Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een zwart gaatje in Wouters oog

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een zwart gaatje in Wouters oog

Meiden gillen van plaatjes vuurwerkslachtoffers

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

AMSTERDAM - "Wie van jullie heeft al eens een ongelukje met vuurwerk gehad?" Zo'n tien vingers gaan de lucht in. "Mijn jas vloog een keer bijna in brand", zegt een meisje. "Ik heb mijn hand verbrand", zegt een jongen. "En bij mij vloog een vuurpijl rakelings langs mijn oog", zegt een derde. Een lesje vuurwerkgevaar op het Calvijn College in Amsterdam.

In de klassen 1C en 1D heeft iedereen wel eens vuurwerk afgestoken. Ook dit is te zien aan het aantal opgestoken vingers, die na de vraag als speren de lucht in schieten.

"Voorkom de klap na de vuurpijl", staat er op het whiteboard voor in de klas, in grote powerpointletters. Buurtregisseur Mohsin van de politie test de kennis van de Calvijnleerlingen. "Van wanneer tot wanneer mag je vuurwerk afsteken?" "Alleen op oudejaarsavond", roept een puber. "Tot 2 uur 's nachts", weet een ander. Mohsin knikt eens vriendelijk. "Alleen op 31 december en van 10 uur 's morgens tot 2 uur 's nachts. Mits je de buren geen overlast bezorgt."

"Illegaal vuurwerk herken je aan het feit dat het vaak geen lont heeft", gaat hij verder. Uit de borstzak van zijn smetteloos witte politieoverhemd peutert hij een strijker. "Geleend", zegt hij lachend, terwijl hij de strijker in de lucht steekt. Wat ontbreekt, is inderdaad de lont. "Vuurwerk met lont heeft een aansteektijd van drie tot acht seconden. Deze kan op het moment dat je 'm aangestoken hebt de lucht in gaan."

Oog verwijderd

"Enig idee wat een prullenbak op straat kost?" vraagt Mohsin de klas als hij het over vernieling heeft. De buurtregisseur geeft zelf het antwoord. "Driehonderd euro. Een rode brievenbus? Negenhonderd euro. Heeft één van jullie 900 euro?" De klas lacht honend. "Dus wie moet er opdraaien voor vernielingen? Mensen die er niets mee te maken hebben."

Gabriëlle Janssen van het oogheelkundig centrum van het VU Medisch centrum in Amsterdam neemt het woord. Ze laat een powerpointpresentatie zien waarvan de leerlingen gruwen. "In 2008 raakten 960 mensen gewond door vuurwerk", vertelt ze. "Acht mensen overleden de afgelopen vijf jaar aan de gevolgen van vuurwerk, bij zeven mensen moest een oog worden verwijderd."

De klas reageert op de laatste mededeling met een storm van vragen. "Wat gebeurt er met die mensen die geen oog meer hadden? Kregen die een glazen oog? Kun je dan nog knipperen? En dat oog bewegen? Waarom wordt zo'n oog niet gewoon dichtgenaaid?" Het onderwerp spreekt tot de verbeelding.

Gabriëlle Janssen laat een foto zien van een jongen met een rood, vies oog. De meiden in de klas gillen ervan. "Iedereen reageerde net zo op hem als jullie, toen hij weer terug in de klas kwam. Zijn klasgenoten vonden opeens dat hij er vies en eng uitzag. Deze jongen moest dus ook nog eens in behandeling omdat hij een minderwaardigheidscomplex kreeg."


Ziek van pijn

Een zwart gaatje in zijn linkeroog. Dat is het enige wat bij Wouter Rinia (16) uit Wieringerwerf nog herinnert aan een vuurwerkongeluk. Hij is met Gabriëlle Janssen meegekomen om voor de klas zijn verhaal te doen. "Het gebeurde drie jaar geleden", zegt hij. "Ik wilde nog snel even wat vuurwerk afsteken voordat ik naar huis ging en had een aantal babypijltjes in mijn jaszak zitten. Stom natuurlijk, want als die pijltjes knakken, zijn ze oncontroleerbaar.

Ik stak er één af in mijn hand en zag pas tijdens het afsteken dat hij geknakt was. Ik heb 'm snel weggegooid, maar de pijl kwam terug, in mijn oog. Ik ben naar binnen gerend, verdoofd van de pijn. Er kwam bloed uit mijn oog. Mijn moeder gilde heel hard toen ik met al dat bloed op mijn gezicht binnenkwam en bracht me zo snel mogelijk naar de huisartsenpost.

Mijn oog zag zwart van het kruit. Dat hebben ze uitgespoeld, maar verder leek er weinig aan de hand. 's Avonds was ik ziek van de pijn en van de schrik. Pas twee dagen erna liet het netvlies los van mijn oog. Ook de iris en het hoornvlies waren beschadigd.

In Amsterdam ben ik zo snel mogelijk geopereerd. Ik heb vier dagen in het ziekenhuis gelegen.

Nu is mijn oog hersteld. Ik kan er gewoon goed mee zien, alleen als mensen links van mij staan zie ik hen niet. Dan is het net alsof er een boterhamzakje over mijn oog is geplakt. Daardoor kan ik bijvoorbeeld geen piloot worden, wat ik jammer vind. Ook autorijden zal minder goed gaan, net als voetballen en tennissen, omdat ik een minder breed zicht heb. Op school slaan mijn vrienden mij voor de grap wel eens op mijn linkerwang. Dat ziet-ie toch niet aankomen, zeggen ze dan.

Ik ga dit jaar hooguit één of twee rotjes afsteken, maar dan heb ik het wel gezien. Voor mij is vuurwerk niet leuk meer."

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 20 december 2008

Reformatorisch Dagblad | 35 Pagina's

Een zwart gaatje in Wouters oog

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 20 december 2008

Reformatorisch Dagblad | 35 Pagina's