Bekijk het origineel

Islam, integratie en inspectie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Islam, integratie en inspectie

CDA-kamerlid De Vries heeft nog vragen na rapport over moslimscholen

7 minuten leestijd

Jongens en meisjes horen in aparte klassen onderwijs te krijgen. Mannen en vrouwen mogen elkaar geen hand geven. Dat leren kinderen in Nederland, op scholen op islamitische grondslag. Het CDA-kamerlid J. M.de Vries heeft onvoldoende informatie om te kunnen beoordelen of dit wettelijk gezien wel of niet mag. Wat hij wel weet is dat de onderwijsinspectie geen godsdienstlessen bij moet wonen. Op dit punt hoeven christelijke scholen nergens bang voor te zijn.

Eind vorige week bracht de Inspectie van het Onderwijs een rapport uit over de vraag of de 35 islamitische basisscholen en de twee islamitische scholen voor voortgezet onderwijs in ons land de integratie van de leerlingen in de Nederlandse samenleving wel of niet belemmeren. Aanleiding voor het onderzoek was een rapport van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (voorheen Binnenlandse Veiligheidsdienst) van februari dit jaar waaruit bleek dat politiek-religieuze organisaties en strenge islamitische landen via moskeeën en het islamitisch onderwijs invloed proberen uit te oefenen en zouden oproepen tot haat ten opzichte van niet-moslims.

Daarop werd de onderwijsinspectie ingeschakeld. Het vorige week uitgebrachte rapport klonk geruststellend. Bijna alle islamitische scholen kiezen voor een open houding naar de Nederlandse samenleving en dragen bij aan de sociale cohesie, zo staat in het rapport. Niettemin blijven er punten ter verbetering bestaan, zoals een betere scheiding tussen bestuur en directie en de noodzaak voor de schoolleiding om zich op de hoogte te zijn wat er gebeurt tijdens de godsdienstlessen en bij het onderwijs in de eigen taal.

Drie scholen, in Amsterdam, Enschede en Leiden, doen het niet goed. Daar lijkt sprake van onvoldoende integratie. De scheiding tussen jongens en meisjes en tussen mannen en vrouwen komt voor op een basisschool in de hoofdstad.

Het CDA-kamerlid J. M. de Vries is nog niet gerustgesteld door het rapport van de onderwijsinspectie. "De vraag is of de inspectie alles heeft kunnen beoordelen en voldoende zicht heeft op wat er in de school gebeurt. In eerste instantie wordt natuurlijk gekeken naar de kwaliteit van het onderwijs, dat is de taak van de inspectie. Maar we moeten beseffen dat dit ook een beperkte taakstelling is. De vraag is of er niet meer gebeurt in sommige scholen."

Verdient de inspectie een onvoldoende met dit rapport?

"De vaste Tweede-Kamercommissie voor onderwijs heeft donderdag afgesproken om met de inspectie door te spreken over de vraag hoe zij haar onderzoek heeft uitgevoerd. Volgens mij heeft de inspectie de opdracht van de minist er van Onderwijs goed uitgevoerd. Een aantal hoogleraren heeft kritiek op de wijze waarop het onderzoek is uitgevoerd. Ze vragen zich af of de inspectie wel voldoende heeft gekeken naar het vak godsdienstonderwijs. Ik kan nog niet beoordelen of er sprake is van een storm in een glas water. Er kan meer aan de hand zijn. Daarom gaan we dat gesprek aan met de inspectie. De vraag is of ze alles heeft gerapporteerd. Vooralsnog heb ik geen aanwijzingen dat er handelingen plaatsvinden die strafrechtelijk onderzoek rechtvaardigen, maar als er aanwijzingen zijn, moet het openbaar ministerie optreden."

Wat vindt u ervan dat scholen aan meisjes en jongens apart onderwijs geven en dat scholen leren dat mannen en vrouwen elkaar geen hand moeten geven?

"Ik denk dat de scholen zo handelen op basis van hun geloofsovertuiging. Maar hun handelen is niet gericht op integratie in de maatschappij, want die kent geen gescheiden ontwikkeling. Ik heb er grote zorgen over. Laten we anderzijds niet vergeten dat gescheiden onderwijs in Nederland vijftig jaar geleden ook nog volop voorkwam. Nederland heeft daarna wel een ontwikkeling doorgemaakt. Het zou kunnen dat de islamitische zuil nog niet zo ver is. Maar het past niet in de manier waarop wij nu in onze maatschappij vinden dat mannen en vrouwen met elkaar moeten omgaan."

Moet de overheid deze praktijken verbieden?

"De onderwijsinspectie moet daar eerst een onderzoek naar doen. Ik kan op afstand als kamerlid daar geen oordeel over vellen. Ik heb onvoldoende informatie. De vraag is of dit past bij de onderwijsdoelstelling van de school dat jongeren voorbereid moeten worden op een plaats in de samenleving."

Uw fractievoorzitter, Verhagen, heeft vorige week zaterdag gezegd dat het openbaar ministerie een kijkje moet gaan nemen bij de islamitische scholen. Waarom?

"Hij heeft het in een breder kader geplaatst. Het ging hem om alle scholen. Als scholen bewust niet bijdragen aan de integratie en als uiting daarvan oproepen tot haat ten opzichte van andere bevolkingsgroepen, dan moet het openbaar ministerie een onderzoek instellen. Hij heeft bewust niet de drie scholen genoemd. Er is namelijk meer dan het inspectierapport. In de media duiken regelmatig berichten op over de gang van zaken op islamitische scholen die niet in het inspectierapport terug te vinden zijn. Er gebeuren blijkbaar nog andere dingen. Overigens, als op grond van een onderzoek door het openbaar ministerie een school wordt vervolgd en veroordeeld, dan moet de minister van Onderwijs ook de bekostiging stopzetten."

De Vries vindt dat de onderwijsinspectie zich actiever moet opstellen in de richting van de islamitische scholen. "Het moet niet blijven bij een brief waarin enkele opmerkingen staan, maar er moeten concrete afspraken met data worden gemaakt. Zeker één keer per twee maanden moet de inspectie langsgaan bij scholen waar grote zorgen over zijn. Ik vind het inspectierapport op dit punt te vaag."

Verhagen heeft ook voorgesteld allochtone leerlingen met achterstanden in aparte klassen bij te scholen. Bevordert dat de integratie?

"In het voortgezet onderwijs zien we dat veel allochtone leerlingen nog een taalachterstand hebben, ondanks het feit dat velen van hen in Nederland zijn opgegroeid. Die kunnen baat hebben bij parallelklassen waar ze extra taallessen krijgen. Er zijn natuurlijk ook lessen waarbij deze leerlingen niet apart hoeven te zijn van de hele groep, zoals bij gymnastiek en muziek. De parallelklassen bieden ook de mogelijkheid om aandacht te besteden aan de Nederlandse waarden en normen. Als de leerlingen weer op gelijk niveau zijn, kunnen ze weer in de gewone klas."

PvdA en VVD hebben al gezegd dat de inspectie van het onderwijs ook godsdienstlessen moet bijwonen. Bent u daar ook voor?

"Het bijwonen van lessen is een achterhaalde inspectiemethode. Dat gebeurde vroeger. De leraar had zijn les uitstekend voorbereid, de leerlingen gedroegen zich voorbeeldig en er viel geen onvertogen woord. Dat voegde dus weinig toe. Daarom heeft het nu ook weinig zin om te vragen of de inspectie godsdienstlessen bij wil wonen. Al zouden scholen al willen aanzetten tot haat of iets dergelijks, dan zal het zeker niet tijdens die lessen gebeuren.

Mijns inziens is de inspectie ook niet de instantie die als eerste moet ingrijpen op het moment dat scholen aanzetten tot strafbaar handelen, maar het openbaar ministerie. Bovendien vind ik dat er wel heel zwaarwegende argumenten moeten zijn om de inspectie godsdienstlessen te laten beoordelen. Er is ook in ons land een scheiding tussen kerk en staat.

We moeten in dit dossier ervoor oppassen mee te deinen op de golven van de publieke opinie en nu deze weg in te slaan."

Maar was het nu juist niet de inspecteur-generaal die zei dat ze wel eens graag onderzoek wilde doen naar godsdienstlessen? Daarmee gaat ze toch buiten haar boekje?

"Die uitlating heeft mij ook verbaasd. Ze zou dit niet moeten willen. Dat is ook een van de vragen die ik haar zou willen stellen als we als vaste kamercommissie met haar spreken. Maar uiteindelijk is het natuurlijk de minister van Onderwijs die bepaalt wat de inspectie gaat doen. En ik heb geen enkele aanwijzing dat mevrouw Van der Hoeven iets anders wil dan de huidige situatie. Daar is het CDA het mee eens. Dat betekent dus geen inspectiebezoek tijdens godsdienstlessen."

Is het terecht dat christelijke scholen bezorgd zijn over deze discussie?

"Nee. In de eerste plaats omdat er geen enkele aanwijzing is dat het godsdienstonderwijs op christelijke scholen desintegrerende elementen bevat of dat het tegen de Nederlandse rechtsorde in zou gaan. Bovendien is het godsdienstonderwijs op christelijke scholen uiterst transparant. Ze leggen uitgebreid verantwoording af over de manier waarop ze godsdienstonderwijs geven. Zij hoeven zich geen zorgen te maken."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 9 november 2002

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

Islam, integratie en inspectie

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 9 november 2002

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

PDF Bekijken