Bekijk het origineel

Depressieweer

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Depressieweer

3 minuten leestijd

In de herfst en ook wel in de winter krijgen wij in ons land meestal te maken met (actieve) depressies, die enkele uren, of soms wel enkele dagen hun stempel op het weer drukken. Dit maal een bespreking van de weersverschijnselen die bij een depressie horen.

Op het kaartje is een doorsnede van een depressie getekend, zoals je deze ook vaak op een weerkaart ziet. Het kaartje geeft feitelijk een detail aan van een weerkaart. Depressies trekken gewoonlijk van west naar oost, vanaf het kaartje gerekend dus van links naar rechts. Op de sectoren A, B en C kom ik later nog terug. De lijnen die als een soort spinneweb over de kaart heen lopen, zijn de zogenaamde isobaren, lijnen van gelijke luchtdruk. Deze hebben alles met de windrichting en de windkracht te maken. De pijlen geven de windrichting aan.

Gemiddeld
De depressie die op het kaartje is te zien, is een gemiddelde depressie. Het is bijvoorbeeld denkbaar dat de fronten anders zijn gesitueerd op de kaart, en dan zullen windrichting en windkracht ook veranderen. Met het kaartje is bedoeld aan te geven wat er gemiddeld aan weer te verwachten is bij het passeren van een depressie.

Het gebied tussen het warmtefront en het koufront wordt de warme sector van een depressie genoemd. Nadat de warme sector is gepasseerd, volgt meestal het koufront. Achter het koufront bevindt zich koudere lucht, die meestal onstabiel van opbouw zal zijn.

Het gevolg is dat er achter het koufront vaak buien vallen. In de warme sector zelf valt gewoonlijk wat lichte motregen. In de herfst kan bij de passering van deze sector een flinke zuidwesterstorm opsteken, die bij het passeren van het koufront plotseling naar west tot noordwest draait.

Richting
Heel belangrijk voor de weersverschijnselen die wij krijgen is de baan die de depressie gaat volgen. Dat heeft te maken met de sectoren A, B en C. Komt ons land in de sector onder "C" te liggen, dan hebben we te maken met een zogenaamde frontale uitloper, een term die u bekend in de oren moet klinken vanuit de weeroverzichten. De bijbehorende verschijnselen zijn niet zo heftig.

De meeste depressies zullen ons passeren volgens de sector "C-C" op de kaart. In de winter krijgen we dan te maken met veel regen, en winterweer zal dan afwezig zijn. Voordat de depressie passeert, krimpt de wind naar zuidelijke richtingen, en neemt toe in kracht. Wanneer de bewolking voor het warmtefront dik genoeg is, begint er regen te vallen. Op het kaartje is dit getekend door arcering.

Vooral in de herfst en winter kan deze regen een buiig karakter hebben, en vrij intensief zijn. Nadat het warmtefront is gepasseerd, blijft het vaak regenen, maar nu minder intensief en ook in veel gevallen in de vorm van motregen. Soms neemt de wind af, maar er steekt ook wel eens een storm op (zie boven). Bij de passering van het koufront neemt de regen in intensiteit toe, maar meestal duurt de regen korter dan bij de passering van het warmtefront.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 29 november 1995

Terdege | 80 Pagina's

Depressieweer

Bekijk de hele uitgave van woensdag 29 november 1995

Terdege | 80 Pagina's

PDF Bekijken