Leer de jongen de eerste beginselen (3)
Vanuit de Commissie Catechese
Ieder mens, en zeker de jongere in onze tijd, is gebaat bij een heldere structuur, waarin het onderwijs gegeven wordt. Dit is vanzelfsprekend ook van toepassing op het catechetisch onderwijs. Iedere catecheet zal zijn lessen goed voorbereiden. Dit geldt uiteraard eerst de inhoud van de les, maar ook de organisatie. Bij de voorbereiding kan vooral het gebed om de hulp en leiding van Gods Geest niet gemist worden. Om u een indruk te geven hoe catechisatielessen veelal verlopen, geven we u in dit artikel een korte beschrijving van een les.
Bij binnenkomst zal de catecheet zijn catechisanten op een hartelijke wijze welkom heten. Wellicht staat hij in de deuropening en heeft hij zo gelegenheid om een persoonlijke vraag te stellen of een kort gesprekje aan te knopen. Hoe was het op school? Gaat het goed met je stage? Waar was je de vorige keer? Het is belangrijk om te investeren in een goede relatie met de catechisanten.
Als ze allemaal binnen zijn, neemt hij de presentielijst door. Afwezigheid wordt vastgesteld. Als bij de catecheet niet bekend is waarom de jongere afwezig is, zal hij in de meeste gevallen na de les contact opnemen met de ouders. Door het oplezen leert de catecheet de jongeren bij naam kennen.
Het is erg belangrijk als de jongeren voelen: Mijn catechiseermeester kent me. Ik ben niet zomaar ‘een catechisant’.
Daarna wordt de catechisatieles begonnen met het zingen van een of meer psalmverzen. Veel ambtsdragers zullen vervolgens een gedeelte uit de Bijbel (laten) lezen en het gebed doen. Anderen doen de Schriftlezing pas ná het overhoren van de opgegeven vragen. Ze doen dit om direct na de Schriftlezing een korte, meditatieve toelichting te kunnen geven.
De Bijbel ligt nog open; de aandacht is er nog op gericht. Ook kan er direct aansluiting worden gezocht bij de te behandelen lesstof.
Een belangrijk onderdeel van de catechese is het overhoren van de geleerde vragen. Het is van groot belang dat er parate kennis van de leer is. Hier ligt ook een belangrijke taak voor de ouders. Kennen de kinderen hun vragen als ze naar de catechisatie gaan? De ouders hebben immers beloofd om hun kinderen (zelf!) te onderwijzen en te doen en te helpen onderwijzen?
Na het overhoren vindt het bespreken van de nieuwe stof plaats. Hiervoor zal het gelezen Bijbelgedeelte als uitgangspunt dienen. Immers, de overdracht van de (geloofs!)leer vindt vanuit de Schrift plaats! Dat moet gebeuren met gezag, eenvoud en liefde, en in betrokkenheid op het hart en leven van onze jongeren. Daarom moet er ook ruimte zijn voor de vragen die in het hart van jongeren kunnen leven.
Afhankelijk van de leeftijd van de groep zal na het lezen en bespreken van het Bijbelgedeelte de tekst van de (catechismus)vragen en -antwoorden gelezen worden. Per vraag kan worden uitgelegd wat bedoeld wordt en wat de betekenis is. Door zelf vragen aan de jongeren te stellen, kan de catecheet nagaan of ze begrijpen wat er staat. Om het Bijbelse karakter van de leer te laten zien, verdient het aanbeveling de jongeren vragen te stellen die betrekking hebben op Bijbelse voorbeelden. Daarmee leert de catechisant zien dat er een grote samenhang is in de leer die naar de Godzaligheid is én dat deze leer op Gods Woord gegrond is.
Tegen het einde van de les wordt het huiswerk opgegeven. Veel catecheten maken een planning voor meerdere lessen of voor het hele seizoen en geven die aan hun catechisanten mee.
Zo kan ook de betrokkenheid van ouders versterkt worden.
Bij de afsluiting van de les kan opnieuw een psalmvers worden gezongen. Het kan goed werken de catechisanten bij toerbeurt zelf een versje te laten opgeven. Daardoor worden ze er ook persoonlijk bij betrokken. Nadat de catecheet het dankgebed gedaan heeft, neemt hij afscheid door in de deuropening te gaan staan en iedere catechisant hand te geven. In een aantal gemeenten wordt er dan ook gecollecteerd voor een kerkelijk of diaconaal doel.
De les is voorbij. Catecheet en catechisanten gaan weer naar huis. Beiden hebben indrukken opgedaan.
Het zaad van het Woord is gestrooid en de Heere zal er mee doen wat Hem behaagt.
De catecheet moet bedenken: ‘Zo de HEERE het huis niet bouwt, tevergeefs arbeiden deszelfs bouwlieden daaraan; zo de HEERE de stad niet bewaart, tevergeefs waakt de wachter.’
De catechisanten hebben meegekregen om aan hun Schepper te gedenken in de dagen van hun jongelingschap, maar ook dat ze alleen verlost kunnen worden van de zonde door het bloed van Hem Die gekomen is om te zoeken en zalig te maken dat verloren was.
De Heere zegene ook dit belangrijke deel van het ambtelijke werk aan de harten van onze jongeren.
(slot)
Zoetermeer, ds. G.W.S. Mulder
Yerseke, P. van Vijven
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 december 2014
De Saambinder | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 december 2014
De Saambinder | 16 Pagina's