+ Meer informatie

Geselsie uit Suid-Afrika

5 minuten leestijd

Nu de zomer weer begonnen is, ruik je 's avonds en op vrije dagen overal de geur van geroosterd vlees. Mmm, barbecue, zeg je dan in Nederland. Wij kennen dat woord niet. Hier heet het een vleisbraai, of gewoon een braai. De bedoeling van een braai is hetzelfde als van een barbecue: gezellig samen of met een paar -of soms veel- gasten buiten eten en praten.

Maar de procedure verloopt een beetje anders. Wij bekijken de Nederlandse manier van braaien met afgrijzen. Mijn afgrijzen is heel wat minder groot dan dat van Jan en andere halve of hele inlanders, maar ik moet wel zeggen dat het vlees hier lekkerder gaargemaakt wordt dan ik het thuis leerde. Iedereen z'n eigen stukje vlees roosteren? Ondenkbaar.

En dat allerhande soorten vlees tegelijk op het vuur gaan is helemaal uit den boze. Nee, hier beheert één man het rooster. Tussen haakjes, braaien is echt mannenwerk, vandaar dat ik braaien zo ben gaan waarderen, het spaart mij een heet uurtje in de keuken. En aangezien de meeste mannen toch verkapte pyromanen zijn, geven zij er niet om dat ze bijna staan te schroeien bij het vuur.

Als we willen braaien, moet natuurlijk het vuur van tevoren worden aangestoken. Na een uurtje of wat is het vuur genoeg afgekoeld om te kunnen beginnen. Allereerst gaat de boerewors op het vuur, een type verse worst die op allerhande manier gekruid kan zijn. Gek genoeg wil die worst in de pan niet lekker gaar worden, maar van de braai af is 't heerlijk, uit het vuistje of op een broodje, net wat je wilt.

Het vuur is nu nog behoorlijk heet en dus geschikt voor rundvlees. Fillet (haasbiefstuk) is natuurlijk het lekkerst. Jammer genoeg is dat hier de laatste tijd ook nogal duur geworden, maar er zijn ook andere soorten rundvlees geschikt: T-bone voor mensen met grote trek, rump steak - ook lekker mals.

Tja, de Nederlandse namen zou ik niet weten. Een koe wordt hier anders in stukjes gehakt dan in Nederland. Na een stuk T-bone is de ergste trek wel gestild en er wordt een poosje rust genomen. De kolen op het vuur verliezen hun gloed grotendeels. Maar geen nood. Nu komt het varken op de proppen.

Karbonaadjes met een lekker vetrandje en compleet met zwoerdje. Terwijl die gaar worden, druppelt het vet sissend op de kolen en het vuur wordt zo warmer. Soms slaan de vlammen er weer af. Als het vlees gaar is, smult iedereen weer. Je zou zeggen dat de magen nu wel vol moeten zijn.

Maar nee, dan komt de hoender te voorschijn. Die moet gelukkig nogal lang op het vuur liggen voor hij gaar is. En 't is licht verteerbaar vlees, dus meestal is er nog wel ergens een plekje te vinden waar een boutje in past.

O ja, ik zou nog bijna de "toespijs" vergeten: de slaaien, ofwel de salades: aardappelsla als degene die het zwaarst op de maag ligt en dan nog een paar soorten rauwe groenten of vruchten met een sausje. En alles wordt rijkelijk besproeid met koeldrank. Een liter per persoon is echt niet ongewoon. Dat was weer smakelijk eten.

                              ------------------------------

Just between friends

Wat een heerlijk weer, ideaal voor de was. Gelukkig is het droog na een paar vrij natte dagen, want de droger is ermee gestopt. En al hang ik zoveel mogelijk de was buiten, ik stop toch al gauw wat klein goed in de machine om te drogen.

Ik hoop dat Wieger (14) vanmiddag tijd heeft om ernaar te kijken. Als hij het met zijn nieuw verworven kennis op elektrisch gebied niet kan verhelpen, zullen we mijnheer Sam Heikoop er maar weer hij roepen. Hij heeft ook Wieger en zijn klasgenoten vorig jaar wegwijs gemaakt in de "wirwar van elektrische bedrading.

Voor de derde keer is er vorig jaar een "schoolhuis"gebouwd. Veel van het materiaal en bijna alle arbeidsuren worden dan vrijwillig gegeven. Zodat er een grote winst is als het huis verkocht wordt. Zo heeft mijnheer Heikoop met de jongens een deel van het elektrische werk gedaan, zoals stopcontacten aanleggen. Dit was een prachtige gelegenheid voor de jongens om het geleerde in praktijk te brengen.

De helderblauwe lucht is nu veranderd in een onstuimige wedloop van donkergrijze wolken. Echt herfst hoor. Ik geniet altijd van dit jaargetij, tenminste het begin ervan. Want na een paar van deze dagen is het gedaan met de kleurenpracht van de bladeren, en het duurt wel een halfjaar voor we weer omringd zijn met het uitbundige groen van de lente.

De gezellige binnentijd is weer aangebroken, maar ook de tijd van natte winterjassen, modderlaarzen en vieze pootafdrukken op de keukenvloer. Dit vraagt natuurlijk om uitleg, maar ik ben bij het voorstellen vergeten onze twee huisdieren te noemen.

"Poes" is twee zomers geleden bij ons aan komen lopen. We gaven haar wat eten en drinken en verwachtten dat ze wel weer verder zou trekken. Maar ze had besloten bij ons te blijven. Zo gaat dat met katten. Een hond heb je, een kat mag je verzorgen.

We wilden dus ook nog een hond. We zouden wel eens gaan kijken in het asiel. „Alleen maar kijken", verzekerde ik Wieger en Steven die bij me waren. Het lawaai was oorverdovend toen we het asiel binnenkwamen. De honden blaften allemaal om het hardst, op één na.

Een middelgroot, vreselijk vermagerd beestje, met een mooie kop. Ze zat ons stil aan te kijken met van die lieve hondeogen. Toen was ik verkocht, en zodoende zijn we nu met ons twaalven!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.