Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Uitblinken in dwarse politiek

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Uitblinken in dwarse politiek

11 minuten leestijd

„Reken je maar niet te snel rijk, hoeveel mediaoptredens je ook krijgt, drukte de Amsterdamse predikant ds. P. J. Visser hem ooit op het hart. Die raad schiet SGP-leider Van der Staaij tijdens de eigentijdse campagne die hij dezer dagen voert nog regelmatig te binnen. „Op sociale media regent het soms verwensingen.

Welke rol er na de verkiezingen zal zijn weggelegd voor zijn SGP durft Van der Staaij niet te voorspellen. Niet meedoen, is een optie; opnieuw een gedoogrol vervullen ook. Zelfs meeregeren is niet helemaal uitgesloten. „De SGP heeft die mogelijkheid principieel altijd nadrukkelijk opengehouden”, zegt de partijleider in zijn Haagse werkkamer. „Al in de jaren 80 is dat zo uitgesproken door het toenmalige partijbestuur.”

De afgelopen jaren vervulde de SGP een gedoogrol. Is de gedachte onjuist dat de partij daarmee tot het uiterste is gegaan?

„Alsof dat een grens was die de SGP nooit zal overschrijden. Zo liggen de zaken zeker niet. Wel willen we waken voor gretigheid, want dat leidt er alleen maar toe dat je bij onderhandelingen veel te gemakkelijk water bij de wijn doet. Dat heeft de praktijk bij andere partijen vaak genoeg laten zien.”

Dus concreet: is regeringsdeelname voor de SGP ten diepste een brug te ver?

„Voor elke kleine partij is het gewoon een ingrijpende stap, daar moeten we nuchter in zijn. Kijk maar naar de ChristenUnie. Na de val van het kabinet waar de ChristenUnie onderdeel van was, verloor de partij zelfs haar zesde zetel. Een deel van de CU-kiezers die in 2006 naar de stembus waren gegaan, bleef in 2010 thuis. En laten we wel zijn, wij zijn nog kleiner dan zij, zelfs wanneer we vier zetels halen. Ons gedachtegoed op een geloofwaardige manier tot zijn recht laten komen in een coalitieakkoord zal op zijn zachtst gezegd heel ingewikkeld zijn.”

Maar als ChristenUnie en SGP vooraf de handen ineenslaan en alvast een paar goede afspraken maken, wordt het toch al een stuk eenvoudiger?

„Zeker, mochten we op enig moment allebei in beeld komen als coalitiepartner, dan gaan we daar samen op een verstandige manier mee om. Daar heb ik alle vertrouwen in. Op veel aangelegen punten staan we schouder aan schouder, hoe verschillend we ten aanzien van bijvoorbeeld het milieubeleid, het asielbeleid of de beoordeling van de islam soms ook kunnen zijn.”

In de peilingen staat uw partij al geruime tijd op vier zetels. Hoe vaak krijgt u van kiezers buiten uw achterban te horen: dit keer stemmen we SGP?

„Dat gebeurt regelmatig. Een mooi voorbeeld was een paar weken geleden, toen ik hier aan tafel koffie zat te drinken met mensen uit Brabant. Ze hadden ooit VVD gestemd en in een ver verleden nog KVP. Vroeger dachten ze: Een stem op de SGP is een verloren stem. Nu hadden ze meegekregen hoe wij, anders dan bijvoorbeeld het CDA, betrokken zijn geweest bij diverse begrotingsakkoorden en wat we daarbij hebben binnengehaald. Samen met de ChristenUnie zijn we erin geslaagd meer subsidie te regelen voor Siriz, voor de hulp rond ongewenste zwangerschappen. En voor uitstapprogramma’s voor prostituees. En door bepaalde bezuinigingen die het kabinet voor ogen had te verzachten, hebben we een dreigende kaalslag van gezinsinkomens kunnen tegengaan.”

Wat steekt u van dergelijke gesprekken op?

„Veel mensen zijn lovend over onze constructieve houding en onze politieke stijl. Hoe ze uitkomen bij een bepaalde partij is in onze tijd wel steeds vaker het gevolg van een volstrekt individuele afweging. We moeten ons in de campagne dus niet al te expliciet richten op bepaalde afgebakende kiezersgroepen of ons verhaal daarop aanpassen. Het moet vooral om de inhoud gaan.

Deze mensen uit Brabant eindigden bij de SGP vanwege onze standpunten over de beschermwaardigheid van het leven, Europa, Israël, de islam en defensie. Dat vond ik belangrijk om te horen, want dat zijn gewoon de klassieke SGP-speerpunten. Ook mijn voorgangers Abma, Van Rossum en Van der Vlies hebben die al uitvoerig benoemd.”

De SGP-verkiezingscampagne wordt alom beoordeeld als modern en eigentijds: veel Twitterberichten, tv-optredens in talkshows, grote billboards en advertenties in seculiere kranten. Wanneer hoorde u voor het laatst dat zo’n campagne eigenlijk te werelds is?

„Het gepolariseer uit de jaren 70 ligt mede dankzij het samenbindende werk van mijn voorganger Van der Vlies gelukkig achter ons. Wat onze achterban ons vooral laat weten, is dat men ziet dat het SGP-hart klopt bij de klassiek-christelijke thema’s, zoals de bescherming van het leven, huwelijk, gezin en ouderschap. Kortom, bij die punten waar dat hart ook bij hóórt te kloppen. Ik ben daar dankbaar voor, want waar het vertrouwen ontbreekt, ga je onherroepelijk vluchten in kramp en dwang, in protocollen. Dan krijgt je optreden algauw iets opgelegds, en die kant wil ik niet op. Overigens, ik schuif inderdaad weleens aan in een talkshow, maar mijn agenda bleef ook deze campagne vooral royaal gevuld met werkbezoeken, regioavonden en spreekbeurten voor de achterban.”

Stoort het u wanneer uw optreden toch onder een vergrootglas wordt gelegd?

„Ik probeer daar ontspannen mee om te gaan en heb niets te verbergen. Het is geen geheim waarom ik voor de SGP de politiek ben ingegaan. Alleen als wij terugkeren naar God en Zijn Woord is er toekomst. Dat is mijn vaste overtuiging, en die draag ik van harte uit.

Natuurlijk, wij brengen onze standpunten nu op een andere manier voor het voetlicht dan vroeger; dat is waar. Dit jaar hebben we een tool op onze site waarmee iedere eenverdiener kan uitrekenen hoe het belastingstelsel voor hem uitpakt. Dat is nieuw. En ja, soms zijn er ook ineens heel ontspannen campagnemomenten. En dat SGP’ers de beelden daarvan op Twitter met elkaar delen, is toch leuk?

Deze campagne heeft ook een onzichtbare kant, weet ik uit eigen ervaring. Ik denk daarbij ook aan andere SGP’ers op de kandidatenlijst die voor elk mediaoptreden de nood van het land in het gebed aan de Heere voorleggen en Hem smeken of Hij met Zijn Geest onder ons wil blijven werken. Of die vreselijk opzagen tegen een debat en elkaar later sms’ten dat de Heere hen wilde versterken vanuit Zijn Woord. Dat is ook voluit de SGP van nu.”

Heeft een eigentijdse campagne wel zin als kiezers uiteindelijk vanwege de oude speerpunten SGP moeten stemmen?

„Absoluut, want als je gehoord wilt worden, ook met je vertrouwde SGP-geluid, moet je je daar gewoon keihard voor inspannen. Dat zien we bij boeren, eigenlijk overal. Soms houden mensen mij weleens voor: „Dat je naar talkshows gaat, is zeker bedoeld om nieuwe kiezers te winnen?” Het antwoord is dat daar aanschuiven soms inderdaad verrassende bijval kan opleveren van mensen buiten onze achterban. Ik vind ook niet dat wij met bijvoorbeeld ons pleidooi voor liefde en trouw in relaties in een hoekje moeten blijven zitten. Dat moeten we juist uitdragen, tot in het hol van de leeuw. Via de seculiere media bereikt de SGP trouwens gek genoeg ook heel veel eigen mensen, met name jongeren. Dat is veelzeggend. Als ik tijdens een gastles op een reformatorische school vraag wie mijn laatste opinieartikel in het RD heeft gelezen blijft het vaak akelig stil. Vraag ik daarna aan een klas wanneer ze wél voor het laatst iets van de SGP gehoord of gezien hebben, dan verwijzen scholieren vaak naar een uitzending op radio of tv.”

Opvallend in deze campagne zijn de paginagrote krantenadvertenties, eigentijds getoonzet en gericht op een seculier publiek. Volgens welke criteria worden die opgesteld?

„Wat wij willen, is dat het getuigende element in het totaal van onze uitingen en optredens duidelijk naar voren komt. Maar het is geen hogere wiskunde. We zeggen toch ook niet tegen elkaar: Elk gesprek dat een christen met zijn andersdenkende buurman of overbuurman heeft, moet minimaal dit en dit aspect bevatten? Dat hoeft ook niet, zolang we het over één ding maar eens zijn: als er bijna nooit iets van een getuigenis klinkt, gaat er wat mis.”

De bundel interviews ”Goede gesprekken over geloof, hoop en liefde”, die u recent publiceerde, bevat één vraaggesprek met een predikant, ds. P. J. Visser van de hervormde Noorderkerkgemeente in Amsterdam. Is hij voor u en voor de SGP van nu een voorbeeldfiguur?

„Ik ben gevormd door het reformatorisch onderwijs en door het gedachtegoed van de Reformatie, de Nadere Reformatie en het Reveil. Binnen die bedding, die traditie kan ik met iedereen in gesprek en ook met ds. Visser. In 2012 zei hij: Christelijke partijen zoals de SGP kunnen zich maar beter opheffen. Dat was ik toen zeer met hem oneens, maar hij is wel iemand die mij aan het denken zet.”

In welke zin?

„Hij is fris en origineel en stelt soms onverwachte vragen. Als hij zegt: Probeer te debatteren met argumenten die ook niet-christenen kunnen overtuigen, neem ik zo’n advies niet meteen blindelings over. Wel kijk ik hoe ik daar mijn voordeel mee kan doen. Inmiddels is ds. Visser trouwens veel lovender over christelijke partijen. Deze week noemde hij ze uitblinkers in dwarse politiek; wat mij betreft een geuzennaam. Overigens was hij ook degene die mij in het interview voor mijn boek op het hart drukte: „Reken je nou niet te snel rijk, hoeveel mediaoptredens je ook krijgt. Het verzet tegen de Bijbelse boodschap zit veel dieper dan je denkt.” Daarin heeft hij zonder meer gelijk. Recent deed ik mee aan een debat over de D66-stervenswet in de talkshow Pauw & Jinek. Daar bracht ik in: „Mensen die hun leven beschouwen als voltooid moeten we niet opgeven, maar laten opleven.” Dat leek mij niet het meest schofferende standpunt, maar op sociale media regende het desondanks verwensingen over mijn zogenaamd bekrompen godsdienstige opvattingen. In veel cruciale debatten kunnen wij niet op tegen de seculiere meerderheid.”

Het percentage zwevende kiezers groeit, ook in de gereformeerde gezindte. Welk advies geeft u hun?

„Steeds meer partijen vragen nu aandacht voor het dreigende oprukken van het radicaalislamitische gedachtegoed in Nederland. De SGP doet dit al veel langer en met klem. Tegelijkertijd zien wij nog een tweede gevaar: het radicaliserende, seculiere gedachtegoed dat ook steeds meer om zich heen grijpt. Denk maar aan de pleidooien voor een stervenswet. Met de SGP wil ik dolgraag uitblinken in dwarse politiek en een Bijbels tegengeluid laten horen. Daarom geldt ook voor deze verkiezingen: elke stem op ons telt.”

>>rd.nl/vragenvanderstaaij


En dit wilden RD-lezers van Van der Staaij weten

Een vraag stellen aan de SGP-lijsttrekker? Dertig RD-lezers deden dat; Van der Staaij is daarmee met afstand de populairste vraagbaak onder de vijf partijleiders die deze krant de afgelopen weken heeft geïnterviewd. Sommigen legden hem heel persoonlijke zaken voor: „Ik heb een grote overwaarde in mijn woning ten opzichte van mijn hypotheek. Dat is vermogen waar ik totaal niets mee kan. Het zit in steen. Graag zou ik contant geld ter beschikking hebben om iets extra’s voor mijn kinderen te doen en het daarnaast nog aan andere leuke zaken te besteden.”

Anderen wilden van de SGP-leider weten of er „weleens wordt nagedacht over de vaak structurele geluidsoverlast van klusherrie”, en hoe hij aankijkt tegen het stoken van houtkachels: „We weten inmiddels allemaal dat dat stoken erg veel luchtverontreiniging brengt en ook vaak voor overlast van de buren zorgt.”

Van de dertig vragen legde de redactie er negen voor aan Van der Staaij. Bijvoorbeeld die van Daniël Maljaars (19) uit Oostkapelle: „Welk onderwerp vindt u het lastigste om over te praten en/of te debatteren?” Dat is het thema ”voltooid leven”, aldus Van der Staaij. Hij heeft daarover al veel gedebatteerd. „Dan merk ik enerzijds dat het ons zeer raakt dat mensen eigenlijk op de stoel van God gaan zitten en menen over dood en leven te kunnen gaan. Anderzijds vindt de buitenwereld, meestal niet-christenen, dat wij onze opvatting opleggen aan anderen. Zij zeggen: „Ik wil kunnen doen wat ik wil.” Dat maakt het tot een moeilijk en lastig, maar ook heel belangrijk onderwerp.”

Acht vragen over vier andere thema’s (vluchtelingen, pensioenleeftijd, doodstraf en eenverdieners) zijn ook aan de SGP-lijsttrekker gesteld. Van der Staaij reageert daarop in een video op de website van deze krant.

Dit is het laatste deel in een serie interviews met lijsttrekkers, waarbij lezers van het RD vragen konden aandragen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Saturday 11 March 2017

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Uitblinken in dwarse politiek

Bekijk de hele uitgave van Saturday 11 March 2017

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken