Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Barmer Thesen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Barmer Thesen

4 minuten leestijd

Dr. P. de Vries schrijft in zijn artikel over de Barmer Thesen (RD 22-4) dat Barths uitgangspunt dat "Jezus Christus het éne Woord van God is", geen ruimte meer laat voor het spreken over de toorn van God over onze zonde, zoals Paulus erover schrijft in zijn Romeinenbrief.

Mijn vraag: Waar zien we de vloek over ons bestaan indringender dan in de weg die Jezus Christus móést gaan? Het is waar dat Barth ernstig tekortdoet aan het werk van de Heilige Geest, maar beweren dat hij de zonde niet ernstig neemt, doet hem zeker geen recht. Juist vanuit het zien van Gods radicale oordeel over wat mensen van het christelijk geloof gemaakt hadden, kwam hij tot zijn theologie.

Daarbij: Is het uitgangspunt van Paulus' spreken over de zonde van Griek en jood in Rom. 2-3 ook niet ten diepste "niets anders te willen weten dan Jezus Christus en Die gekruisigd", ziende zijn uitgangspunt in Rom.1:16,17?

Ard van den Berg Gloriantplantsoen 47 2805 XC Gouda

Zondag

Hierbij wil ik reageren op de uitlatingen (RD 23-4) van dr. E. A. de Boer over het vierde gebod op de synode van de GKV, in het bijzonder op de uitdrukking "de zondag is geen goddelijke instelling (), noch is zij in de belijdenis vastgelegd."

Het laatste is onjuist, want in de HC antwoord 103 wordt de zondag als "sabbat" aangeduid, waarmee verwezen wordt naar het vierde gebod. Met opzet is hier afgeweken van de Duitse en de Latijnse versie, zoals door Koelman is betoogd. Verder gaan de Westminster belijdenisgeschriften uitgebreid op de plaats van de zondag in.

Ook het eerste is onjuist. Dat de onderhouding van de zondag berust op een goddelijke instelling kan uit het volgende blijken:

1. Paulus was zeven dagen in Troas. Juist op de eerste dag van de week kwamen de discipelen bijeen om bood te breken (Hand. 20:6, 7). Deze omstandigheid was niet toevallig, want nergens in het Nieuwe Testament wordt een dag van de week zonder reden vermeld. Als apostolische inzetting is de zondag van goddelijk gezag, aldus de Leidse professoren in 1625 (Synopsis XXI.53).

2. In Openbaring 1:10 wordt gesproken van "de dag des Heeren". In het Grieks is de woordkeus opvallend (niet als genitief "tou Kuriou", maar bijvoeglijk "tei Kuriakei"). Deze vaste uitdrukking wordt in de christelijke geschriften vanaf het jaar 110 (Ignatius) altijd en uitsluitend gebruikt voor de zondag. Met de toevoeging "des Heeren" wordt de goddelijke autoriteit van deze dag uitgedrukt.

3. Alle vier de evangelisten vermelden dat de opstanding plaatsvond op de eerste dag van de week. Buiten de sabbat komt zo'n nadrukkelijke vermelding van een weekdag nergens voor. De oorsprong van de zondagsonderhouding wordt hiermee met autoriteit aangewezen.

4. Direct na de opstanding is deze dag onderhouden en door Christus bevestigd, zoals blijkt uit Johannes 20:26. Een dag van goddelijke autoriteit.

C. Valk De Horst 56 3911 SZ Rhenen

Solidariteit

Politici zoeken altijd een meerderheid voor hun bedoelingen te creëren, wat minister Hoogervorsts taalgebruik (RD 15-4) wel eens zou kunnen verklaren.

Persoonlijk ben ik zeer bedroefd over het feit dat sommige zorgverzekeraa rs er inmiddels toe overgegaan zijn gezond levende mensen met een lagere premie binnen te lokken. Evenals de zondagsopenstelling van de Utrechtse winkels ertoe leidt dat aangrenzende steden zich op termijn daartoe dan ook genoodzaakt zullen zien, zo ontstaat door zulk liberaal beleid ook grote ellende bij verzekerden.

Het past in mijn ogen ook niet reeds ziek geworden mensen links te laten liggen. Dat leidt ertoe dat ook skivakanties apart verzekerd moeten worden, vervolgens sport in het algemeen en uiteindelijk dus ook zwangere vrouwen welke zich niet willen laten aborteren wanneer er iets onvolmaakts aan hun vrucht te bespeuren zou zijn. Een dergelijk gebrek aan solidariteit staat voor mij ook gelijk aan de herinvoering van de doodstraf en meer van dat soort zaken.

Was het Hoogervorst werkelijk te doen om het geluk en welzijn van de bevolking, dan zou hij er alles aan doen om snoepen op school te laten verbieden. Dat zijn immers ook wel christelijke overwegingen, maar ook de door het christendom zeer hooggeachte filosoof Plato concludeerde dat wanneer kinderen in soberheid grootgebracht worden, men later niet zo veel dokters en rechters nodig zou hebben. De overgrote meerderheid veracht echter zulke woorden.

En het wordt nog veel erger. Juist Hoogervorsts VVD pleit voor nog meer financiële verzelfstandiging binnen onderwijs en sport, dus cola-automaten, snacks en dergelijke in kantines.

W. A. Thomassen Vreeland 3c 3812 NC Amersfoort

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 26 april 2005

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Barmer Thesen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 26 april 2005

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's