Bekijk het origineel

Pleidooi in Bussum voor verruiming drugsbeleid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Pleidooi in Bussum voor verruiming drugsbeleid

4 minuten leestijd

BUSSUM - "Het zou me niet verbazen als er geld van de drugsmaffia naar de beleidsmakers in Den Haag stroomt om het huidige beleid in stand te houden." Die stelling poneerde prof. mr. C. F. Rüten gistermiddag op een symposium over het softdrugsgedoogbeleid van de gemeente Bussum.

Rüten, hoogleraar strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam, verklaarde dat "een hoogleraar geen macht heeft, maar wel alles mag zeggen." Volgens hem zijn drugshandelaren erbij gebaat het huidige verbod op grootschalige drugshandel in stand te houden, omdat anders hun "enorme winsten" zouden verdwijnen.

De overheid speelt hun volgens Rüten in de kaart met het huidige beleid van "niet legaliseren, wel gedogen". "Behalve met het vliegverkeer rond Schiphol is er geen onderwerp waarmee de bevolking zo belogen en bedrogen wordt als met het drugsbeleid. Uit de strijd met het water heeft Nederland geleerd dat je een probleem moet kanaliseren als je het niet kunt stoppen. Het Bussums model is effectieve jongerenbescherming, het rijksbeleid niet. We koesteren de drugshandelaren door de verkoop te verbieden. De drugsmaffia vreest voor legalisering, want ze verdienen nu heel veel geld. En de drugsbestrijders moeten uiteindelijk ook aan het werk blijven en willen daarom ook niet dat het beleid verandert."

Het symposium werd gehouden ter gelegenheid van het afscheid van burgemeester drs. W. J. M. Holthuizen, die eind deze maand met pensioen gaat. Hij heeft sinds zijn komst in 1985 toezicht gehouden op de uitvoering van het gedoogbeleid.

Zijn voorganger, J. Aantjes, besloot in 1982 in een jongerencentrum een verkooppunt voor softdrugs te beginnen. Daarmee wilden de burgemeester, de officier van justitie en de politie het drugsgebruik onder de Bussumse jongeren in goede banen leiden en voorkomen dat ze in het criminele circuit terecht zouden komen. De cannabis wordt er tegen kostprijs verkocht. De Stichting Ideëel (later de Stichting Piramide) moest toezien op naleving van de voorschriften en op de kwaliteit van de verdovende middelen. In 1990 werden de regels fors aangescherpt.

Volgens Holthuizen is het beleid geslaagd. Volgens cijfers van drugs- en alcoholpreventieorganisatie Jellinek zijn er nauwelijks meer hulpvragen van harddrugsverslaafden uit Bussum.

Het verkooppunt trok internationale aandacht, doordat de drugshandel in Bussum vanuit de overheid werd opgezet. Op andere plaatsen heeft de verkoop plaats in coffeeshops, waarvan het aantal in de jaren 1997-1999 overigens met 28 procent afnam: van 1179 naar 846. In Gooi-Noord is de Bussumse winkel echter het enig toegestane verkooppunt.

De inrichting van een drugswinkel werd met een overheidslening van 150.000 gulden mogelijk gemaakt. Toen minister Sorgdrager van Justitie daarop later aanmerking maakte, werd de lening versneld afgelost.

Volgens burgemeester Holthuizen richt de winkel zich op ontmoediging van drugsgebruik en krijgen nieuwe klanten voorlichting. Per persoon wordt per dag niet meer dan 3 gram verkocht. Als andere horecagelegenheden drugshandel toestaan, worden hun deuren tijdelijk gesloten. Dat heeft zelfs al tot een faillissement geleid.

De sprekers stelden stuk voor stuk dat het gedoogbeleid moet worden voortgezet en dat de toegestane minimumleeftijd van de klanten omlaag moet van 18 naar 16 jaar. Volgens W. Panders, hoofd van de winkel, drijft de huidige leeftijdsgrens jongeren in de leeftijdsgroep 13-18 jaar het criminele circuit in. Hij bepleitte verdere legalisering van de drugshandel, om die uit de illegale sfeer te halen.

Ook advocaat-generaal mr. N. Schaar wees op de enorme commerciële belangen van de drugshandelaren. Een coffeeshop haalt gemiddeld een omzet van 500.000 euro per jaar. De handelaren die hen van de verdovende middelen voorzien, verdienen nog veel meer. Schaar pleitte er daarom voor het 'Bussums model' elders in het land navolging te geven.

Mr. Schaar gaf aan dat zijn 17-jarige zoon drugs gebruikt en vond dat ouders ten onrechte in paniek raken als ze zoiets merken. Hij relativeerde de gevolgen van softdrugsgebruik, maar Panders -zelf ex-gebruiker- benadrukte dat er wel degelijk gevaren aan kleven.

Nederland heeft internationale verdragen getekend die drugsverkoop verbieden. Toch bepleitte Schaar legalisering, "om jongeren recreatief van cannabis te laten genieten."

Bedrijfsleider Panders weersprak dat de Bussumse overheid met criminelen handelt als ze drugs voor de winkel inkoopt. "We kopen het liefst bij kleine kwekers."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 13 september 2003

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

Pleidooi in Bussum voor verruiming drugsbeleid

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 13 september 2003

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

PDF Bekijken