+ Meer informatie

Dag in, dag uit...

3 minuten leestijd

Het is donderdagmiddag één uur en ik lig moe doch zeer voldaan op de bank. Moe, vanwege het net weer iets te hard meehollen met mijn hulp en voldaan, omdat alle kamers weer schoon zijn. In een huis waar een vader, een moeder, vier kinderen en een tijdelijk pleegkind wonen is het heel normaal dat al die personen regelmatig wat stof doen opwaaien. Toch is het me na achttien jaar nog steeds een raadsel waarom ons huis er zes dagen van de week uit moet zien alsof een tornado door de voordeur naar hinnen heeft weten te glippen om via de achterdeur het pand weer grinnikend te verlaten, met achterlating van een enorme bende. Dit voortdurende rommel kan echt niet aan mijn schatten van kinderen liggen. Ze doen de hele dag bijna niets anders dan hun eigen school- engymtassen op de daarvoor bestemde plaats leggen. Rebekka veegt bijna altijd haar eigen kruimels van een tussendoor genuttigde boterham van het aanrecht. Anne-Ruth spoelt bijna elke middag uit school haar eigen lege brintabordje om. Esther vergeet bijna nooit de gemorste vla- enyoghurtspetters van haar tussendoortje te verwijderen en Stefan gooit bijna altijd zijn snippers van het zoveelste knip- en plakwerkje in de prullebak. Ook heb ik hen allemaal geleerd de vuile was in en niet naast de wasmand te gooien. En voor de altijd rondslingerende schoenen hebben we eveneens een prachtoplossing gevonden. Blijven dus alleen felle en ik als de boosdoeners van rommel over. Hoe het ook zij, vandaag is het huis netjes en ik zou het leuk vinden als er vandaag bezoek kwam. Onverwachts bezoek. De buurvrouw bij voorbeeld. Alleen moet ze niet te lang wachten, want om twee uur komen de eerste dochters al weer thuis en dan is het gedaan met het schone huis. Ja, het zou fijn zijn als de buurvrouw even binnen-wipte. In de zeven jaar dat we naast elkaar wonen is het nog niet vaak voorgekomen dat ze me op een opgeruimd huis heeft kunnen betrappen en daar is nu een uitstekende gelegenheid voor.Als na een half uur mijmeren inderdaad de bel gaat, schiet ik bijna een meter de lucht in. Maar na het openen van de deur ben ik pas echt verbaasd. Wie staat er op de stoep ? De buurvrouw 1 „Kom binnen", roep ik verrast. ,,Kom binnen." Maar mijn joviale uitnodiging levert geen ander resultaat op dan dat ik zelf heen en terug door mijn keurige gang en mijn nog keurigere kamer loop, want de buurvrouw is vastbesloten en wijkt geen duimbreed. Ze komt zelf niets van de deurmat af. Teleurgesteld zoek ik mijn plekje op de bank weer op. En als even later de dochters thuiskomen reageer ik me ongewild op hen af. Ze hebben hun hoofd nog niet om de hoek van de deur of ik begin al te roepen: „ Voeten vegen als je binnenkomt. Je tas direct wegzetten en waag het niet om rommel te maken!" „Is er iets, mam?", vraagt Rebekka liefies. En ik, vanaf de bank: „Nee hoor, er is niets, helemaal niets." „En niemand", denk ik er stilletjes achteraan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.