Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Onmisbare moskee?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Onmisbare moskee?

4 minuten leestijd

In de verzengende Afghaanse hitte zijn Nederlanders druk bezig met de renovatie van een half vergane moskee. Een paar dorpen verder bouwen ze een badruimte bij een moskee, zodat de bidders zich ritueel kunnen wassen voordat ze voor Allah knielen. Ja, ontwikkelingsgeld wordt tegenwoordig voor veel doelen gebruikt.

Toch is het niet alledaags wat hier gebeurt. Onlangs spraken enkele Kamerl eden hun afkeuring uit over de bouw en renovatie van moskeeën door "onze jongens" in Afghanistan. Waarom steken we ons beperkte budget niet in wegen, water, elektriciteit, scholen en ziekenhuizen?

Het is natuurlijk ook evenwichtskunst daar in Afghanistan. Een van de gevaarlijkste militaire missies ooit móét slagen. Een missie die de voedingsbodem voor internationaal terrorisme, de extreem radicale islam, moet wegnemen. Een missie die de harten moet winnen van gewone Afghanen die óók gevoelig zijn voor het fanatieke geluid dat de Nederlanders kruisvaarders zijn die de islam te gronde willen richten. "Fitna" komt immers uit Nederland?

De minister van Defensie heeft er vrede mee. Hij laat de zijnen lustig timmeren en metselen aan de islamitische heiligdommen. Zijn redenering is dat Nederland investeert in dingen die Afghanistan zélf belangrijk vindt. De moskee is daar immers een "onomstreden basisvoorziening die ook als gemeenschapscentrum fungeert"? Onze militairen moeten ook vertrouwen winnen onder de burgers.

Toch zijn er kanttekeningen te plaatsen bij deze keus. De eerste is dat er grenzen zijn aan wat je wel en niet met ontwikkelingsgeld kunt doen. De besteding van ontwikkelingsgeld moet bijdragen aan armoedebestrijding. Daar hamert minister Koenders voor Ontwikkelingssamenwerking altijd op. Maar in dit geval is het enige doel dat gediend wordt het winnen van Afghaanse harten voor de Nederlandse missie. Dat heeft weinig met armoedebestrijding te maken. Defensie zou er in ieder geval geen ontwikkelingsgeld voor moeten gebruiken. Wat we nu zien is dat Defensiebelangen de ontwikkelingsagenda gaan overvleugelen. Dat kan de bedoeling niet zijn.

De tweede kanttekening is dat de Afghaanse overheid natuurlijk om méér gevraagd heeft dan moskeeën. We hebben het over een land dat eeuwen achterloopt op onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur en andere onmisbare zaken. Tegelijk weten we dat investeren in moskeeën heel riskant is - een Kamermeerderheid onderkende het gevaar. Wil Nederland blazen en toch het meel in de mond houden? Of willen we echt bijdragen aan de (weder)opbouw van Uruzgan? Dat was toch de tweede hoofddoelstelling van de missie? Dan is de conclusie dwingend: investeer met je beperkte middelen in armoedebestrijding.

Maar moet dan de gevolgtrekking zijn dat Nederland in de ontwikkelingssamenwerking de religieuze achtergrond van de doelgroep negeert? Dat we vanuit een strikte scheiding van religie en politiek neutrale ontwikkelingssamenwerking bedrijven? Minister Van Middelkoop grapte dat waar het kabinet in Nederland principieel is (dat wil zeggen de scheiding van kerk en staat respecteert), we in Afghanistan pragmatisch zijn (en dus met die scheiding een loopje nemen).

Je kunt het echter ook anders benaderen, om te voorkomen dat we in een dubbele moraal vervallen. Zonder direct over te gaan tot overheidssteun voor sommige of alle religies die we in ontwikkelingslanden tegenkomen, kunnen we de grote rol die religie daar speelt erkennen; en onze kennis daarover benutten in contacten met religieuze leiders. Bijvoorbeeld in situaties dat er gewelddadige religieuze conflicten zijn en er aan verzoening moet worden gewerkt.

We kunnen ook op basis van heldere criteria voor armoedebestrijding initiatieven ondersteunen van religieuze instellingen. Denk aan het indrukwekkende werk van met name christelijke organisaties in zuidelijk Afrika. Dat daarvoor ook islamitische organisaties in aanmerking zouden komen, ligt voor de hand. Maar dan hebben we het wel over armoedebestrijding en niet over de bouw van een moskee om moslims te vriend te houden. Daar zijn onze belastingcenten niet voor bedoeld.

De auteur is coördinator beleidsbeïnvloeding Stichting Woord en Daad. Reageren aan scribent? gedachtegoed@refdag.nl.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 juni 2008

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Onmisbare moskee?

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 juni 2008

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken