Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

"Orgaantoerisme vraagt antwoord"

Prof. IJzermans acht discussie over vergoeding voor donororgaan denkbaar

5 minuten leestijd

Elke maand reizen er ongeveer dertig Israëlische patiënten naar China voor goedkope orgaantransplantaties. Prof. dr. J. IJzermans, transplantatiechirurg in het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam, kijkt er niet van op. Als wij het tekort aan donororganen in Nederland niet goed aanpakken, vreest hij dat er ook vanuit ons land een vorm van orgaantoerisme zal ontstaan.

Het betreffen voornamelijk niertransplantaties waarvoor Israëliërs naar China reizen. De organen zijn daar te koop en zijn afkomstig van Chinezen die ter dood veroordeeld zijn. Als het vonnis is voltrokken, worden de meeste organen uit het lichaam verwijderd. Vervolgens worden ze als handelswaar te koop aangeboden. Via internet zijn sites te vinden van klinieken die orgaantransplantaties aanbieden. Volgens de Israëlische krant Ma'ariv van vorige week donderdag zijn de te transplanteren organen in China van uitstekende kwaliteit en de medische nazorg geldt er als een van de beste ter wereld. In China kost een nier 30 procent minder dan in bijvoorbeeld Colombia.

Hoogleraar IJzermans kijkt er niet van op. In de inaugurele rede die hij recent hield ter gelegenheid van het aanvaarden van zijn ambt als hoogleraar transplantatiechirurgie aan de Rotterdamse Erasmus MC waarschuwde hij tegen het gevaar voor het ontstaan van orgaantoerisme vanuit Nederland naar landen als China, Colombia of India. Ook dichterbij, in bijvoorbeeld Hongarije en Joegoslavië, zijn orgaandonaties tegen betaling niet ongewoon, weet IJzermans.

Behandelmogelijkheden

"Orgaantransplantatie heeft zich ontwikkeld van een medisch experiment tot een effectieve behandelingsvorm bij het falen van organen als hart, long, nier, lever, alvleesklier en soms darm. Zelfs gecombineerde transplantaties kunnen nu met goed resultaat worden uitgevoerd", zegt IJzermans. In zijn oratie refereerde hij aan de eerste harttransplantatie bij de mens in 1967 door de Afrikaan Christaan Barnard. Wereldwijd trok deze gebeurtenis de aandacht van media en publiek. De ingreep riep reacties op variërend van wetenschappelijke bewondering tot religieus getint afgrijzen. Wetenschappers zagen ongekende behandelmogelijkheden in het verschiet liggen.

Voor anderen werd een grens overschreden omdat men vond dat de mens werd gereduceerd tot een organisme bestaande uit verwisselbare organen. Bijna veertig jaar later is orgaantransplantatie een niet meer weg te denken medische behandeling. In Europa worden jaarlijks 4500 levertransplantaties verricht, waarvan ongeveer honderd in Nederland, met een eenjaarsoverleving van 80 procent en een tienjaarsoverleving van 65 procent. In West-Europa worden 14.000 niertransplantaties verricht met nieren afkomstig van overledenen. In Nederland gaat het jaarlijks om 400 van deze postmortale niertransplantaties, met een eenjaarsoverleving van 85 procent.

Het Erasmus MC is een van de grootste orgaantransplantatiecentra in Nederland, naast die van Groningen, Leiden en Utrecht. In Rotterdam worden jaarlijks 170 orgaantransplantaties uitgevoerd. Het gaat daarbij om nier-, lever-, long- en harttransplantaties. De academische centra van Amsterdam, Nijmegen en Maastricht beperken zich tot niertransplantaties.

Vraag en aanbod

Prof. IJzermans: "Ondanks de grote aantallen transplantaties en de goede resultaten blijft het donoraanbod ver achter bij de vraag, met als gevolg lange wachttijden en zelfs overlijden van patiënten met orgaanfalen voordat zij aan de beurt zijn voor transplantatie. Leverpatiënten wachten nu gemiddeld een jaar op transplantatie, terwijl nierpatiënten wel vier jaar moeten wachten."

In West-Europa staan 45.000 mensen op de wachtlijst voor een niertransplantatie. Het is voor de hoogleraar transplantatiechirurgie de vraag hoe we het evenwicht tussen vraag en aanbod kunnen herstellen. Hij voert een pleidooi om de ethische en morele grenzen van orgaandonatie opnieuw te verkennen. Dat het nemen van maatregelen aan de aanbodzijde de behoefte aan donororganen zal verminderen, acht hij onwaarschijnlijk.

Hij ziet de oplossing meer gelegen liggen in het ontwikkelen van nieuwe beleidslijnen en strategieën aan de aanbodzijde. Donorwerving, anders gezegd: verhoging van de registratiegraad, staat bij prof. IJzermans hoog genoteerd. De veronderstelling dat in ziekenhuizen donoren worden gemist, wijst hij met studieresultaten van de hand. Een financiële beloning ter verhoging van het aantal orgaandonoren zou volgens hem ook kunnen worden overwogen. Ethische en morele overwegingen wil hij opnieuw beoordeeld zien tegen de achtergrond van de toenemende sterfte van patiënten op de wachtlijst.

IJzermans noemt ook de verschuiving van heart-beating (HB) naar non-heart-beating (NHB) donatieprocedures. Bij HB worden hersendode donoren beademd waarbij er sprake is van een actieve orgaandoorbloeding en zuurstofvoorziening. Bij NHB-donatie vindt orgaanuitname plaats enige tijd nadat het hart gestopt is met functioneren en de doorbloeding en de zuurstofvoorziening van de organen is opgehouden. Op de lange termijn doen beide type nieren qua functioneren niet voor elkaar onder.

Grenzen

Prof. IJzermans is beducht voor xenotransplantatie, waarbij organen van een dier, meestal een varken, in een mens worden getransplanteerd. "Waar ligt de grens voor sterfte op wachtlijsten die toepassing van xenotransplantatie legitimeert?" zo stelt hij. Meer ziet hij in donatie bij leven, zeker waar het gaat om niertransplantatie, waarbij een gezond iemand een nier afstaat aan een familielid. Een risico dat volgens prof. IJzermans 1 op 10.000 bedraagt. Bij gedeeltelijke leverdonatie is er sprake van een risico van 1 tot 2 op 100. "De resultaten van niertransplantaties met een nier gedoneerd bij leven zijn veel beter dan die na transplantatie van een nier die afkomstig is van een overledene. Een nier afkomstig van een levende donor functioneert ongeveer tweemaal zo lang als een nier afkomstig van een overledene", zegt hij.

Werden in het begin vooral familietransplantaties gedaan, thans vindt ook donatie plaats voor vrienden of soms voor onbekenden. Cross-overtransplantatie is een nieuwe ontwikkeling, waarbij organen worden uitgewisseld tussen echtparen die niet direct aan elkaar kunnen doneren omdat ze bijvoorbeeld niet bij elkaar passende bloedgroepen hebben.

Er zijn ook landen waar het niet ongebruikelijk is dat personen die bij leven een nier afstaan betaald worden. Prof. IJzermans acht het denkbaar dat discussie over vergoedingen ook in het Westen gevoerd gaat worden. Hij vraagt zich af wat de rol van de overheid daarin moet zijn. "Men kan het uiteraard in Nederland verbieden, maar de realiteit leert dat steeds dichter bij onze grenzen betaling voor nierdonatie bij leven voorkomt. Het rapport van de Gezondheidsraad uit 2003 stelt terecht dat deze problematiek zich zal verharden indien ons land er niet in slaagt een substantiële toename van het aantal donaties te realiseren."

De vraag is ook waar de zorgverzekeraars de grens gaan leggen wanneer patiënten bereid zijn te reizen naar buitenlandse centra waar goede zorg geleverd wordt tegen een zeer aantrekkelijke prijs. "De vraag is: Kunnen wij als maatschappij accepteren dat men organen tot commercieel goed maakt?"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 14 juni 2005

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 14 juni 2005

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken