Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

VVD'ers vervalsen geschiedenis

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

VVD'ers vervalsen geschiedenis

Oud-premier en liberaal Cort van der Linden voorstander van gelijkberechtiging openbaar en bijzonder onderwijs

6 minuten leestijd

Betekende de financiële gelijkstelling van het openbaar en bijzonder onderwijs in 1917 een historische nederlaag voor liberalen? Volgens tal van denkers in de VVD wel. Een Leids historicus toont aan dat die liberalen hun eigen geschiedenis niet kennen.

De VVD worstelt al jaren met de vrijheid van onderwijs. Sommige liberalen staan pal voor artikel 23. Onder hen bevinden zich de Tweede-Kamerleden Cornielje (straks commissaris van de Koningin in Gelderland) en Balemans. Ook oud-fractievoorzitter Wiegel zit op die lijn. Zij vinden dat ouders in vrijheid een school mogen kiezen die bij hen en hun kinderen past.

Een groeiende groep liberalen heeft echter moeite met het grondwetsartikel over de vrijheid van onderwijs. Die liberalen willen religie terugdringen tot het privé-domein van burgers. Ze zien liever geen godsdienstige uitingen in het publieke leven. In die visie past geen bijzonder onderwijs.

Nu islamitische scholen in opkomst zijn, grijpen progressieven hun kans. Ze vinden -vanuit het oogpunt van integratie- dat iedereen naar een openbare school moet. De negentiende-eeuwse liberale opvatting van eenheid in staat en samenleving op basis van redelijkheid, herleeft.

Onder de VVD'ers die zich de afgelopen maanden kritisch uitlieten over de vrijheid van onderwijs, bevinden zich minister Verdonk voor Integratie, kamerlid Hirsi Ali en fractievoorzitter Van Aartsen. Laatstgenoemde sluit niet uit dat afschaffing van het bijzonder onderwijs in het verkiezingsprogramma van 2007 komt, zo liet hij eind december in een interview weten.

De kritische stroming lijkt vat te hebben op de denkers die een nieuw beginselprogramma voor de VVD opstelden. In dit "Liberaal Manifest" voeren de critici van de vrijheid van onderwijs een opmerkelijk argument aan. Ze schrijven: "Artikel 23 was in 1917 een concessie van liberalen en socialisten aan christen-democraten in ruil voor het algemeen kiesrecht. Deze historische nederlaag van de liberalen dient echter niet achteraf als liberale overwinning ('vrijheid') te worden gepresenteerd."

Verder menen de opstellers van het manifest, die onder leiding stonden burgemeester Dales uit Leeuwarden, dat er vanuit liberale beginselen "geen goede reden valt te bedenken waarom de staat scholen op religieuze grondslag zou financieren."

Hoewel de VVD-denkers niet de uiterste consequentie trekken door artikel 23 ter discussie te stellen, is de grondtoon duidelijk: De liberalen nemen afstand van de vrijheid van onderwijs.

Die grondtoon blijkt ook als in het Liberaal Manifest staat dat onderwijsinstellingen discriminatie moeten tegengaan. Scholen zullen gelijkheid van mannen en vrouwen en van hetero's en homo's actief moeten uitdragen. Kennis die scholen doorgeven moet "niet katholiek, protestant, islamitisch of atheïstisch, maar seculier" zijn. Scholen kunnen daardoor het onderwijs niet meer naar eigen inzicht vormgeven.

Promovendus Johan den Hertog (27) las met stijgende verbazing de passages in het Liberaal Manifest over de totstandkoming van de vrijheid van onderwijs. Den Hertog, historicus en als aio verbonden aan de Rijksuniversiteit Leiden, is bezig met een proefschrift over Cort van der Linden, de liberaal die ten tijde van de onderwijspacificatie in 1917 premier was.

Den Hertog vindt dat de VVD de feiten verdraait: "Het staat onomstotelijk vast dat Cort van der Linden de onderwijspacificatie persoonlijk wenste en de doorslaggevende bijdrage aan de realisering ervan leverde."

Cort van der Linden (1846-1935) was een staatsman van allure en een groot denker. Den Hertog: "Hij behoorde tot de groep liberalen die voor het bereiken van hun doelen samenwerking zochten met maatschappelijke organisaties. Het laisser-faire-liberalisme dat alles en iedereen aan zijn lot overlaat, was aan hem niet besteed. De visie van de eerste liberale premier kwam voort uit zijn gerichtheid op het idealisme van Duitse filosofen. Ook de liberaal Thorbecke haalde daar zijn inspiratie. Het grote doel was meer eenheid in staat en samenleving."

Cort van der Linden stond tegenover Abraham Kuyper. "De ARP-voorman leefde van de antithese. Hij wakkerde tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen aan. Maar er is ook een andere kant. De liberaal en de antirevolutionair konden soms wonderlijk goed met elkaar door één deur. Cort van der Linden wilde bijvoorbeeld afschaffing van kinderarbeid en plicht tot scholing. Kuyper was het daarmee eens."

"De tegenpolen konden elkaar vinden in een structuur van maatschappelijke organisaties die tussen burgers en overheid in zou staan, zoals welzijnsorganisaties, scholen en zorginstellingen. Ieder deed dat vanuit zijn eigen ideaal. Cort wilde gelijke kansen voor iedereen zodat burgers met elkaar de maatschappelijke concurrentie zouden aangaan. Kuyper werkte mee aan de ontwikkeling van het maatschappelijk middenveld omdat het paste in zijn concept van soevereiniteit in eigen kring."

Op grond van deze redenering stemde Cort van der Linden ook in met de vrijheid van onderwijs. Den Hertog: "De overtuiging dat er gelijkberechtiging moest zijn, leefde niet alleen bij hem in de tijd dat hij politiek actief was, maar ook al in de periode daarvoor, toen hij als hoogleraar in Groningen functioneerde. Dat was in de jaren tachtig van de negentiende eeuw. Hij constateerde toen al dat een aantal mensen zich om religieuze redenen niet kon vinden in het openbaar onderwijs. De staat moest ook christenen gelijke kansen bieden. Daarom hadden ze in zijn ogen ook recht op eigen scholen."

De liberale politicus dacht hiermee een deel van zijn ideaal, namelijk meer eenheid in staat en samenleving, te realiseren. De schoolstrijd verdeelde de samenleving immers tot op het bot. "Confessionele partijen zagen in de schoolstrijd een van de belangrijkste redenen van hun bestaan. In de visie van Cort van der Linden dreven de confessionele partijen een wig in de Nederlandse politiek. Hij verwachtte dat de partijen zouden verdwijnen door het beëindigen van de schoolstrijd. Dat gebeurde niet en dat stelde hem teleur."

Abraham Kuyper kende de redenering van Cort van der Linden over het verdwijnen van confessionele politiek. Hij was bang dat de liberaal gelijk zou krijgen. "Daarom had de ARP-voorman aanvankelijk moeite met de instelling van een parlementaire commissie die de onderwijspacificatie moest voorbereiden", aldus Den Hertog.

Cort van der Linden was zo overtuigd dat gelijkberechtiging van openbaar en bijzonder onderwijs er moest komen, dat hij zich als liberaal premier sterk inzette voor de realisering ervan, zo zegt de historicus.

"Direct na zijn aantreden in 1913 wilde hij een eind te maken aan de onderwijsstrijd. Na een lange discussie leidde dat uiteindelijk tot gelijkberechtiging van openbaar en bijzonder onderwijs. De liberale premier kon tevreden zijn. Slechts één liberaal kamerlid stemde tegen", aldus de Leidse onderzoeker.

Cort van der Linden heeft de onderwijspacificatie dus zelf gewenst en gerealiseerd, zo concludeert Den Hertog. "Het is historisch onjuist als liberalen de onderwijspacificatie betitelen als een nederlaag."

Volgens Den Hertog, die zijn proefschrift volgend jaar hoopt af te ronden, kampt de VVD met een schrijnend gebrek aan historisch besef over de onderwijspacificatie. Hij adviseert de partij om de geschiedenisvervalsende passage in het Liberaal Manifest aan te passen aan de werkelijke gang van zaken. De liberalen, die het manifest op 28 mei zullen vaststellen, zijn dat volgens Den Hertog aan zichzelf verplicht. "Het manifest pleit voor nationaal burgerschap, extra aandacht voor identiteit en meer kennis van de Nederlandse historie. Laten de liberalen zelf het goede voorbeeld geven."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 april 2005

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

VVD'ers vervalsen geschiedenis

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 april 2005

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

PDF Bekijken