Bekijk het origineel

Rugova getuigt voor Joegoslavië-tribunaal

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Rugova getuigt voor Joegoslavië-tribunaal

2 minuten leestijd

DEN HAAG - De president van Kosovo, Ibrahim Rugova, getuigt morgen in het proces tegen Slobodan Milosevic voor het Joegoslavië-tribunaal. Dit heeft een adviseur van hoofdaanklaagster Carla Del Ponte gisteren laten weten.

Rugova gaf jarenlang leiding aan het vreedzame verzet van de Kosovo-Albanezen tegen het Milosevic-bewind. Na de NAVO-bombardementen in 1999 kwam de Servische provincie onder VN-bestuur. Onder toezicht van de volkerenorganisatie is Rugova nu president van een beperkt Albanees zelfbestuur. Rugova werd door sommige Kosovo-Albanezen beschuldigd van verraad toen hij tijdens de NAVO-bombardementen op Joegoslavië een ontmoeting had met de toenmalige Joegoslavische president Milosevic.

Tijdens het Milosevic-proces voor het Joegoslavië-tribunaal zijn gisteren opnieuw Kosovo-Albanese slachtoffers gehoord. Hun getuigenissen gingen over de deportaties en moorden tijdens de NAVO-bombardementen in het voorjaar van 1999, het hoogtepunt van de Servische onderdrukking en vervolging. Dr. Emin Kabashi (53), een etnisch Albanese moslim, die lid was geworden van het Kosovo-Bevrijdingsleger (UCK), getuigde over de verdrijving van de Albanezen uit de Kosovaarse hoofdstad Pristina. Ook bij hem kwamen agenten aan de deur met de mededeling: "Jullie wilden de NAVO. Wie niet vertrekt, zullen wij oppakken en verbranden. Dit is Servië." Een van de buren van het huis waar Kabashi zich schuilhield, was toen al vermoord.

"Pristina werd wijk voor wijk gezuiverd", aldus Kabashi. Ook op weg naar het station werd Kabashi bedreigd. In een overvolle trein, waarin sommige Kosovaren overleden, bereikte hij uiteindelijk de Macedonische grens.

Gani Hajredinaj (45) vluchtte uit zijn dorp nadat dat door de Serviërs was beschoten. Met duizenden anderen probeerde hij de stad te bereiken die door de Serviërs Vucitrn en door de Albanezen Vushtrri wordt genoemd. Het konvooi werd door de Serviërs beschoten met granaten en machinegeweren.

Kabashi en Hajredinaj behoren tot een groep getuigen die eigenlijk alleen via een versnelde, schriftelijke procedure hadden moeten worden ingebracht in het proces.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 2002

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Rugova getuigt voor Joegoslavië-tribunaal

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 2002

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken