Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Pleitbezorger van kerkmuziek

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Pleitbezorger van kerkmuziek

Composities van Adriaan C. Schuurman ademen een sacrale sfeer

8 minuten leestijd

Adriaan C. Schuurman gold tijdens zijn leven als de aartscantor van de protestantse kerken. Hij leidde een schare leerlingen op aan conservatoria en componeerde kerkliedmelodieën, koor- en orgelwerken. Hoe staat het met de erfenis van de kerkmusicus die een eeuw geleden geboren werd? Doen musici ook vandaag de dag inspiratie op uit zijn muziek?

Jan J. van den Berg (74), de vroegere organist van de Nieuwe Kerk in Delft, kwam als dertienjarige bij Adriaan C. Schuurman op les. Er ontstond een vriendschapsband tussen beiden. Van den Berg beschouwt Schuurman als zijn geestelijk vader. Hij vindt hem als organist nog steeds onderbelicht. "De jaren in Amersfoort (1942-1950) zie ik als zijn glorietijd, alleen al vanwege zijn indrukwekkende improvisaties." Van den Berg omschrijft Schuurmans orgelwerken als "voornaam, kleurrijk en laatromantisch." Het is voor hem muziek "die zingt van binnenuit."

De Delftse organist heeft zijn leermeester nooit willen na-apen: "Als een vader vijf zonen heeft, herken je in de zonen de vader. Zo is het met mijn composities ook. Er is er niet één die exact op Schuurman lijkt, maar je kunt wel zien en horen dat ik leerling van Schuurman ben geweest, bijvoorbeeld in harmonisch opzicht en in de verwerking van de tekst."

Jan J. van Berg heeft zich zijn leven lang beijverd om de muzikale nalatenschap van zijn leermeester onder de aandacht te brengen. Het doet hem daarom goed dat alle orgelwerken van Schuurman inmiddels verkrijgbaar zijn én dat er veel belangstelling voor bestaat.

Nog altijd -behalve tijdens een Bach-concert- begint Van den Berg zijn orgelconcerten met een werk van Schuurman. In 1996 nam hij een cd met diens psalm- en liedbewerkingen op. Op 6 december van dat jaar volgde in Amersfoort een registratie van de muziek voor een kerstzangdienst voor gemeente, koor en orgel, die Schuurman in 1946 schreef.

Fraaie stukken

Er zijn plannen om verschillende orgel- en koorwerken van Schuurman op cd vast te leggen. Jan J. van den Berg en Gerben Mourik willen de orgelwerken voor hun rekening nemen, terwijl de GOV -Vereniging van Kerkmusici- momenteel plannen over op te nemen koor- en orgelcomposities uitwerkt.

Gerben Mourik (22), organist van de hervormde kerk in Klundert, geniet onder meer bekendheid als improvisator. Vorig jaar won hij in Zwolle het Nationale Orgelimprovisatieconcours. Enkele jaren geleden kwam hij via contacten met Jan J. van Berg in aanraking met de composities van Adriaan C. Schuurman. Mourik: "Ik had diens compositie over Psalm 150 wel eens gehoord, maar dankzij Jan J. van den Berg kreeg Schuurmans muziek me pas echt te pakken. Onder andere vanwege de manier waarop deze de werken van zijn leermeester vertolkt.

Toen ik me in het oeuvre van de kerkmusicus ging verdiepen, kwam ik fraaie stukken tegen. Of het nu laatromantisch getoonzette werken uit zijn vroege en laatste periode of composities uit zijn middenperiode in bijvoorbeeld een neobarokke stijl betreft: Schuurmans muziek zit kwalitatief goed in elkaar. Hij is een van de twintigste-eeuwse Nederlandse componisten die aandacht verdient."

Mourik speelt Schuurmans muziek voornamelijk tijdens de eredienst: "Zijn bewerkingen over de Psalmen 6, 73 en 139 komen regelmatig voorbij. De mensen vinden het mooi, al moeten ze qua muziek wel ergens doorheen, denk ik. Bijvoorbeeld bij Psalm 73, waarin de melodie een vrije behandeling krijgt. De luisteraars worden zo gedwongen zich in de tekst van het lied te verdiepen en zo de compositie beter te begrijpen. Of Schuurman mij inspireert? Wat mij in zijn composities aanspreekt, is zijn tekstbehandeling en zijn voorkeur voor een heldere overzichtelijke vorm."

Sacrale sfeer

Jan van Gijn (56), organist van de Grote Kerk in Apeldoorn, ontving aan het Rotterdams Conservatorium lessen harmonieleer, analyse en contrapunt van Schuurman. De Apeldoornse musicus werkt aan een serie korte orgelbewerkingen van de 150 Psalmen. Hij bindt zich daarbij niet aan een bepaalde stijl. In elk geval voelt hij zich aangetrokken tot de composities van zijn oud-leraar. Zonder er bewust op uit te zijn, keren in zijn psalmbewerkingen regelmatig invloeden van Schuurman terug, "onder meer door net als hij in een compositie door allerlei toonsoorten heen te gaan om daarmee spanning te creëren."

"Schuurmans composities ademen een sacrale sfeer", vindt Van Gijn. "Schuurman roept een verheven klanksfeer op, waardoor je je van de grond getild voelt. Zijn muziek is ritmisch rustig, harmonisch verrassend, deftig en voornaam; mede dankzij het regelmatig gebruik van gelijk opgaande akkoordreeksen. Dat brede, akkoordgerichte komt vaak in mijn improvisatie tijdens de kerkdienst terug." In hoeverre Schuurman vandaag nog kerkmusici inspireert weet Van Gijn niet. "Ik denk in elk geval dat hij bij veel mensen als het ware over de schouder meekijkt."

Levensovertuiging

Joop Schets (52) is directeur van de Hogeschool Gorinchem IDE, een muziekvakopleiding in deeltijd voor de studierichtingen koordirectie en kerkmuziek. Hij heeft Schuurman hoog staan: "Hij is mijn muzikale vader, hij is mij na mijn conservatoriumtijd altijd blijven volgen. Ik kwam als vijftienjarige in zijn orgelklas en kreeg van hem lessen harmonieleer, contrapunt en analyse. Hij deed dit op een schoolse manier, in de goede zin van het woord: opgaven geven, nakijken én commentaar leveren."

Schuurman kwam zonder schroom uit voor zijn levensovertuiging, herinnert Schets zich. "Het was eind jaren zestig "not done" om je geloof te tonen, maar hij deed dit wel. Hij sprak zeer geïnspireerd over getoonzette bijbelteksten, wist daar een emotionele waarde aan te geven; niet als musicus, maar als religieus belever van die woorden. Het kwam overigens niet in je op om als student zijn religieuze beleving ter discussie te stellen. Net zoals Schuurman nooit hoefde bewijzen dat kerkmuziek nodig was; hij was zelf de belichaming van de kerkmuziek."

Schets draagt de kennis die hij over kerkmuziek bij Schuurman opdeed weer over op de leerlingen van zijn hogeschool. "Bijvoorbeeld wat het analyseren van teksten van vocale muziek betreft. Voordat je als vakmusicus een werk met een koor instudeert, dien je je eerst de tekst eigen te maken. Schuurman liet zijn leerlingen tijdens de ontstaanstijd van het Liedboek voor de Kerken teksten van verschillende liederen lezen. Vervolgens moesten ze bepalen wie de dichter was en nagaan welke melodie bij een lied zou passen.

Ik geef mijn studenten regelmatig de opdracht studie te maken van teksten: waar vind je ze terug in de Bijbel, in welke context staan ze, hoe luiden de commentaren op deze episodes? Daar blijft het niet bij, ook een bijbelse encyclopedie en beschrijvingen van de christelijke symboliek moeten op tafel komen om achtergronden van teksten te achterhalen. Door deze manier van werken krijgen studenten grip op vocale muziek."

Tijdens de lessen in Gorinchem haalt Schets ook composities van Schuurman voor het voetlicht. "Onder meer zijn psalmmelodieën, waarin hij teruggrijpt op Goudimel en het Sanctus voor koor a capella. In dit Frans-romantisch, soms haast impressionistisch getoonzette werk komt een fuga voor die zijns gelijke niet kent."

Schuurmans motto was "Houdt dan de lofzang gaande". "Hij hechtte aan goede liederen. Zijn overtuiging heeft zeker ingang gevonden in tal van kerken en wordt er vandaag de dag nog in ere gehouden, voorzover de verloedering -het opleuken van de dienst- nog niet heeft toegeslagen. Schuurman moest daar niets van hebben. "Als je voor de Heere samenkomt, moet je dit heel waardig doen, vond hij."

Op 9 juli verzorgen Schuurmans (klein)kinderen en Jan J. van den Berg vanaf 15.00 uur een concert in de St.-Joriskerk in Amersfoort. Op het programma staan composities van Adriaan C. Schuurman en een orgelpartita van diens schoonzoon Willem Mesdag.

KADER

Een vocale aanleg

Adriaan C. Schuurman zag op 28 juli 1904 in Kampen het levenslicht. De predikantszoon studeerde aan de conservatoria in Den Haag en Amsterdam bij Karel Textor (piano), Johan Wagenaar (contrapunt), Cornelis de Wolf (orgel) en Sem Dresden (compositie). Hij was achtereenvolgens organist van de Grote of St.-Janskerk in Schiedam (1929), van de Grote Kerk in Lochem (1938) en vanaf 1942 van de St.-Joriskerk in Amersfoort. De periode in Amersfoort noemde Schuurman zijn mooiste tijd als uitvoerend musicus. Toen hij een koor in de dienst introduceerde, verzette de behoudende stroming in Amersfoort zich daartegen.

In 1950 verhuisde Schuurman naar Den Haag. De Maranathakerk in de Hofstad bood hem de ruimte zich als cantor-organist te ontplooien. "Wat de eredienst betreft was Den Haag de fijnste tijd", concludeerde hij later. De musicus bezat, naar eigen zeggen, "in diepste wezen een vocale aanleg." Hij stond voor kerkmuzikale vernieuwing en gaf het kerkkoor een plek in de liturgie. Hij was niet tevreden met de eenkleurigheid van de gemeentezang in de eredienst. "Ik wilde die zang op een beter niveau brengen en ook het kerkkoor een plaats geven in de liturgie. (...) Mijn kerkmuziek was bedoeld tot eer van God, maar op een andere manier dan men gewend was." In 1974 zette hij een punt achter zijn werkzaamheden in de Maranathakerk.

Als componist van orgel- en vocale koorwerken, kerkmusicus en pedagoog heeft Adriaan C. Schuurman zijn sporen getrokken. In Amersfoort was hij directeur van een muziekschool en dirigent van het Toonkunst Oratorium Koor. Bijna twintig jaar dirigeerde hij de oratoriumvereniging Laudate Dominum uit Voorburg. Schuurman doceerde kerkmuziek en theoretische vakken aan de conservatoria van Den Haag en Rotterdam. Aan het hervormde seminarium "Hydepark" in Driebergen bracht hij jonge predikanten de beginselen van de kerkmuziek bij.

De kerkmusicus was nauw betrokken bij de totstandkoming van het Liedboek voor de Kerken en leverde met het componeren van een twintigtal melodieën een belangrijke bijdrage aan deze uitgave. Tal van gezangenbundels bevatten melodieën van zijn hand. Hij componeerde verschillende orgel- en koorwerken, waaronder Toccata, Trio en Fuga over Psalm 150, de oratoria "Markus" en "Fragmenten uit het boek Job", en een Psalmencyclus. Adriaan C. Schuurman overleed op 24 augustus 1998 in Den Haag.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 21 juni 2004

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Pleitbezorger van kerkmuziek

Bekijk de hele uitgave van maandag 21 juni 2004

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken