Bekijk het origineel

Jouw vragen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Jouw vragen

6 minuten leestijd

Verlangen naar een levensgezel is niet verkeerd. Maar je kunt je hart toch maar één keer weggeven? Het is toch veel belangrijker dat we ons hart aan de Heere geven?Het lijkt inderdaad met elkaar in strijd te zijn, maar toch hoeft het elkaar niet uit te sluiten. Gelukkig niet!

„God zegt: Mijn zoon, geef Mij je hart. Hoe kun je dan je hart aan een man of vrouw geven?"

U schreef eens in een antwoord dat verlangen naar een partner een scheppingsgave van God is. En dat begeren als zodanig ook geen zonde is! Dus: als wij een levensgezel(lin) begeren is dat een goede zaak.

Maar hoort dit begeren niet bij de wereldse begeerlijkheden van het leven ? Stel je dan geen vlees tot je arm (Jer.)? Terwijl er staat: Mijn zoon, mijn dochter, geef Mij uw hart!? Maar dan begeren wij een aards persoon en geven die ons hart. Ondanks de welmenende lokking van de Heere om ons geheel en al aan Hem te geven?

Ik heb altijd het gevoel eigenlijk niet te mogen bidden om een levensgezel(lin) omdat ik dan toch iets aards, vergankelijks begeer, iets zondigs. Hoe zit dit nou allemaal in elkaar? Kunt u mij een duidelijk antwoord geven. Zie ik het verkeerd of wat klopt er nou niet? De Heere heeft toch zelf ook een hulpe tegenover Adam geschonken?

Ik weet wel, de hemelse dingen moeten boven de aardse dingen uitkomen, maar ik denk dat je als jongere dat verlangen toch niet weg kunt stoppen. Je bent zo gauw geneigd om in deze (aardse) zaak op te gaan zodat God minder in tel komt. Hoe kun je dan toch op een goede, verantwoorde manier met deze zaken omgaan?

Als ik jouw vraag kort samenvat, komt het erop neer of je wel een meisje en vrouw lief kunt hebben als God de liefde van je hart heeft. En hoe moet je  dan omgaan met het verlangen naar een levensgezel(lin); is dat een goede zaak of is dat zonde? De kern van mijn antwoord komt hierop neer dat het aardse niet zondig is.

De schepping is niet verkeerd, die heeft de Heere Zelfgemaakt. Wij mogen Gods wijsheid, almacht en goedheid in Zijn werk opmerken. Hoe schittert Gods heerlijkheid in het kleinste bloemetje. We komen diep onder de indruk als we zien hoe ons menselijk lichaam in elkaar zit en zich vanaf de babytijd ontwikkelt tot een volwassen lichaam.

Niet verachten
De Bijbel is er duidelijk in dat we deze gaven niet behoeven te verachten. Salomo kan ons opwekken om het leven te genieten met de vrouw die wij liefhebben. Paulus bevestigt dat als hij schrijft: „Beveel de rijken in deze tegenwoordige wereld, dat zij niet hoogmoedig zijn, noch hun hoop stellen op de ongestadigheid van de rijkdom, maar op de levende God, Die ons alle dingen rijkelijk verleent om te genieten" (1 Tim. 6:17).

Uit het volmaakte gebed kunnen we leren dat we ook om de dagelijkse dingen mogen en moeten bidden. De Heere leert ons bidden om ons dagelijks brood. We zien het in het feit dat de Heere Jezus waarlijk mens geworden is. Als het mens-zijn, het schepsel-zijn op zichzelf zonde was, zou de Zaligmaker nooit de menselijke natuur hebben aangenomen. Het kwaad zit niet in de natuur, maar in ons hart.

Daarom kunnen we wel op een zondige wijze met de natuur (van ons lichaam) omgaan. Als de natuurlijke dingen ons zozeer in beslag nemen dat het ons een en al wordt en ten koste gaat van de dingen van Gods koninkrijk, dan is het zonde, ook al is het op zichzelf goed...

Ik zou niet durven zeggen dat het bezit van een auto op zichzelf zonde is, maar als de auto ons hart heeft, dan is het wel zonde. Het is geen zonde om rijk te zijn, maar het kan wel een strik zijn op weg naar de eeuwigheid.

Paradijsbloem
Zo geldt het ook van de liefde tussen man en vrouw en de gemeenschap tussen hen dat dit geen zonde is. Ik zeg niet dat het niet vaak met zonde gepaard gaat en dat juist de schone gaven uit het paradijs een invalspoort zijn voor de boze. Maar het blijft staan dat de intieme omgang tussen man en vrouw een gegeven van de schepping is. Toen was er geen zonde.

Het huwelijk is niet van na de zondeval, maar een schitterende bloem uit het paradijs. Veel christenen in het verleden en heden hebben gestreden tegen het aardse leven op zichzelf alsof dat iets minderwaardigs en zondigs zou zijn. Steeds opnieuw zien we echter dat dat op een mislukking uitloopt. De schepping is niet gevallen, maar de mens is gevallen. Niet de natuur is zondig, maar wij zijn goddeloos.

Je weet wellicht dat de Roomse kerk heeft gezegd dat het toch heiliger is als een man geen vrouw aanraakt. Daarom mogen priesters niet getrouwd zijn. Het is een juk veel te zwaar om te dragen, zodat priesters soms overspel bedrijven of homofiel zijn.

Zelfrespect
We merken ook wel eens dat mensen denken dat zelfverloochening inhoudt dat je geen zelfrespect mag hebben. Dat berust op een grote misvatting.

Geestelijke zelfverloochening is totaal iets anders dan een minderwaardigheidscomplex. Mensen met een gezond zelfrespect kunnen wel werkelijk ootmoedig zijn, terwijl mensen met een vreselijk minderwaardigheidscomplex zichzelf in alles kunnen handhaven. Het heeft te maken met hetzelfde probleem. De schepping mag er zijn. Wij mogen er zijn.

Het geloof vraagt niet dat wij onszelf en onze menselijke natuur miskennen. Door persoonlijke wedergeboorte wordt ons menszijn gekroond en komen we als schepselen in beginsel tot ons recht. We gaan weer leven tot Gods eer, juist in het genieten van de schone gaven van de Heere. Dit alles betekent dat jij aan de Heere mag vragen om een vrouw of man.

De Heere heeft Zelf gezegd dat het niet goed is dat de mens alleen zij. Op grond van deze woorden mag je Hem vragen om de vervulling van je begeerte, omdat je wel voelt dat je de gave van de onthouding niet hebt. Je gaf zelf al aan dat de Heere aan Adam een vrouw gaf, terwijl Adam toch God bleef liefhebben boven alles.

Niet strijdig
Wellicht vraag je je af hoe het mogelijk is om je hart aan de Heere te geven als je het aan een mens geeft. Het wonderlijke is dat de liefde tot God niet strijdig is met liefde tot een ander. Integendeel, alleen waar de liefde tot God is, kan de liefde tot de naaste ook floreren. Een man die tot bekering komt, zal zijn vrouw meer eren en dienen dan ooit tevoren.

Ons huwelijksformulier zegt zo schoon dat wij elkaar in alle dingen helpen en bijstaan voor het tijdelijke en eeuwige leven. Het verschil is dat de liefde tot God verticaal is en de liefde tot de ander horizontaal. Daarom sluiten zij elkaar niet uit, maar in.

Zoals de Heere ons Zelf leert om Hem lief te hebben boven alles en onze naaste als onszelf. Wat ik je toewens is de vrede die alle verstand te boven gaat in de Heere Jezus Christus en zo de ware verwondering over Gods schepping.

Ds. W. van Vlastuin

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 16 november 1994

Terdege | 88 Pagina's

Jouw vragen

Bekijk de hele uitgave van woensdag 16 november 1994

Terdege | 88 Pagina's

PDF Bekijken