Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vrouw speelt mooi weer

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrouw speelt mooi weer

2 minuten leestijd Arcering uitzetten

Waar een schapendarm al niet goed voor is. Bij mooi weer komt een vrouw uit de deur van het weerhuisje. Valt er regen, dan laat een man zijn gezicht zien. Clemens van Rijthoven (53) uit Wijk en Aalburg redde ruim dertig van deze weervoorspellers van de ondergang.

"Al toen ik een klein kind was, hadden weerhuisjes aantrekkingskracht op mij", herinnert Van Rijthoven zich. "Hoe wisten man en vrouw wanneer ze tevoorschijn moesten komen?" Inmiddels is de verzamelaar, kunst- en cultuurdocent aan het Prinsentuin College in Andel, achter het geheim: "Weerhuisjes zijn vochtigheidsmeters. Het draaiplateau in het huisje waarop een mannetje en een vrouwtje staan, hangt aan een opgerolde schapendarm. Deze zwelt op bij een stijgende luchtvochtigheid en duwt vervolgens de manspersoon naar buiten. Bij drogere lucht krimpt de darm en treedt de dame op de voorgrond."

De schapendarm is meestal aan de schoorsteen van het weerhuisje bevestigd. Het miniatuurhuisje geeft niet meer dan een grove voorspelling. Het meetinstrument komt het beste tot zijn recht in berggebieden, omdat de luchtvochtigheid daar het sterkst wijzigt. Het huisje moet dan wel buiten onder een afdakje en niet in een woning staan. Het betrouwbaarste element van het product is de thermometer, die tussen beide openingen in de gevel zit.

De eerste weerhuizen dateren van circa 1750. Ze werden niet in grote aantallen en vooral in het Zwarte Woud en Ertsgebergte in Duitsland gebouwd. "In de jaren 60 van de vorige eeuw kwam daar een massaproductie op gang", weet Van Rijthoven. "De miniatuurhuisjes met mannetje en vrouwtje in klederdracht gingen voornamelijk als souvenir over de toonbank."

Daarna raakten ze uit de gratie. "Veel jongeren weten niet meer wat een weerhuisje is." De verzamelaar tikte de afgelopen vijf jaar ruim dertig exemplaren op de kop. Bijzondere huisjes, maar ook doorsneeproducten.

Er lijkt uiterlijk bijvoorbeeld nauwelijks verschillend tussen twee met gekleurd zand bestrooide weerhuisjes uit respectievelijk 1920 en 2008. Onderhuids is dat wel het geval. "Het houten ambachtswerk van weleer maakte plaats voor triplex en plastic. Huisjes uit Taiwan zijn meestal niet meer dan een klodder plastic. Voor mij niet interessant."

Negenentwintig weerhuisjes uit de verzameling van Van Rijthoven zijn tot het eind van de maand te zien in de bibliotheek Aalburg in Wijk en Aalburg.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 10 januari 2009

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Vrouw speelt mooi weer

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 10 januari 2009

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's