Nederlander wars van publiek militair vertoon
"Krijgsmacht toch zichtbaar maken"
DEN HAAG (ANP) - Nederland is nog altijd wars van publiekelijk militair vertoon als militaire parades, commando-overdrachten en medaille-uitreikingen. Dat blijkt een opinieonderzoek van het NIPO in opdracht van de Stichting Maatschappij en Krijgsmacht.
De resultaten van het onderzoek kreeg minister De Grave (Defensie) gisteren aangeboden bij de presentatie van het nieuwe kwartaalblad Civiel/Militair van de stichting. Een openbare commando-overdracht, zoals die binnenkort van de vertrekkende en komende landmachtchef op het Malieveld in Den Haag, spreekt maar een op de vier mensen aan. Alleen een militaire erewacht als bij Prinsjesdag valt nog net bij een meerderheid (55 procent) in de smaak.
De resultaten zijn opmerkelijk omdat minister De Grave na de viering van het 335-jarig jubileum van het Korps Mariniers vorig jaar in Rotterdam nog zei meer militaire parades te willen houden. Dat zou de moeizame werving bij Defensie ten goede komen en er zou na de jaren zeventig weer draagvlak zijn voor militaire zichtbaarheid.
Maar uit het onderzoek van Maatschappij en Krijgsmacht blijkt de Nederlander helemaal niet warm te lopen voor militair vertoon. Nederlanders weten ook nauwelijks waar ter wereld Nederlandse blauwhelmen rondlopen. Zo is de deelname aan de vredesmissie op Cyprus slechts bij 17 procent bekend. Ook denkt 55 procent dat defensie nog altijd meedoet in Kosovo, terwijl de laatste Nederlandse militairen vorig jaar juli terugkwamen.
Nog altijd 44 procent van de ondervraagden is sterk voorstander van een algemene dienstplicht voor jongens en meisjes, met een keuzemogelijkheid tussen een militaire en een sociale dienstplicht. Iets meer, 46 procent, is er fel tegen. Begin jaren negentig was nog 65 procent voorstander van een algemene dienstplicht.
Zichtbaar
In een reactie op het rapport verweet de Grave de onderzoekers een verkeerde vraagstelling te hebben gebruikt. Natuurlijk loopt de gemiddelde Nederlander niet warm voor grootscheepse parades door de straten, zoals in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, stelde hij. Waar het hem om gaat is de krijgsmacht weer zichtbaar te maken in de samenleving via openbare toegang tot evenementen die normaal gesproken in de beslotenheid van een kazerne plaatsvinden.
Juist de afschaffing van de dienstplicht heeft het militaire bedrijf weer op afstand gezet van de burger, vindt De Grave. De belangstelling is er echter wel degelijk, gezien de grote opkomst bij open dagen en de grote interesse van de media voor vredesmissies.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 2001
Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 2001
Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's