedeeltelijk gecompenseerd, zodat ze fors in moeten leveren.

Marathonvergadering

De plannen van Fischler roepen in de lidstaten veel kritiek op. Van de noodzaak van de hervormingen is iedereen overtuigd, maar over de gekozen richting verschillen de opvattingen aanzienlijk. Iedere lidstaat heeft zo zijn eigen voorkeuren, die vooral zijn ingegeven door de consequenties van de veranderingen voor het eigen land. Vooral over de aanpassingen bij rundvlees en zuivel zijn er scherpe meningsverschillen.

Tienduizenden boeren willen op maandag 22 februari in Brussel demonstreren tegen de hervorming van het landbouwbeleid. Ze eisen dat er een betere compensatie komt voor de voorgestelde prijsverlagingen. Maar wie dan wil weten hoe het gewenste beleid eruit moet zien, kan evenzovele meningen horen als er lidstaten zijn en zelfs binnen de lidstaten zijn de betrokkenen het vaak oneens over de gewenste koers.

Tussen de EU-landen is er dan ook nog geen zicht op een compromis, maar dat is niet vreemd. Het is volstrekt normaal dat in internationale onderhandelingen de knopen pas op het laatste moment worden doorgehakt. In de week van 22 februari moeten de ministers van Landbouw in een marathonvergadering van 3 dagen een oplossing zien te bereiken. Het ziet er door de grote meningsverschillen niet naar uit dat dat volledig lukt. Eind maart moeten de regeringsleiders van de lidstaten er dan in een extra top alsnog uit zien te komen. Tenminste, dat is het voornemen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 9 februari 1999

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Subsidies voor boeren gaan op de schop

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 9 februari 1999

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken