Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

"Acceptatieplicht lost niets op"

3 minuten leestijd

AMERSFOORT - Laat ouders het recht houden om een school te kiezen die bij hun overtuiging past. En houd als school je profiel helder.

Die oproep deed VGS-beleidsmedewerker P. W. Moens gistermiddag in Amersfoort tijdens een congres van de bond CNV Onderwijs over de vrijheid van onderwijs. Hij wees erop dat een acceptatieplicht voor scholen in strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. "Voor de integratieproblemen blijkt een verbod op het weigeren van leerlingen geen oplossing te zijn."

"Welk probleem los je met een acceptatieplicht op?" vroeg ook prof. dr. J. J. van Dijk, hoogleraar sociaal denken aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam en voormalig CDA-Kamerlid, zich af. "Scholen die consequent zijn in hun toelatingsbeleid, mogen dat volgens het wetsvoorstel blijven doen. De acceptatieplicht treft dus de hoofdstroom van de christelijke scholen. Hoe vaak wordt daar een kind geweigerd vanwege de identiteit?" Van de honderden congresgangers bleek niemand daarvan voorbeelden te kennen.

"Een acceptatieplicht veronderstelt dat heterogeniteit van een school betere resultaten oplevert. Het tegendeel is eerder het geval", zei Van Dijk. Directeur R. Limper van de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) vond die heterogeniteit ideaal: "Ik gun alle kinderen pluriformiteit bÝnnen de school."

Van Dijk noemde echter voordelen van een gevarieerd onderwijsstelsel: "De betrokkenheid van ouders bij het onderwijs is in Nederland veel groter dan in landen die maar één soort onderwijs hebben. Ouders maken een bewuste keuze voor een school, omdat ze onderwijs als verlengstuk van de opvoeding zien. Waarom zou je ouders die keuzemogelijkheid afnemen?"

Bestuursvoorzitter dr. W. Kuiper van de Besturenraad noemde Engeland als "schrikbeeld": "Als je daar geen geld hebt, heb je niets te kiezen; dan is er maar één soort school." Kuiper wees op een OESO-onderzoek waaruit blijkt dat onderwijssystemen met meer vrijheid een iets beter resultaat hebben dan homogene systemen.

Bij de krimp van scholen moet geen druk vanuit de overheid ten voordele van het openbaar onderwijs worden uitgeoefend, stelde Moens. "Laat ook dan de wens van de ouders leidend zijn en laat scholen met elkaar een oplossing zoeken."

Tijdens een workshop werd erop gewezen dat het bijzonder onderwijs in Cito-onderzoeken op taal en rekenen gemiddeld beter scoort dan openbare scholen. "Dat komt niet doordat bijzondere scholen witter zijn, want dat zijn ze niet. Christelijke scholen kennen wel meer discipline."

Christelijke scholen denken soms te weinig na over hun identiteit; ze kunnen daarbij een voorbeeld nemen aan sommige openbare scholen, stelde Van Dijk. "Die identiteit blijft waardevol, ook als een groot deel van de schoolpopulatie er weinig meer mee heeft", vond Kuiper. Hij noemde als voorbeeld een recent gesprek met PvdA-Kamerlid Marcouch. "Die vertelde me dat hij op een christelijke lts heeft gezeten en daardoor veel Bijbelverhalen kent." De Besturenraad start binnenkort een onderzoek naar de motieven van ouders bij de schoolkeuze voor hun kinderen.

"Hoe neutraal is openbaar onderwijs eigenlijk?" vroegen congresgangers zich af. "Het verschilt per streek. Er wordt vooral kil en negatief tegen religie aangekeken als de openbare school groeide doordat ouders bewust afstand namen van de christelijke school."

Prof. M. Laemers, hoogleraar onderwijsrecht aan de VU, schetste de discussies rond artikel 23 van de Grondwet. De Onderwijsraad is gevraagd met spoed te adviseren over het artikel. "Ik denk dat de raad zal adviseren dat niet alleen een religieuze denominatie, maar ook een pedagogisch-didactische grondslag geaccepteerd moet worden als motief om een school te mogen stichten."

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 2010

Reformatorisch Dagblad | 13 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 2010

Reformatorisch Dagblad | 13 Pagina's

PDF Bekijken