Grijze wolven belagen Turkse kerken
Protestantse kerk in de verdrukking gaat juridische strijd met autoriteiten aan
Halverwege de zondagse zangdienst onderbreekt de Turkse predikant ds. Levent Kinran plotseling de bijeenkomst. Kinran is voorganger van de Turkse protestantse Anadolu-kerk aan de Aziatische kant van Istanbul. "Ruim 200 ultrarechtse betogers staan op ditzelfde moment voor de kerk in de wijk Cerrahpasa aan de Europese zijde van Istanbul", zegt ds. Kinran. "Ze schreeuwen, ze roepen. De situatie is dreigend! Laten we bidden voor onze broeders en zusters."
Er valt een diepe stilte. De gezichten betrekken. Dan begint de hele Anadolu-gemeente hardop te bidden voor de zustergemeente aan de andere kant van de Bosporus.
Na een kwartier verstoort de mobiele telefoon van voorganger Kinran opnieuw de eredienst. Als hij het gesprek beëindigd heeft, zegt hij: "De politie heeft ingegrepen en de betogers uiteen gejaagd. De Heere zij geprezen. Maar, onderdrukking hoort bij ons christenzijn. Laten we niet verbaasd staan als binnenkort zoiets voor onze kerkdeur gebeurt."
"Wij willen in onze wijk geen kerk." Dat is de slogan op spandoeken van de betogers in Cerrahpasa. Aan het einde van hun protestactie zingen ze het Turkse volkslied. Ze willen dat de overheid dit soort "symbolen van zendingsactiviteiten" (kerken) sluit. De actie blijkt georganiseerd te zijn door de Nationalistische Volkspartij (MHP), waarvan de aanhangers ook wel de bijnaam "grijze wolven" dragen.
"De zendelingen misbruiken de economische crisis om onze jeugd te indoctrineren", meent woordvoerder Cafer Yaylan, tevens voorzitter van het lokale MHP-partijbureau. Hij beschouwt de lokale Turkse kerk als een buitenlandse zendingspost en kan zich niet voorstellen dat Turken ook het christelijk geloof kunnen aanhangen. "Tijdens interviews voor de Turkse televisieomroep TGRT vroeg men ons na afloop van onze kerkdienst hoeveel geld wij geven aan mensen om ze te bekeren tot christen", vertelt Serap Gunay. Zij is de echtgenote van de voorganger van de Cerrahpasa-kerk en was aanwezig tijdens de dienst, terwijl haar echtgenoot op dat moment thuis ziek op bed lag. "Uiteraard houden we ons niet met zulke omkooppraktijken bezig", zegt mevrouw Gunay.
De actie van de grijze wolven overviel haar volkomen: "Het leek alsof het niet echt was. In onze gemeente hebben we twee familie die nog maar pas tot geloof gekomen zijn. Die mensen hebben de schrik flink in de benen."
Pesten
Het incident is kenmerkend voor de dreigende atmosfeer en toenemende druk die de ongeveer veertig Turkse protestantse kerken in Turkije (met in totaal zo'n 2000 leden) de laatste maanden ondergaan. Er gaat vrijwel geen week voorbij of er vinden arrestaties en pesterijen plaats.
Recent ondervroeg de militaire politie een Turks kerklid maarliefst acht dagen lang. De openbare aanklager beschuldigde haar na alle verhoren ervan dat ze een Bijbel had uitgereikt aan twee mensen die nog niet de meerderjarige leeftijd hadden bereikt. Enige Turken die een christelijke boekhandel in het zuidoosten van het land hebben geopend, worden sindsdien voortdurend lastig gevallen door politie in burgerkleding.
Ook de internationale protestantse kerken staan onder vuur. Zo ontving afgelopen week de Internationale Protestantse kerk in Ankara (IPCA) een anonieme bommelding. De zoon van een ouderling nam nietsvermoedend de telefoon op. "We gaan de kerk opblazen", blies iemand in zijn oor. "We zijn Palestijnen en niet bang om te sterven", zei de man met een oosterse stem.
"Ik schrok me wild. Ik zal dat telefoontje niet gauw vergeten", zegt Peter Johnson. Als gevolg van de dreigementen moest de zondagse dienst worden afgelast.
Huiskerk
Het Turkse ministerie van Binnenlandse Zaken gaf vorig jaar, op 17 augustus, het feitelijke startsignaal voor de toenemende druk op de Turkse protestantse kerken. Ankara spoorde provinciale gouverneurs aan om wettelijk actie te ondernemen tegen huiskerken die bijeenkomen in gebouwen die volgens de lokale bestemmingsplannen niet officieel voor religieus gebruik beschikbaar zijn.
Meer dan 23 Turkse protestantse kerken in Istanbul, Ankara, Diyarbakir, Bursa en Mersin kregen vlak voor Kerst het bericht dat ze de deuren zouden moeten sluiten. Hun kerk kwam niet overeen met het bestemmingsplan. Bovendien zouden de kerken strafbaar zijn omdat ze zonder toestemming van het ministerie van Onderwijs godsdienstlessen gaven. Protestantse kerken in Izmir en Gaziantep waren al verwikkeld in dergelijke rechtszaken.
"De gouverneur werd gevraagd om geen officiële actie te ondernemen om de protestanten als legaal te erkennen", meldt het persbureau Compass Direct. "We zijn dus niet illegaal. Maar we zijn ook niet wettelijk erkend", zegt een raadslid van de alliantie van Turkse protestantse kerken in Turkije.
"Juist toen deze onderdrukking begon, kwam een aantal landelijke televisiestations tijdens de vastenmaand Ramadan met allerlei programma's over christelijke activiteiten in Turkije", zegt een lokale voorganger in Istanbul die anoniem wenst te blijven. "Ik geloof dat sommige mensen in de regering deze programma's wilden om een negatieve publieke opinie te creëren."
Niet alle Turkse protestantse kerkleiders delen zijn mening. Enkele Turkse protestantse voorgangers durfden hun nek uit te steken door openlijk voor de camera's en voor het oog van miljoenen kijkers hun geloof uit te leggen. Dat bracht veel opschudding in Turkije teweeg. Een Turk is automatisch een moslim. Een christen-Turk staat gelijk aan een landverrader. Dat is de zienswijze van velen. Zo vertelde een Turkse parlementariër de Turkse predikanten tijdens de life programma's ronduit dat hij vond dat de overheid hun kerken maar gauw moest sluiten. Een islamitische hoogleraar van de Marmara-universiteit maakte hen in lange scheldkanonnades uit voor rotte vis. De vrouw van een van de predikanten ontving naderhand diverse telefoontjes met dreigementen.
Intimidatie
Inmiddels heeft de alliantie van Turkse protestantse kerken een gemeenschappelijke advocaat ingehuurd om het juridische gevecht aan te gaan. Mustafa Demir, die de meeste kerken in Istanbul vertegenwoordigt, is optimistisch. "De Turkse grondwet is net gewijzigd en veel bestemmingsplannen staan wel islamitische gebedshuizen toe. Daarom zie ik geen reden voor de protestantse christenen om zich te laten intimideren. We zullen deze zaak zeker winnen."
Orhan Kemal Cengiz, een advocaat in Izmir die zich specialiseert in godsdienstvrijheid, reageert ook hoopvol: "Het klopt dat de Turkse wetgeving geen regels geeft hoe je een kerk kunt openen. Maar de Turkse overheid laat mensen wel vrij om van geloof te veranderen. Dat betekent ook dat men de vrijheid heeft zijn geloof uit te dragen en samen te komen."
Een Turkse voorganger noemt het "een voorrecht te leven in een land waar de grondwet vrijheid van godsdienst garandeert. We zijn daarom verplicht om ons pro-actief op te stellen en onze positie als protestantse christenen helder en duidelijk te maken", stelt hij.
Zekai Tanyar is contactpersoon voor de alliantie van protestantse kerken in Turkije. De alliantie beperkt zich vooralsnog tot een nationale actie. Bewust zoekt men niet op Europees niveau hulp. "Eerst moeten de wettelijke mogelijkheden in Turkije zelf uitgeput zijn."
Tanyar bevestigt dat de financiële last van dit juridisch gevecht voor de ongeveer twintig aangesloten jonge en vaak kleine kerken groot is. Ze schat dat de juridische kosten voor dit jaar tussen de 11.000 tot 45.000 euro gaan belopen. "Dat hoogste bedrag geldt als we iemand kunnen inhuren die zich actief zal inzetten op overheids-, diplomatiek en medianiveau."
Prioriteit
Tanyar meent dat de weinig draagkrachtige, aangesloten kerken maximaal zo'n 7000 euro bij elkaar kunnen brengen voor deze nationale actie. "Dat betekent dat we 38.000 euro tekort komen. In het licht van de huidige ontwikkelingen zie ik echter niet in hoe we verder kunnen zonder zo'n gemeenschappelijke en resolute inspanning op landelijk niveau."
Ercument Tarkan, medevoorganger van een Turkse protestantse kerk in de wijk Bostanci in Istanbul, onderschrijft Tanyars mening. "Onze hoogste prioriteit de komende tijd is om officieel door de overheid erkend te worden. We moeten het Turkse volk laten zien dat christenen geen bedreiging voor de nationale eenheid vormen, maar juist geweldig positieve bijdragen leveren aan het welzijn van Turkije."
Hij heeft recht van spreken. Tarkans gemeente heeft met man en macht meegeholpen om de slachtoffers van de twee ernstige aardbevingen in 1999 op allerlei manieren te helpen. Zijn kerk heeft eveneens ruim veertien maanden gestreden om officiële erkenning van de Turkse overheid. Die volharding werd eind 2000 beloond toen het opperste Turkse gerechtshof voor de eerste keer in de geschiedenis een Turkse protestantse kerk een legale status verleende als "godsdienstige stichting".
In navolging van Tarkans kerk probeert voorganger Ihsan Ozbek voor zijn 300 leden tellende gemeenten in Ankara eenzelfde status te geven. Een kleine verschrijving in de aanvraag heeft dat proces vertraagd, maar Ozbek verwacht over enige tijd positief resultaat. Het zou voor de Turkse kerken een tweede mijlpaal betekenen.
Mijlpaal
Ondanks de mijlpaal van Tarkans kerk zien de Turkse protestantse leiders van de alliantie het gemeenschappelijke juridische gevecht als verreweg de belangrijkste strijd tot nu toe voor officiële erkenning van de Turkse overheid. "Het gaat er hier in feite niet om wat voor gebouw we gebruiken. Dit is een gevecht om erkenning van de Turkse autoriteiten. Tot dusver negeren ze het feit dat er een Turkse kerk in Turkije bestaat", aldus een voorganger in Istanbul die anoniem wenst te blijven.
Toch is erkenning niet het eindpunt van dit juridische gevecht, meent hij. "Wat betreft de nabije toekomst voorzie ik dat we op een kruispunt komen. Waarom? Zelfs als de Turkse regering besluit om de Turkse kerk te erkennen, zullen ze een structuur willen waardoor ze controle over de kerk kunnen uitoefenen. De cruciale vraag komt dan of wij die controle wel of niet zullen toestaan. Ik vermoed dat de kerken die dat niet zullen toestaan ervoor kiezen om ondergronds te gaan."
Een ondergrondse kerk is echter het laatste waar de Turkse protestantse kerken op zitten te wachten. "Dat willen we absoluut niet. We moeten de balans zien te vinden waarin we God kunnen dienen en de autoriteiten kunnen gehoorzamen."
Als Turkije werkelijk bij de Europese unie wil komen, moet het land ook toestaan dat er in het kader van godsdienstvrijheid kerken worden gesticht, menen politieke waarnemers. "In Nederland hebben zo'n 300.000 Turken alle vrijheid om moskeeën te bouwen en islamitische scholen te stichten. Laat ze dan alsjeblieft hun eigen landgenoten in Turkije de vrijheid geven om als christen-Turk kerken te openen."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 mei 2002
Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 mei 2002
Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's