Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Groen en Bilderdijk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Groen en Bilderdijk

3 minuten leestijd

"Ik gevoel, lieve Willem!" schrijft vader Groen van Prinsterer aan zijn studerende zoon, "dat het voor U van veel belang en aangenaam wezen moet een zoo beroemd man, als Bilderdijk is, van nabij te kennen en te horen." De jonge Willem, die in 1817 in Leiden student rechten en geschiedenis werd, had eerder zijn vader toestemming gevraagd om bij de grote Bilderdijk lessen bij te mogen wonen. De zogenaamde ijsbreker van het Réveil was geen hoogleraar, maar gaf in zijn voorkamer aan de Hooigracht een klein aantal studenten een privatissimum.

Dokter Groen waarschuwt Willem wel "op Uwe hoede" te zijn voor de gedachten van de man - Bilderdijk staat bekend als reactionair, onruststoker en heethoofd. "Ik verlang te vernemen, of Gij bij de Heer Bilderdijk geweest zijt en hoe ontvangen." Op 18 januari 1821 schrijft Groen zijn vader dat hij voor de eerste keer bij Bilderdijk lessen heeft gevolgd. Tijdens de lessen behandelt Bilderdijk vooral de geschiedenis van het vaderland. Maar dat vat hij zeer ruim op; alles wat hem bezighoudt, brengt de grote romanticus te berde. Diepe wijsheden wisselen grote fantasieën af.

Dokter Groen laat Willem gaan, maar niet elke vader is gerust. Professor Van Lennep betreurt de toestemming aan zijn zoon. Hij heeft veel moeite om hem weer uit diens "zwarte periode" van het bilderdijkianisme te halen. Ook Gijsbert Karel van Hogendorp is niet erg tevreden met de ideeën die zijn zoons Willem en Dirk onder Bilderdijks invloed aanhangen. Maar Willem Groen brengt er "heerlijke uren" door. Hij erkent de charme van Bilderdijks welsprekendheid én Bilderdijk zet hem aan het denken. In huize Bilderdijk ontmoet hij intussen goede vrienden, van wie er later veel in de Haagse Réveilkring verkeren. "Ik ben, zegt men, en gaarne zeg ik het ook, kwekeling van Bilderdijk", meldt hij eens. In 1831: "Wat is hij voor Nederland geweest en hoeveel meer had hij reeds nu kunnen zijn, ware de invloed zijner krachtige taal niet door vooroordeelen van onderscheiden aard, bovenal door de dwaze ingenomenheid met de vermeende voortreffelijkheid onzer tijden, tegengewerkt."

Maar Groen is geen slaafse volgeling. "Van Bilderdijkianisme was bij mij geen zweem. Door deze contra-revolutionaire felheid ben ik niet medegesleept."

Van Bilderdijk als historieschrijver is Groen bijvoorbeeld niet onder de indruk. Twee dagen na het verschijnen van het eerste deel over de vaderlandse geschiedenis schrijft hij: "Doch ook de bloote inzage van dit deel heeft mij overtuigd, dat de schrijver dit gedeelte der geschiedenis niet zóó grondig heeft bestudeerd, als ik tot nu toe had gedacht." Volgens Groen was Bilderdijks fout niet partijdigheid, maar zijn gebrekkige onderzoek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 14 mei 2001

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Groen en Bilderdijk

Bekijk de hele uitgave van maandag 14 mei 2001

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken