Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Controverse rondom   oorlogsmonument VS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Controverse rondom oorlogsmonument VS

Nazi-verleden eigenaar bouwer speelt op

2 minuten leestijd

NEW YORK - De Duitse eigenaar van een van de twee aannemersbedrijven die in Washington een monument gaan bouwen ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog, gebruikte in de oorlogsjaren slavenarbeiders uit concentratiekampen. Deze onthulling heeft in de VS het nodige stof doen opwaaien en verschillende politici hebben al om een onderzoek gevraagd.

De aannemersbedrijven Grunley-Walsh Construction en Tompkins Builders haalden vorige week het contract binnen voor de eerste fase van de bouw van het monument ter waarde van 56 miljoen dollar (145 miljoen gulden). Tompkins Builders is eigendom van het grotere aannemersbedrijf J. A. Jones dat op zijn beurt weer eigendom is van de Duitse aannemersgigant Philipp Holzmann AG. Holzmann gebruikte in de nazi-jaren zoals honderden andere Duitse bedrijven slavenarbeiders uit concentratiekampen. Het bedrijf heeft toegezegd daarom te zullen meebetalen aan een fonds van het Duitse bedrijfsleven voor compensatie van voormalige slavenarbeiders.

De onthulling heeft nogal wat commotie veroorzaakt in de VS. De senatoren Charles Schumer uit New York en George Allen uit Virginia hebben al om een onderzoek gevraagd. De vraag is of het Congres iets aan de situatie kan doen, omdat het monument niet met overheidsgeld wordt gefinancierd. De 170 miljoen dollar ervoor zijn bijeengebracht door een particuliere organisatie. Woordvoerder Conley van deze organisatie noemde het gisteren "oneerlijk" om Tompkins te beschuldigen van een nazi-verleden. Het bedrijf werd in de jaren zestig overgenomen door J. A. Jones, dat in de oorlogsjaren talrijke militaire bases bouwde voor de Amerikaanse overheid. "In 1979 werd J. A. Jones en daarmee ook Tompkins overgenomen door Holzmann. Er is dus geen sprake van nazi-sporen in het verleden van Tompkins", aldus Conley.

Verkeerde plaats

Sommige groepen verzetten zich tegen de bouw van het monument in Washington, niet zozeer vanwege het monument op zich maar omdat men vindt dat het op de verkeerde plaats komt.

Zij grijpen nu de "nazi-onthulling" over Tompkins aan om hun protestacties te intensiveren.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 2001

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Controverse rondom   oorlogsmonument VS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 2001

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's