Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Calvijns gebedsleer; Venster op zijn vroomheid - pagina 30

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Calvijns gebedsleer; Venster op zijn vroomheid - pagina 30

1. Calvijns vroomheid...2. Gebed als hand en band...3. De grond van het gebed...4. De Geest en het geloof...5. Gebed en Gods vrijmacht. - Verkiezing - Voorzienigheid...6. Boete en appèl...7. Uitzicht, dank en voorbede...8. Structuur en tijden. - Opbouw - Tijden - Actualiteit.....

2 minuten leestijd

volgehouden gebed, dan ‘moet ons geloof ons verzekeren van datgene wat door onze waarneming niet kan worden bespeurd, namelijk dat we verkregen hebben wat ons tot nut was’. De vraag is dan echter wel, op grond waarvan we tot de overtuiging kunnen komen dat ook die ‘onverhoorde’ gebeden heilzaam zijn. Calvijns antwoord is even stellig als eenvoudig: ‘Omdat de Heere zo vaak en zo vast belooft dat onze moeiten Hem een zorg zijn als ze eenmaal in zijn schoot zijn neergelegd’83. Onverhoorde gebeden zijn er zo bezien niet. God neemt het gebed ter harte en Hij schenkt verhoring op een wijze die Hij nuttig voor ons acht. Daarom – zo merkt Calvijn naar aanleiding van Paulus’ drievoudige gebed op – moeten wij de moed niet verliezen, alsof ons bidden verloren moeite was wanneer de door ons bedoelde verhoring uitblijft. Laten we liever aan Christus’ genade genoeg hebben. En het is genade, dat Hij ons soms een bede onthoudt, want Hij weet veel beter wat goed voor ons is dan wij ooit kunnen vermoeden84. De derde handreiking is dat wij moeten beseffen hoe nodig het is om lijdzaamheid te leren beoefenen. Om ons in dit onvervreemdbaar kenmerk van het christenleven te trainen, voert God ons vaak in uiterste benardheid en laat Hij ons lang in de impasse, voordat Hij ons ‘enige smaak van zijn lieflijkheid’ geeft. Zo staalt God de lijdzaamheid. En die is, juist in de gebedspraktijk, onmisbaar. ‘Want als aan het bidden de standvastigheid van de volharding ontbreekt, bereiken we met bidden niets’85.

29

070055 WdZ 0701 Binnenw.indd 29

27-03-2007 10:06:14

Dit artikel werd u aangeboden door: Willem de Zwijgerstichting

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 2007

Reformatorische stemmen | 49 Pagina's

Calvijns gebedsleer; Venster op zijn vroomheid - pagina 30

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 2007

Reformatorische stemmen | 49 Pagina's

PDF Bekijken