Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Greppels dempen in de bergen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Greppels dempen in de bergen

WNF: Ardennen kunnen veel water langer vasthouden

5 minuten leestijd

De afgelopen halve eeuw nam Nederland voortvarende en inmiddels wereldbefaamde initiatieven om zich tegen de zee te beschermen. Met hogere zeeweringen en Deltawerken. Dat betekent niet dat daarmee de strijd tegen het water gestreden is. Integendeel, recente overstromingen in Europa maken duidelijk dat de grote rivieren eveneens levensgevaarlijk kunnen zijn. In de Ardennen toont het Wereld Natuur Fonds (WNF) een oplossing die zoden aan de dijk kan zetten: water bergen in de bergen.

Bewoners van de lage landen kunnen hun borst natmaken, want als de vooruitzichten kloppen staan hen zware tijden te wachten. Met name het WNF windt er geen doekjes om: versnelde zeespiegelstijging, grilliger rivierafvoeren en een dalende bodem leggen een tijdbom onder het klassieke bouwwerk van dijken en pompen. Die feiten pleiten ervoor de 'koude oorlog' tegen het water af te bouwen en te investeren in projecten die het water niet als vijand, maar juist als vriend beschouwen. Waterberging en waterconservering spelen een belangrijke rol in deze strategie.

De natuurbeschermingsorganisatie lanceerde al in 1992 het plan "Levende Rivieren". Daarin is de ontkleiing van Nederlandse uiterwaarden het centrale element om de rivieren meer ruimte te bieden en allerlei natuurlijke processen weer een kans te geven. In de daaropvolgende jaren pelt de baksteenindustrie de klei van de zandige ondergrond en ontstaat langs Rijn en Maas een patroon van geulen en ruggen waar de hoogwaters vrijelijk door en overheen kunnen stromen.

Stromingsweerstand

Ondertussen blijken rivieren steeds vaker elders in Europa rampen te veroorzaken en is de vrees reëel dat de huidige hoogwaterbescherming in Nederland op den duur niet tegen het gevaar opgewassen is. Het WNF pleit daarom voor maatregelen in het hele stroomgebied: niet alleen langs de rivieren in het laagland, maar ook in bergen, in dalen en in estuaria. "Wij zitten aan het eind van de pijp", zegt Leen de Jong, manager Water van het WNF. "Nederland is afhankelijk van ontwikkelingen bovenstrooms. In de huidige discussie rond overloopgebieden (binnendijkse woongebieden die bij extreem hoog water onder water kunnen worden gezet, WHS) wijzen riviergemeenten vaak naar het buitenland. In onze ogen ligt daar inderdaad een deel van de oplossing van het waterprobleem."

Uitgangspunt van het WNF is om het water eerder en zo lang mogelijk vast te houden. "Door bovenstrooms de stromingsweerstand te vergroten en water te bergen, ontstaat in de rest van het stroomgebied meer ruimte die benut kan worden wanneer dat echt nodig is. Hoog in het stroomgebied, zoals in de Alpen, het Zwarte Woud en de Ardennen, moet de sponsfunctie worden hersteld."

Greppels dempen

Dat kan met eenvoudige ingrepen, zo blijkt in de omgeving van St. Vith, waar het landschap afwijkt van het stereotiepe beeld van de Ardennen. Geen diep uitgeslepen, beboste beekdalen, maar een golvende hoogvlakte. "Grote delen van de West-Europese middelgebergten bestaan uit dergelijke uitgestrekte hoogvlaktes", zegt Willem Overmars van Bureau Stroming, een adviesorgaan op het gebied van waterbeheer. "Rijn en Maas, de twee belangrijkste waterleveranciers van de Nederlandse delta, betrekken hier grotendeels hun water uit. Dit is de bron van het hoogwater. Iedere regendruppel die hier valt, sijpelt in de bodem en komt uiteindelijk in de Maas of Rijn terecht. In sneltreinvaart stroomt het naar Borgharen."

Een uitgebreid netwerk van greppeltjes zorgt voor deze snelle afwatering. "Boeren voorzagen deze marginale landbouwgronden vanaf de achttiende eeuw van dit fijnmazige afwateringssysteem. Daardoor verdween ook het hoogveen, de oorspronkelijke sponzen."

Door op de juiste plekken de greppels te dempen zal niet alleen de veenvorming weer op gang komen, maar kan de eerste klap voor het vasthouden van water en het vertragen van de afvoer gemaakt worden. "Voordeel is dat in droge tijden er meer en langer water beschikbaar is om de opdrogende beken te voeden." Het WNF brengt binnenkort deze haarvaten in kaart en laat vervolgens het absorptievermogen nauwkeurig berekenen.

Van belang is bovendien dat beken niet langer kaarsrechte en obstakelvrije afvoersloten zijn. Ze moeten weer vrij meanderen in de dalen. De minibeekjes die in het Holzwarchetal bij Buchholz kronkelen, werken dankzij de inspanningen van de Belgische Natur- und Vogelschutzgebiete (BNVS) hydrologisch zoals het WNF het graag ziet. Overmars wijst op een bosrestant dat nog steeds is begreppeld. "De Pruisen plantten hier begin negentiende eeuw fijnsparren om de mijnen van stutmateriaal te kunnen voorzien." In het dal waar nu de meeste bomen gekapt zijn en de greppeltjes gedempt, groeien inmiddels de wilde narcis en bergvenkel. In het 50 hectare grote reservaat is bovendien de zwarte ooievaar gesignaleerd.

Diepe inlaatpolders

Overigens is ook in Nederland langs de grote rivieren al resultaat geboekt met het Levende Rivieren-concept. De onvermoede veerkracht en de uitbundige wijze waarop de natuur bijvoorbeeld in de Gelderse Poort en de Romeinenweerd (bij Venlo) terugkeert, overtreft niet zelden de verwachtingen van de grootste optimist. Uitgestorven soorten keren terug, zoals de oeverloper, de wolfsmelkpijlstaart en de rivierrombout.

Ondertussen wil het WNF met zijn ideeën over het bergen van water geen valse verwachtingen wekken. De Jong: "Het dichten van greppels in de Ardennen dringt wel het hoogwater aanzienlijk terug, maar biedt niet voor 100 procent de oplossing. In Nederland moeten we blijven doen wat mogelijk is. In de delta blijft namelijk het risico van de stijgende zeespiegel, waardoor het spuien van het water wordt bemoeilijkt."

Tijdelijke waterberging in diepe inlaatpolders en herstel van drijvende veenkussens moet de veiligheid in steden en tuinbouwgebieden in de delta bevorderen. In de riviermonding van de stroomgebieden van de Rijn, de Maas, de Schelde en de Eems, moet niet geprobeerd worden de zee af te grendelen, maar moet het land juist meegroeien met de zee en de enorme krachten die er heersen. In gecontroleerde overstromingsgebieden achter de zeedijken kunnen grote watermassa's tijdelijk worden geborgen, blijven havens en steden veilig en zullen de zand- en slibstromen met hun natuurlijke processen de kust onderhouden. Aldus het WNF.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 26 november 2002

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Greppels dempen in de bergen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 26 november 2002

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken