Bekijk het origineel

Appel met vlaggetjes

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Appel met vlaggetjes

De dagelijkse beslommeringen van Jolanda, moeder van vier kinderen. Haar oudste dochter maakt de tekeningen.

3 minuten leestijd

<br />

„Wat eten jullie, mam," vraagt Anne-Ruth een beetje bibberig terwijl ze een verlangende blik op onze borden werpt. De hele middag heeft ze koortsig en zuchtend en steunend van zelfmedelijden op de bank gelegen. Met af en toe  een kleine opleving als één van de huisgenoten tijd had om een praatje met haar te maken.

Maar nu wij allemaal gezellig in de eetkeuken aan tafel zitten en het bij haar ongezellig is geworden, heeft ze zich omhoog gehesen en naar de keuken gesleept. De oude slaapzak, die al jarenlang dienst doet als "ziekendeken", heeft ze helemaal over zich heen getrokken. Ze lijkt nu sprekend op zo 'n Russisch houten poppetje, zelfs de rode koontjes ontbreken niet.

Voor mij zijn die blozende wangen het bewijs dat ze meer koorts heeft dan ze zelf beseft. En gelukkig kost het me geen enkele moeite om haar ervan te overtuigen dat ze beter niet kan eten, want onmiddellijk na het zien van onze borden schuifelt ze met opgetrokken neus de keuken weer uit, richting bank.

„Ik breng je zo meteen wel een geschild appeltje", roep ik haar na en zie nog net dat ze gelaten knikt. Een geschild appeltje op een bordje op een tafeltje naast de bank betekent "ziek zijn" en daar heeft ze, met een paar vrije dagen voor de boeg allerminst behoefte aan.

Als ik het schoteltje klaar heb, grijpt mijn hand automatisch naar de tweede la; ik haal er een satéstokje uit en steek dat in een schijfje appel. Aan het stokje prik ik een papiertje, teken er vlug een bloemetje op en schrijf er dan "van harte beterschap" onder.

„Wat bent u toch een leuke moeder", hoor ik opeens Rebekka naast me zeggen. En voordat ik tijd krijg om van dit compliment te genieten, laat ze er verontwaardigd op volgen: „Zoiets doet u nooit bij ons als wij ziek zijn."

Even schrik ik van deze beschuldiging en ik heb mijn mond al open om me te verdedigen. Maar dan zie ik over Rebekka's schouder Esther meegluren en instemmend met haar hoofd knikken. Zo, die zijn het samen dus roerend eens.

Nou, twee tegen één is gemeen en bovendien: „Wie zich verontschuldigt, beschuldigt zichzelf." En ik vind hetdan ook niet meer nodig om uit te gaan leggen dat Anne-Ruth zelf altijd in de weer is met bloemetjes, briefjes en attenties en dus best eens wat terug mag krijgen.

In plaats daarvan loop ik met opgeheven hoofd voorbij en zeg zo langs mijn neus weg: „Ja, dat komt omdat jullie stiefkindjes zijn!" Wetend dat dit de enige remedie is om ze weer met beide benen op de grond te krijgen.

Grinnikend kom ik met mijn appelbordje de kamer in. „Nou, Arretje, het is je maar amper gegund hoor. De zusjes hebben commentaar." „'k Heb het gehoord, mam", zegt ze stralend, „trek het u maar niet aan." En dat doe ik dan ook al jaren niet meer.

Vandaag ben ik een leuke moeder. Morgen misschien een lieve. Maar overmorgen vast en zeker weer een vervelende. Alles is betrekkelijk en veranderlijk. En daar horen moeders ook bij!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 18 december 1991

Terdege | 88 Pagina's

Appel met vlaggetjes

Bekijk de hele uitgave van woensdag 18 december 1991

Terdege | 88 Pagina's

PDF Bekijken