Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Imam

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Imam

6 minuten leestijd

Minister Verdonk van Vreemdelingenzaken en Integratie gaf enige tijd geleden te kennen drie imams het land uit te willen sturen. Onder anderen de Keniaan Mahmud. De geestelijken zouden een gevaar vormen voor de openbare orde en de nationale veiligheid. Zoiets speelt ook in Duitsland. De Berlijnse hulpprediker Yakup Tasci zou om dezelfde reden moeten verdwijnen. Hij zou haat opwekken. Maar wat doet een imam eigenlijk? Is hij vergelijkbaar met een protestantse dominee of met een rooms-katholieke pastoor?

Ik vroeg het kortgeleden aan een moslim uit Egypte. "De imam", zei hij, "is wetenschapper, chemicus, ingenieur, of nog iets anders. En z'n godsdienstige taak vormt een extra. Want hij moet werken. Dat is zijn plicht." En toen kwam er een story over de grondlegger van de islam. "Mohammed zag iemand ooit elke dag voortdurend maar bidden. Daarom vroeg de profeet: "Hoe komt die man aan eten?" Hij kreeg als antwoord dat de broer van de bidder hem elke dag voedsel bracht. Mohammed zei: "Hij moet gaan werken. Dat is beter." Met dat voorbeeld wilde de Egyptenaar illustreren hoe belangrijk het is dat ook een islamitische geestelijke werkt. Een imam lijkt dus niet zomaar vergelijkbaar met een vrijgestelde West-Europese dominee. Hij heeft een baan. Daarbij is hij imam.

De imam kan de leiding hebben bij een islamitische huwelijksplechtigheid. Hij leidt het gebed van de moslims in de moskee. Hij is deskundig terzake van de koran en religieuze regels. Hij nam er ooit tijd voor om er op te studeren. Hij legt de koran uit in de moskee. Hij houdt er een preek waarin hij verduidelijkt wat de islam te zeggen heeft over een bepaald onderwerp of ten aanzien van een gebeurtenis. Daarmee is het eigenlijk uit.

Nog even kwam de ware aard boven van m'n Egyptische gesprekspartner. Hij zei: "Wij moeten de koran lezen en zorgen voor zieken en allerlei andere goede dingen doen. Dat weegt allemaal mee bij de laatste beoordeling." Hij bedoelde: in het eindgericht van Allah. Typerend is dat de moslim tegen mij zei: "De hand die geeft, is altijd beter dan de hand die ontvangt." Op sommige punten huldigen moslims aardige ethische principes. Maar het verdienen van het heil zit ook hun in het bloed.

Toch is er iets mis met het verhaal van de Egyptenaar. Het beeld dat hij gaf moge typerend zijn voor zijn land, het klopt niet overal. In Egypte behoort 93 procent van de bevolking tot de soennitische islam. De grote meerderheid van de moslims, 90 procent, behoort tot die richting.

Soennieten gaan uit van een soort 'democratisch' leiderschap. Zij stellen dat niemand Mohammed als profeet kon opvolgen. Allah zou met de koran zijn openbaring hebben afgesloten. Elke moslim is dan ook gelijk tegenover God. Speciale ambten zijn volgens soennieten onverenigbaar met de islam. Daarom kan een imam nog hooguit de bewaker zijn van de erfenis van Mohammed. Hij heeft niet de rol van een predikant of pastoor. Die ontvangen een vol salaris voor hun ambtelijke dienst. Zij vullen hun arbeidsuren met het dagelijks werk in gemeente of parochie. Bij de soennitische islam werkt dat zo niet. Elke gerespecteerde moslim kan optreden als imam en leidinggeven aan het gebed in de moskee. En hij mag er preken.

In Egypte geven de soennieten de toon aan. Maar bijvoorbeeld in Irak, Iran en Afghanistan blijkt een andere islamitische stroming dominant. Er leven zowel soennieten als sjiieten. Die godsdienstige groeperingen beschouwen elkaar gerust als heidenen. Bij de sjiieten draagt een imam geestelijk gezag dat overal boven uitsteekt. Tal van sjiieten geloven dat de imam een soort tussenpersoon is van de goddelijke verlichting. De sjiieten voegen bij de vijf zuilen van de islam als geloofsartikel het geloof in de imam. Moslims schrijven hem de gave toe van de geïnspireerde en onfeilbare uitleg van de koran.

Hoe is het in West-Europa? Ontleent de imam zijn functie aan de soennitische opvatting? Of aan de sjiitische? Dat valt niet in twee woorden te vertellen. Ooit kwamen er Turken en Marokkanen werken in dit werelddeel. Ze brachten hun godsdienst mee. En ook hun imams. De mannen -want voor vrouwen is die functie taboe- die op deze manier naar Nederland kwamen, hadden meestal weinig verstand van de Nederlandse taal en de secul iere cultuur zoals die in West-Europa steeds meer de toon aangaf.

De moslims waren in zekere zin vreemdelingen in een vreemd land. Ze zochten misschien af en toe wel steun bij de imam. Die begon van lieverlee meer op te treden als een soort pastoraal medewerker. Hij beperkte zich in elk geval niet tot de soennitische functie van leider van het gebed en prediker.

Van lieverlee zagen veel imams hun eerste taak in Nederland niet uitsluitend in het leiden van gebeden, het houden van de preek, het geven van religieus onderwijs en het uitvoeren van rituelen tijdens hoogtepunten in het leven van de moslims die rond een bepaalde moskee leefden. De imams begonnen ook vaker vragen te beantwoorden over de religieuze normen en waarden in relatie tot de problemen van het dagelijks leven.

Er was dus sprake van een ontwikkeling. In Nederland -en waarschijnlijk ook wel in andere West-Europese landen- bestond onduidelijkheid over wat een imam nu precies was. Welke rechten en plichten hij had. Of hij gezag kon laten gelden en op basis waarvan. In 1986 sprak het hoogste Nederlandse rechtscollege, de Hoge Raad, zich daarover uit. Die stelde vast dat de imam arbeidsrechtelijk op één lijn moest worden gesteld met dominees, pastoors en rabbi's. Hij heette -net als zij- "bekleder van een geestelijk ambt."

Een imam heet dus niet meer -zoals oorspronkelijk eigenlijk wel bij de soennieten- leek, maar geestelijke. Toch is er natuurlijk verschil. Want die imam is geen verantwoording schuldig aan een kerkenraad en aan de gemeente. Hij oefent zijn functie uit "in onderworpenheid aan het gezag van de koran." Het betekent dat hij in moeilijke omstandigheden ook moeilijk tot de orde valt te roepen. Dan kan er natuurlijk een situatie ontstaan dat er maar één ding overblijft: uitzetting. Maar zoiets dient wel heel zorgvuldig te worden overwogen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Saturday 2 April 2005

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

Imam

Bekijk de hele uitgave van Saturday 2 April 2005

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

PDF Bekijken