Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Triest gevecht om zeldzame hengst

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Triest gevecht om zeldzame hengst

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

UTRECHT - Als kemphanen bevechten ze elkaar, twee ex-partners. Inzet van de juridische strijd: een uiterst zeldzaam paard.

Chocoladekleurig is de hengst, met witte manen. Een zogeheten Rocky Mountain Horse.

Over zo'n beetje alles voeren meneer Van den B. en zijn ex-partner mevrouw Van D. bittere strijd, over één ding zijn ze het eens: het paard dat inzet is van het kort geding bij de rechtbank in Utrecht is een zeer zeldzaam dier. Het dier kwam in de Amerikaanse staat Kentucky ter wereld en werd in 2005 op transport gezet naar Nederland. De viervoeter is tienduizenden euro's waard en is goed voor pakweg twintig dekkingen per jaar. Een dekking brengt per keer 750 euro in het laatje.

Eensgezindheid over de uniciteit van de hengst dus, maar daarmee houdt de overeenstemming tussen de kijvende ex-geliefden wel op.

Sterker nog: de juridische strijd in het zaaltje van de Utrechtse rechtbank is even triest als ontluisterend. Verwijten tussen hem en haar vliegen over en weer. Hij: "Ze heeft me gezegd dat ze me financieel kapot zal maken. Het is bij haar alleen maar list en bedrog." Zij: "Hij wil me op mijn hart trappen."

Centrale vraag in het slepende conflict: wie is de rechtmatige eigenaar van de hengst? Er zijn al diverse procedures over gevoerd.

De hengst staat nu, half november 2008, bij Van den B. in de wei in een Utrechts dorp. Dat is zijn ex-vriendin Van D. een doorn in het oog. Per kort geding eist ze dat het dier onverwijld wordt overgeplaatst naar haar stal, enkele honderden meters verderop.

Er is haast geboden, dringt de vrouw via haar advocaat mr. J. Bredius aan. In de wei van haar ex kwijnt de hengst weg. "Het paard staat op een plek waar geen uitloopmogelijkheden zijn. Terwijl een hengst juist in beweging moet zijn."

De vrouw vindt dat zij recht heeft op het dier. Zij sloot in 2005 de koopovereenkomst in Amerika, regelde de feitelijke betaling, inenting, het transport, de import in Nederland, de dierenarts en de dekkingen. Bovendien bereed ze de hengst in al die jaren, bijvoorbeeld tijdens evenementen, en verzorgde ze het dier als haar eigen kind. Van den B. had niks met de donkere viervoeter. Hij was zelfs bang voor het dier, betoogt de vrouw.

Dat de rechter in een eerdere procedure het paard aan

Van den B. toewees, kan geen stand houden, vindt advocaat Bredius.

Van D. beschuldigt haar ex-vriend ervan dat hij documenten waaruit blijkt dat zij de wettelijke eigenares is, heeft verdonkermaand.

Lijnrecht tegenover het betoog van Van D. staat het verhaal van Van den B. Het paard behoort hém toe, betoogt hij bij monde van zijn advocaat mr. A. W. van Luipen. De koopovereenkomst mag dan de naam van zijn ex vermelden, hij schoof haar het geld toe. En hij bekostigde ook nog eens zaken als het tuig en het zadel en de financiering van paardenevenementen waar het bijzondere dier zijn shows moest geven.

Niet minder belangrijk is dat Van den B. in het Europees Stamboek staat geregistreerd als eigenaar, zo betoogt zijn raadsman. Dat de man, duivenmelker in hart en nieren, niet met paarden overweg kan, doet niet ter zake.

Dat de hengst bij Van den B. in de wei een armetierig bestaan leidt, is bezijden de waarheid, zegt de advocaat. Het dier krijgt keurig op tijd zijn voer.

Voeren de raadslieden de discussie nog op tamelijk zakelijke toon, zodra de ex-geliefden het woord krijgen, laaien de emoties op. Hij: "Zij heeft al zo veel van me afgepakt." Zij: "Dit paard was voor mij een droom. Ik ging er mee naar beurzen en shows."

Een paar dagen later beslist de rechter dat Van den B. het paard niet hoeft over te dragen. Dat het dier geen uitloopmogelijkheden zou hebben in de wei bij Van den B. acht de rechter "niet aannemelijk." De vrouw heeft "niets gesteld" waaruit blijkt dat de gezondheid van het paard in gevaar is.

De juridische touwtrekkerij om het paard is allerminst ten einde. Er loopt nog een hoger beroep bij het gerechtshof. De kortgedingrechter bij de Utrechtse rechtbank spreekt een waar woord: "U hebt nog een lange weg te gaan."

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 16 december 2008

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Triest gevecht om zeldzame hengst

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 16 december 2008

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's