Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Theologie moet godgeleerdheid blijven

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Theologie moet godgeleerdheid blijven

5 minuten leestijd

Theologie moet zowel godgeleerd als praktijkgericht zijn, stelt prof. dr. Gerrit Immink.

Krimp, zoeken naar samenwerking, verplaatsing – dat was gedurende mijn rectoraatsperiode eigenlijk voortdurend aan de orde. Op de achtergrond speelde steeds de vraag: Waar gaat het eigenlijk over in de theologie? Welk vakkenpakket is nodig om een predikant op te leiden?

Als ik het goed zie, heeft zich de afgelopen jaren een verschuiving voorgedaan. Faculteiten godgeleerdheid van openbare universiteiten hadden vanouds een overwegend godsdienstwetenschappelijk profiel. Maar dat stond wel altijd in het totaalplaatje van een faculteit die zich vooral richt op de bestudering van de christelijke godsdienst, met aansluitend een kerkelijke ambtsopleiding. Gaandeweg heeft er echter een verzelfstandiging en verbreding van religiestudies plaatsgevonden. En ik snap dat het helder is om twee onderscheiden labels te hebben: enerzijds theologie, anderzijds religiestudies. Toch pleit ik ervoor om de studierichtingen binnen één departement of faculteit te houden.

Ten eerste zou het niet goed zijn voor de theologie als de godsdienstwetenschap te veel buiten beeld raakt, en ten tweede vrees ik dat religiestudies zonder de nabijheid van de theologie moeilijk het eigen zelfstandig bestaansrecht hard kunnen maken.

Praktijken

De theologie staat als wetenschapsgebied in directe verbinding met concrete godsdienstige praktijken. Niet alleen in die zin dat die praktijken voorwerp van onderzoek kunnen zijn, maar zo dat de afgestudeerde theoloog bekwaam en geschikt is om in die praktijken een professionele leidinggevende rol te vervullen. Als die praktijken uit beeld raken en er geen predikanten meer worden opgeleid, zal de theologie als wetenschapsgebied verdwijnen.

Godsdienst is dus meer dan een stelsel van overtuigingen of een manier van leven. Want aan de overtuigingen en het gedrag liggen praktijken ten grondslag. Praktijken hebben het karakter dat er iets in tot stand komt. Het ”heilige” gebeurt in de uitvoering. Daar komt nog bij dat in de uitvoering van praktijken ook een stukje professionaliteit tot uitdrukking komt. Er is zoiets als de kunst van het uitvoeren.

Naast de gerichtheid op praktijken is het essentieel dat de theologie zich realiseert dat zij bezig is met godgeleerdheid; wetenschap van God. Al in de 19e eeuw zijn er voortdurend bewegingen in de theologie die het accent verleggen van God naar de mens. Bovendien groeit de kritiek op het klassieke godsbegrip en komt zelfs de gedachte op dat God een projectie is. Verdwijnt God van het toneel? Neen, dat niet, maar God wordt min of meer een symbool voor het Goede.

Als de theologie de gedachte van de godgeleerdheid –hoe lastig en ingewikkeld die ook is– loslaat, komt het bestaansrecht van de theologie als zelfstandig wetenschapsgebied snel ter discussie te staan. Het verschijnsel religie, religieuze ervaringen en rituelen – dat alles kan toch ook prima bestudeerd worden door antropologen, psychologen en sociologen? Wolfhart Pannenberg heeft terecht opgemerkt dat de theologie van het toneel zal verdwijnen, zodra we het Godsbegrip louter opvatten als een projectie vanuit de antropologie.

Waarheidsclaims

Theologen moeten dus naar mijn overtuiging twee dingen kunnen. In de eerste plaats moeten ze zich rekenschap geven van de betekenis van hun specifieke vakgebied voor kerkelijke en godsdienstige praktijken. En ten tweede moeten ze zich rekenschap geven van de betekenis van hun vakgebied voor het spreken over God.

Ik zou de stelling durven wagen dat wie deze twee dingen niet wil of kan, zich beter geen theoloog kan noemen. Uiteraard kun je prima historicus, taalkundige of sociaal wetenschapper zijn zonder theoloog te zijn. En binnen een theologische universiteit of faculteit is daar zeker ook plaats voor. Maar als onze vakgebieden samen het geheel van de theologie vormen, moet elk vakgebied ook beoefend kunnen worden als theologie.

Daarvoor is het nodig dat er binnen het vakgebied systematische vragen gesteld worden met betrekking tot hedendaagse godsdienstige praktijken en met betrekking tot het spreken over God. Dat is niet eenvoudig, want dan moeten we zowel het vak goed beheersen als in staat zijn om op systematische wijze theologische thema’s in te brengen. En het wordt pas echt spannend als we dan ook nog het gesprek aandurven over de waarheidsclaims die in teksten of in praktijken tot uitdrukking komen.

Medaille

In mijn bestuurlijke functie als rector heb ik steeds geprobeerd het academische karakter van de theologie hoog te houden, in het besef dat de afgestudeerde theoloog bekwaam en geschikt dient te zijn om als predikant in de kerk aan de slag te gaan. De gerichtheid op concrete praktijken en de wetenschappelijke doordenking van het spreken over God zijn voor mij twee zijden van dezelfde medaille.

Als u mij vraagt hoe het nu uiteindelijk met de theologie gaat, zou ik zeggen: „’t giêt wà good.” Van de gesprekken vroeger bij ons thuis aan de keukentafel op de boerderij herinner ik me dat het meestal geen lange gesprekken waren. Er werden ook nauwelijks conclusies getrokken. En op een bepaald moment klonken de woorden: „Kom, we gaan weer aan het werk.” En de mensen die op bezoek waren beseften dan dat het tijd werd om maar weer eens op te stappen.

Vandaag hebben we een wisseling van de wacht. Op de PThU gaan we morgen gewoon weer aan de slag met ons werk. Wat de theologie betreft is er gelukkig genoeg werk aan de winkel.

De auteur was van 2003 tot 2006 rector van de kerkelijke opleidingen van de Nederlandse Hervormde Kerk, en vanaf 2007 van de Protestantse Theologische Universiteit (PThU). Dit artikel is een samenvatting van de rede die hij vanmiddag hield ter gelegenheid van de achtste dies natalis van de PThU en zijn afscheid als rector.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 december 2014

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Theologie moet godgeleerdheid blijven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 december 2014

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken