Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

In debat over het begin

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

In debat over het begin

Dr. Terry Mortenson: Idee miljoenen jaren heeft wortels in anti-Bijbelse vooronderstellingen

12 minuten leestijd

Over in elk geval één ding blijken beiden het eens. Prof. dr. Gijsbert van den Brink: "Met dr. Mortenson betreur ik het dat creationisten niet de kans krijgen om een waardig wetenschappelijk alternatief te ontwikkelen voor de evolutietheorie. Maar dan nóg denk ik niet dat zij de strijd zouden winnen." Dr. Terry Mortenson: "Dat denk ik ook niet."

"En ik zal u ook de reden vertellen", zegt Mortenson, verbonden aan de Amerikaanse organisatie Answers in Genesis. "Dat komt omdat ons wereldbeeld theologisch, Bijbels van aard is."

Van den Brink: "Nee, dat komt omdat de data, de beschikbare gegevens, in een andere richting wijzen dan de uwe. Namelijk in die van een aarde die zich zeer geleidelijk heeft ontwikkeld."

Mortenson: "Niemand interpreteert de data met een blanco mind. Cruciaal zijn de vooronderstellingen die mensen hebben. Neem de zondvloed: die spreekt ons niet alleen van het bestaan van God, maar leert ons ook dat Hij een heilig Rechter is. Mensen zullen bewijs dat er zo'n wereldwijde catastrofe heeft plaatsgevonden nooit accepteren als ze dÝé notie niet eveneens aanvaarden."

Sjibbolet

"Dat de wereld in zes dagen van 24 uur is geschapen, wat ons als kind is bijgebracht, staat voor mij niet meer zo vast", zei Van den Brink vorig jaar augustus in een dubbelinterview met zijn broer Tijs in deze krant. "Die dagen kunnen wel langere perioden zijn geweest. In elk geval is de aarde veel ouder dan de bekende 6000 jaar."

In een column in het Nederlands Dagblad (ND) kwam hij nog eens op het interview terug. Die "paar zinnen" waren hem op "vele verontruste reacties komen te staan", schreef de bijzonder hoogleraar geschiedenis van het gereformeerd protestantisme aan de Universiteit Leiden en universitair hoofddocent dogmatiek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. "Iemand die zozeer aan het "schuiven" is, valt die nog wel te vertrouwen?"

Het ligt echter anders, stelde hij. De "6x24-leer" is pas vrij recent -met de komst van de Evangelische Omroep (1970) en de Evangelische Hogeschool (1977)- uitgegroeid tot "toetssteen van rechtzinnigheid." "In de hervormd-¡gereformeerde traditie bijvoorbeeld was zij in het verleden nooit een sjibbolet."

Maar gelukkig, vervolgde Van den Brink, ze zijn er nog, mensen die het voor "6 x 24" durven op te nemen. Hij verwees daarbij naar dr. Terry Mortenson uit de VS, die kort daarvoor een aantal spreekbeurten in Nederland had verzorgd.

Van den Brinks column vormde voor deze krant aanleiding om Mortenson n¾gmaals de oceaan te laten oversteken en een gesprek tussen beiden te arrangeren. Op een woensdag in maart ontmoeten de twee elkaar in restaurant De Markies in Woerden.

Kunt u, dr. Van den Brink, aangeven wanneer de verandering in uw denken op dit punt ongeveer begon?

"Dat was, zoals je zo vaak ziet, tijdens mijn academische studie - hoewel die in de theologie was en niet in de natuurwetenschappen. Voor mij is het vooral het feit dat de overweldigende meerderheid van de wetenschappers overtuigd is van een zeer oude aarde en van een lange periode van evolutie dat me ertoe heeft gebracht om te denken: als ik niet eigenwijs wil zijn, moet ik dit serieus nemen. De meeste wetenschappers, of ze nu seculier zijn of christelijk, hebben er geen enkel belang bij om op dit punt te liegen, bewust onwaarheid te vertellen.

Vervolgens kom je voor de vraag te staan: hoe kan ik dit nu combineren met mijn geloof? Want je kunt je interpretatie van Genesis 1 niet veranderen zonder ook de consequenties daarvan te doordenken."

En uw conclusie was dat een en ander verenigbaar zijn?

"Dat klopt. Wat in dit verband heel interessant is: als je de Heidelbergse Catechismus leest, als het gaat om het geloof in God de Schepper, lees je niet één woord over 6 dagen en 24 uur. Wel lees je, in prachtige bewoordingen, over God als de eeuwige Vader van Jezus Christus, Die alles geschapen heeft en nog steeds onderhoudt. Dàt moet je dus geloven om christen te zijn, orthodox christen. Als de belijdenisgeschriften al iets zeggen over zes dagen en 24 uur, is dat heel impliciet. Dus waarom zouden wij verder gaan dan onze vaderen?"

Mortenson: "Laten we ons goed realiseren dat toen de kerk haar belijdenissen vaststelde, deze gevormd werden door de context van hun tijd. In de derde en de vierde eeuw lag de leer van de Drie-eenheid en van de god- en mensheid van Christus onder vuur. Dààr sprak de kerk zich toen over uit. Gaan we naar de tijd van de Reformatie, dan was het de leer van de rechtvaardiging door het geloof alleen waarvoor de kerk opkwam. In mijn boek "The Great Turning Point", een bewerking van mijn proefschrift, kom ik tot de conclusie dat er sterk historisch bewijs voor is dat de kerk eeuwenlang heeft geloofd in een jonge aarde. Dat was de visie van de overgrote meerderheid van de christenen - tot de negentiende eeuw. En dààr ligt de reden waarom de kerk zich in de eeuwen daarvoor niet uitvoerig over deze zaken heeft uitgesproken."

Nieuwe priesters

"Tot in de achttiende eeuw is de theologie de koningin van de wetenschappen", zegt Mortenson. "Vanaf dat moment komen daar de natuurwetenschappen voor in de plaats. Wetenschappers worden de nieuwe priesters. Als een priester of iemand anders iets zegt, is dat voortaan theologie, niet meer dan een mening."

Van den Brink: "Maar dat is ook wel te begrijpen. De wetenschappers zeiden allemaal min of meer hetzelfde, terwijl de geestelijken elkaar tegenspraken. De wetenschap hééft vooruitgang gegeven, kijk alleen al naar de geneeskunde."

Mortenson: "Zeker. Maar op dit punt moeten we een belangrijk onderscheid maken tussen twee categorieën van wetenschap: historische en toegepaste wetenschap; het onderscheid is van de Britse filosoof William Whewell. De meeste mensen denken bij wetenschap aan toegepaste wetenschap, inderdaad: onder meer geneeskunde. Er worden herhaalbare experimenten uitgevoerd, in een gecontroleerde omgeving. Op die manier worden nieuwe technologieën ontdekt, of behandelmethoden.

Heel anders ligt dat bij de tweede categorie, de historische wetenschap. De evolutionaire geologie of het creationisme houdt zich bezig met een verleden waar men zelf niet bij geweest is. En dan hangt wat je waarneemt, of niet waarneemt, sterk af van je vooronderstellingen. Is er een God? En is die God betrokken geweest bij Zijn schepping, of niet? De Grand Canyon kun je niet her-scheppen. Het enige wat je kunt doen, is de rotsen bestuderen, de fossielen ook, en op basis daarvan het verleden proberen te reconstrueren."

Van den Brink: "Maar zelfs al zou het waar zijn dat de gedachte van een oude aarde afkomstig is van atheïsten, of van deïsten, dan betekent dat nog niet dat zij het niet bij het goede eind kunnen hebben. De reden waarom zo veel mensen, en zeker academici, ook christenen, in een oude aarde geloven, is het bewijsmateriaal. Dat is afkomstig uit verschillende takken van wetenschap: astronomie, kosmologie, de fossielen.

Recent is er een publicatie verschenen van René Fransen, een wetenschapsjournalist, en dat zijn interessante mensen, want zij hebben het overzicht als het erom gaat wat er in de verschillende wetenschappen zoal gebeurt. Wat hem treft, is dat er zo veel verschillende aanwijzingen zijn die alle in dezelfde richting wijzen: die van een oude aarde. Dat moeten we serieus nemen."

Mortenson - die pas in zijn studententijd tot de overtuiging kwam dat Genesis 1-11 "letterlijke geschiedenis is en dat ware wetenschap deze bevestigt": "Als iemand probeert te ontdekken hoe het komt dat kankercellen zich zo snel vermenigvuldigen, dan maakt het niet zo veel uit of hij atheïst is of boeddhist, hindoe of christen. Maar iemands wereldbeeld heeft wél grote gevolgen voor hoe hij naar het verleden kijkt. In mijn dissertatie stel ik vast dat de idee van de miljoenen jaren nÝét is gebaseerd op bewijs uit rotsen en fossielen, maar haar wortels heeft in anti-Bijbelse vooronderstellingen. Het schijnbare bewijs dat vandaag vaak wordt aangevoerd voor de evolutietheorie, is het resultaat van vooronderstellingen die alle wetenschappen beheersen."

Van den Brink: "Daarmee zegt u nogal wat. Kijk, ik ben het met u eens dat er twee soorten wetenschap zijn. Ik zie ook dat er gaten zijn in de evolutie¡theorie, en het is goed dat creationisten daarop wijzen. Maar (tekent op een A4 een zogenoemde "geological record", een geologische kolom) als je nu zo'n kolom neemt, en je treft in de oudste aard¡lagen heel eenvoudige diersoorten aan en hoe hoger je komt, hoe gecompliceerder ze worden, dan kun je daaruit toch iets afleiden over de ouderdom van de aarde?"

Mortenson: "Ik weet een beetje hoe de geologische kolom tot stand is gekomen. Eén ding is zeker: in werkelijkheid is die veel complexer dan u nu schetst. Nergens op aarde zult u dÝt aantreffen."

Van den Brink: "Ik weet het. Dit is zoals het idealiter is, een reconstructie. Maar dan nog..."

Mortenson: "Daar komt bij dat er -zie onze website- tal van voorbeelden te geven zijn waaruit duidelijk wordt dat wat evolutionisten zeggen op basis van fossielen die zijn gevonden eenvoudig niet blijkt te kloppen. Neem de Latimeria, een vis die 65 miljoen jaar geleden tegelijk met de dinosaurussen zou zijn verdwenen. In 1938 werd hij levend bij Madagaskar aangetroffen."

Van den Brink: "Dit doen creationisten nu voortdurend: als mensen iets beweren, komen zij meteen aanzetten met een, twee, drie tegenvoorbeelden."

Mortenson: "Ik zou er vele kunnen noemen."

Van den Brink: "Wellicht. Maar u bent niet in staat om een overtuigend alternatief programma, een paradigma, te ontwikkelen waarin al die data een plaats krijgen, op zo'n manier dat u erin slaagt het merendeel van uw collega-¡wetenschappers te overtuigen."

Mortenson: "Dat heeft een reden. Creationisten zÝjn bezig met het ontwikkelen van een model van de geschiedenis van de aarde, een model waarin onder andere de "Great Flood", als een catastrofe die een jaar lang heeft geduurd, een cruciale plaats inneemt. Maar het is niet of nauwelijks mogelijk om aan de universiteit voet aan de grond te krijgen, om als creationist, bijvoorbeeld, je doctorsgraad te behalen in de geologie."

Van den Brink: "Ik begrijp uw punt. Niettemin, zelfs al zou het creationisme meer kansen krijgen, dan nog denk ik niet dat de resultaten die tot nu toe behaald zijn drastisch zullen veranderen. Zo denk ik dat de zondvloed niet kàn verklaren waarom de aardlagen z¾ gevormd zijn en niet anders."

Mortenson: "Hoe weet u dat?"

Van den Brink: "Omdat alles er dan veel chaotischer uit zou hebben gezien."

Heeft er een zondvloed plaatsgehad?

"Er is een vloed geweest. Maar ik weet niet of dat een wereldwijde vloed is geweest."

Mortenson: "Wat velen niet weten, is dat de laatste dertig, veertig jaar steeds meer wetenschappers stellen dat er bewijs is dat er in de geschiedenis enorme catastrofen hebben plaatsgevonden. Het boek "The New Catastrophism" van de overleden Britse geoloog Derek Ager staat vol voorbeelden op dit punt."

Accommodatieleer

In het ND van 9 maart merkte Van den Brink, in navolging van geoloog Davis Young (Grand Rapids) op in Calvijns accommodatieleer een mogelijke "oplossing" te zien voor de uitleg van Exodus 20:11, waar God Zélf zegt dat Hij de hemel en aarde in zes dagen heeft gemaakt. "Ja, zo moet het zijn: het tekent Gods bijzondere zorg dat Hij zijn volk niet overviel met miljoenen lichtjaren, maar eenvoudig meegaf: voor Mij was de schepping een werk in zes dagen - en daarna had zelfs Ik rust nodig."

Mortenson: "Als God in Exodus 20 had willen zeggen: Zes dagen zult gij arbeiden, want in zes lange perioden heb Ik de hemel en de aarde gemaakt, dan had Hij dat in het Hebreeuws toch heel eenvoudig kunnen doen? En een schaapherder had het onderscheid tussen een lange periode en "yom", het woord voor "dag", toch wel begrepen?"

Van den Brink: "God heeft in de Bijbel niet de bedoeling gehad om ons te informeren over wanneer en hoe de wereld is ontstaan, maar om ons een boodschap te geven. Pascal zegt: Ik ben overweldigd door, bevreesd voor de enorme dimensies van het universum. Maar, zegt God, "wees niet bang. Voor Mij was het slechts een werk van zes dagen.""

Mortenson: "Als God ons alleen had willen vertellen dat Hij de Schepper is en dat wij niet bang hoeven te zijn, dan had Hij dat op een poëtische wijze kunen zeggen, of op een literaire wijze. Maar nu doet Hij dat in heel precieze termen, met behulp van specifieke tijdsbepalingen."

Eeuwenlang hebben christenen niet, of nauwelijks, getwijfeld aan de historiciteit van Genesis. Waarom kan dat, dr. Van den Brink, nu niet meer?

"Laat ik eerst zeggen dat ik mensen die nog steeds in deze zaken geloven, respecteer. Ik denk ook dat zij vaak goede christenen zijn, om zo te zeggen."

"Respecteren" kan iets neerbuigends in zich hebben.

"Daar zit misschien iets in. Maar, eeuwenlang hebben mensen geloofd dat de zon om de aarde draaide. We zijn erachter gekomen dat dat niet waar is - en dat geloven we nu toch ook niet meer?"

Mortenson: "Op grond van de Bijbel, Oude én Nieuwe Testament, kan ik niet anders dan geloven in een volmaakte schepping, die zo'n 6000 jaar geleden plaatshad in zes dagen. Ook omdat ik anders enorme theologische problemen zie opdoemen. Als we de miljoenen jaren accepteren, aanvaarden we, bijvoorbeeld, ook miljoenen jaren van dood, ziekte, doornen en distelen v¾¾r de zondeval. Heeft God deze dan als zeer goed beschouwd? Ik zou u vele citaten kunnen geven van evolutionisten die zeggen: Zo'n god, die miljoenen jaren deed over zijn schepping, inclusief dood, bloedvergieten, uitsterving, zou bijna diabolisch zijn. Een god als hij is niet te vertrouwen. En ik zou het met hen eens zijn. Want dit is niet de God zoals Hij Zich openbaart in de Schrift."

refdag.nl/darwin.

refdag.nl/multimedia voor een videoverslag.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 april 2009

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

In debat over het begin

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 april 2009

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken