Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Heilige verwondering

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Heilige verwondering

5 minuten leestijd

"Die mij liefgehad heeft, en Zichzelven voor mij overgegeven heeft." Galaten 2:20b

Dit is een woord waarin diepe verwondering te horen valt. De apostel kan het niet bevatten, niet klein krijgen dat de drieënige God hem, Paulus, liefgehad heeft. Wie is hij immers in zijn eertijds geweest. O zeker, naar de wet leefde hij onberispelijk. Hij was een trouw bezoeker van de synagoge. Op de achtste dag was hij besneden. Hij studeerde bij een van de geleerdste professoren uit die tijd, Gamaliël. Maar... hij haatte Jezus van Nazareth, Die aan het kruis op Golgotha stierf Hij haatte ook zijn volgelingen, hij had een behagen in de steniging van de getuige van Christus, Stefanus. O, dat kwam omdat hij de leer van deze Christus haatte. Niet uit genade, niet vanwege Christus' offer, maar door eigen wetsbetrachting wenste hij zalig te worden en dacht ook zeker zalig te zullen worden. Hij had Christus helemaal niet nodig. Paulus had in zijn jonge jaren eigenlijk maar één diepe begeerte: de uitroeiing en wegneming van de naam van Christus.

Totdat...! Gezegend uur van Goddelijk welbehagen. Daar op de weg naar Damascus ontmoette de Levensvorst hem. Niet om hem in de hel te werpen, maar om Zich over hem te ontfermen en liefde uit te storten in zijn hart. Wie zal dat verstaan? Kunt u, kun jij dat begrijpen? Liefde, leven en zaligheid schenken aan iemand die haat. Dat doet Christus. Paulus haatte, Christus gaf liefde. Hij heeft liefgehad. Reeds vanaf de eeuwigheid. In de Raad des vredes is reeds de naam van Paulus en van al Gods uitverkorenen genoemd. Nee, die liefde heeft Paulus en niemand van Gods kinderen opgewekt. Integendeel, van het ganse menselijke geslacht geldt dat het verloren ligt in zonde en schuld en dat er niemand is wiens hart van nature naar God uitgaat. God zou niet onrechtvaardig zijn als Hij het ganse mensdom in de zonde en vervloeking liet liggen en om der zonde verdoemen (D.L. hfdst. 1, par. 1). Dat gold ook Paulus. En daar kreeg hij weet van toen Christus hem bij Damascus ontmoette. Toen leerde hij de eeuwige dood verdiend te hebben. Hoe wonderlijk en rijk wordt dan de genade Gods.

Het oorspronkelijke woord voor genade wijst op twee zaken. Het duidt op "een zich neerbuigen, zich ontfermen" èn het heeft alles met schuld te maken. Dat heeft Paulus mogen ervaren. Weten wij daar ook van? Als we niet weten van schuld en verlorenheid, hoe zullen we dan kunnen roemen in genade? Dan ontbreekt de diepe verwondering, zoals hier in onze tekst. O, een doodschuldig zondaar ontvangt niet wat hij verdiend heeft, maar krijgt genade. Hoe kan God zulk een zondaar nog genade schenken? Is Hij dan niet de Heilige en Rechtvaardige, Die het kwade niet ongestraft kan laten? Hier staan we voor een diepte, waarvan de bodem niet te vinden is. De Zoon van God gaf Zichzelf Paulus schrijft het: „en Zichzelf voor mij heeft overgegeven." Overgegeven om geslagen, gespuugd, gegeseld, ja gekruisigd, gedood te worden. Uit liefde tot Zijn Vader en Hefde tot de Zijnen. En nu mocht Paulus die zalige geloofswetenschap in het hart omdragen dat hij daar ook bij behoorde. Gelukkige Paulus. Zouden wij er niet jaloers op worden? De apostel kon op goede gronden zeggen: „en Zichzelven voor mij heeft overgegeven." Nee, dat schreef hij niet vanuit de hoogmoed, maar vanuit heilige verwondering. Hij voor mij! Als ik dit wonder vatten wil, staat mijn verstand vol eerbied stil. Paulus was het eigendom van Christus geworden. Uit genade, alleen uit enkel barmhartigheid en onbevattelijke hefde. Daarom kreeg Christus in zijn leven de hoogste plaats en wenste hij niet anders te prediken dan deze Geliefde. In Zijn dood lag Paulus' leven. De vervolger werd volgeling, de hater een vriend, de farizeeër een bedelaar.

Wiens eigendom bent u? Van nature het eigendom van satan. Maakt u zich er al druk over? Weegt de waarde van de ziel nog niet? Bedenk dat we straks voor Hem moeten verschijnen. Deze Jezus is de Rechter van hemel en aarde, Die we allemaal moeten ontmoeten. O, smeek of Hij ons van vijanden tot vrienden maken wil. Hij is daartoe in staat, want Hem is door de Vader alle macht gegeven in hemel en op aarde. Uitziend volk, u durft het Paulus niet na te zeggen dat Hij Zich voor u heeft overgegeven? De Heere geve u geen rust buiten deze Zaligmaker en lere u met Ps. 116: „ Gij hebt o Heer', in 't doodlijkst tijdsgewricht Mijn ziel gered, mijn tranen willen drogen. Mijn voet geschraagd; dies zal ik voor Gods ogen. Steeds wandelen in 't vrolijk levenslicht." Dan mogen we met Paulus in heilige verwondering zeggen: „Die mij hefgehad heeft en Zichzelf voor mij overgegeven heeft." a< />

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 26 januari 1994

Terdege | 72 Pagina's

Heilige verwondering

Bekijk de hele uitgave van woensdag 26 januari 1994

Terdege | 72 Pagina's

PDF Bekijken