Bekijk het origineel

De pijlerdam. Het grootste kunstgebit ter wereld

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De pijlerdam. Het grootste kunstgebit ter wereld

14 minuten leestijd

„Zeeland is veilig". Met deze historische woorden stelde koningin Beatrix op 4 oktober 1986 de Stormvloedkering in de monding van de Oosterschelde officieel in gebruik. Tien jaar eerder besloot het parlement onder druk van de publieke opinie het Deltaplan ingrijpend aan te passen. De doorlaatconstructie werd het alternatief voor afsluiting. Een peperdure variant van 5,7 miljard gulden, maar tegelijk een uniek hoogstandje. Nergens ter wereld bestond en bestaat zo'n waterbouwkundig werk. Maar zonder een kleine groep fanatieke actievoerders uit Yerseke was deze megaprestatie waarschijnlijk nooit tot stand gekomen.

"De meeuw hangt stil in windkracht tien. Drie ons vogel orkaan de baas", dicht een Zeeuwse poëet. Waaien doet het in de Deltaprovincie vrijwel altijd. Vaak hard. Soms te hard, zoals in 1953. Een uitzonderlijke storm in combinatie met springtij stuwde het Noordzeewater op tot ongekende hoogte. Dijken overstroomden of braken. En 1835 mensen verdronken. Direct na de ramp kwamen er maatregelen om herhaling van deze trieste gebeurtenis te voorkomen. Het al bestaande Deltaplan werd versneld uitgevoerd en in 1958 kreeg de Deltawet zijn officiële status. Alle zeearmen tussen de Westerschelde en de Nieuwe Waterweg zouden afgedamd worden. Die laatste twee rivieren moesten als haventoegang voor respectievelijk Antwerpen en Rotterdam open blijven. Wel stond daar een forse versterking van de zeedijken op het programma. Met de afsluiting van de waterwegen zou de kustlijn 700 kilometer korter zijn.
De totale kosten voor de Oosterscheldewerken, waaronder ook Oesterdam, Philipsdam en Veerse Gatdam, werden geschat op 5 miljard gulden. Een forse misrekening. Alleen al de aanleg van de Stormvloedkering kwam op 5,7 miljard. Minister Smit- Kroes verwachtte tien jaar geleden dat het jaarlijkse onderhoud daarvan 15 miljoen gulden zou gaan bedragen. Door onverwachte tegenvallers viel dat flink hoger uit. Voor de komende periode wordt zelfs een gemiddeld onderhoud van 35 miljoen per jaar verwacht.

Attractie
Een ijskoude oostenwind blaast over de parkeerplaats van het ir. J. W. Topshuis op Neeltje Jans. Het voormalige werkeiland, ongeveer in het midden van de pijlerdam, is uitgebouwd tot een internationale toeristische attractie. Belangrijkste trekpleister daarvan is Delta Expo, met zo'n 350.000 bezoekers per jaar.
De 65 witgrijze pijlers steken nauwelijks aftegen de grauwe wolken. De wind maakt van de anders zo heldere Oosterschelde een ondoorzichtige brij. Vrijwel alle stalen schuiven (62 stuks) staan open. De verwachte waterstand bij springtij aan het eind van de middag is 2.63 meter, 12 centimer onder de officiële alarmfase. Vanaf 2.75 meter is er permanente bewaking in de controlekamer van het Topshuis. Bij 3 meter boven NAP moeten de schuiven dicht.
De werkkamer van J.W. Jeremiasse biedt een riant uitzicht op de dam, die door tegenstanders ook wel spottend het duurste kunstgebit ter wereld wordt genoemd. De Zeeuw is hoofd onderhoud bij Rijkswaterstaat, dienstkring Deltakust. Zijn collega ing. N.C. Poortvliet heeft dezelfde functie bij het technisch beheer. Aan de wand hangen tekeningen van de bouw en een historisch zinkstuk van rijshout op schaal. Een handboek uit de oertijd van de waterbouw wordt uit de kast gehaald. „Zo ging dat vroeger", wijst Jeremiasse op een afbeelding van de houten bodemplaat.

Bouw
Bij de bouw van de pijlerdam is het principe van die funderingsmat opnieuw toegepast, zij het met geheel ander materiaal. Geen hout, maar kunststof matrassen zorgen voor het houvast van de pijlers. Ze liggen tot 600 meter voor en achter de kering, verstevigd met grind en beton. De 18.000 zware betonnen pijlers werden in 15 meter diepe bouwdokken gegoten, door het hefschip Ostrea naar hun plaats gesleept en daar afgezonken. Vervolgens kregen ze een stevige jas van stortsteen.
Over de pijlers zijn vervolgens betonnen kokers gelegd die met elkaar in verbinding staan. Daarover rijdt nu het verkeer tussen Schouwen-Duiveland en Noord-Beveland/Walcheren. De stalen schuiven hangen in de betonnen koppen op de pijler. Ze kunnen ieder afzonderlijk bediend worden. Weigert het mechanisme, dan is overschakelen op de hydrauliek van de buur-schuif mogelijk. „Bij een stormsluiting hebben we nog nooit problemen gehad", verzekeren de mannen van Rijkswaterstaat.
De afgelopen tien jaar werd zo'n twintig keer het kritieke punt van 2.75 meter bereikt. „Maar ook al zouden enkele schuiven om technische redenen niet dicht kunnen, dan is dat nog geen ramp. Bij een storm slaat er altijd wel water over de kering. Bovendien lekt er ongeveer 10 procent water langs de naden. Dat heeft nauwelijks invloed op de waterstand in de Oosterschelde". De stroom om de schuiven te bedienen wordt geleverd door tien dieselgeneratoren uit de eigen centrale. Deltan, het nutsbedrijfvoor Zeeland, kan aan een plotselinge extra energiebehoefte van de kering niet voldoen. Om op alles voorbereid te zijn, worden op computers stormen gesimuleerd en nagespeeld. Ruim 24 uur tevoren worden windkracht en waterstand voorspeld. Tien uur voor de verwachte kritieke fase krijgt het personeel daarvan bericht en is er constant een acht man sterk team aanwezig om het tijverloop te controleren.
De dam heeft een levensverwachting van 200 jaar. Dan moet er een nieuwe oplossing gevonden worden tegen de dreiging vanuit de Noordzee. Vanzelfsprekend hebben de knappe koppen van Rijkswaterstaat ook berekend hoe groot de kans is dat de Deltawerken het enorme natuurgeweld niet meer aankunnen. Die kans is „één ramp in de 4000 jaar". Maar dat kan dus ook volgend jaar zijn...

Onderhoud
Werden de geplande bouwkosten fors overschreden, voor het onderhoud van de waterkering geldt hetzelfde. Een optimistische minister Smit-Kroes ging tijdens de bouw van de dam uit van zo'n 15 miljoen gulden per jaar. „Wij hebben direct al gezegd dat dit zeker 10 miljoen gulden hoger zou zijn", vertelt Jeremiasse. „En dat is ook uitgekomen."
Vorig jaar werd de 30 miljoen zelfs overschreden. „We zijn toen gestart met vervroegd groot onderhoud aan de schuiven. Oorzaak is dat de verflaag die het staal tegen roest beschermt, is gaan craqueleren. Er ontstaan dan kleine scheurtjes, vergelijkbaar met wat je ziet op een oud schilderij. Het zeewater veroorzaakt vervolgens snelle roestvorming." De nieuwe tweecomponentenverf die nu wordt aangebracht, zal naar verwachting zo'n vijftien tot twintig jaar meegaan.
De schilderwerkzaamheden worden op de ouderwetse manier uitgevoerd: met de hand. Dat gebeurt om het milieu te sparen. Zandstralen in plaats van handmatig schuren gaat sneller, maar verspreidt wel schadelijke stoffen in het Oosterscheldewater. Dat zelfde geldt voor het verven van de schuiven met een hogedrukspuit.

Actie
Het had weinig gescheeld of er was begin jaren zeventig definitief een einde gemaakt aan eb en vloed op de Oosterschelde. Op dat moment waren Rijk, provincie en waterschappen ervan overtuigd dat de veiligheid van het Deltagebied het best gediend zou zijn met afsluiting van de zee-arm. Het verschil tussen hoog en laag water was op dat moment ongeveer 3 meter. Besloten werd om de Oosterschelde af te sluiten via een dam van caissons. De Oosterschelde zou daarmee veranderen van een zout getijdegebied in een vrijwel stroomloos brak binnenwater. En dat ging een klein groepje Zeeuwen te ver.
Een van de mannen van het eerste uur was J.C. Zoeteweij uit Yerseke. Nu bezit hij in het mosseldorp zelf een drukkerij. Indertijd werkte hij in het bedrijf van zijn vader. „De groep telde in het begin zo'n vijftien mensen, uit alle lagen van de bevolking. Maar we hadden hetzelfde doel: het openhouden van de Oosterschelde." De naam van de protestclub lag vervolgens voor de hand: Aktie Groep Oosterschelde Open. „In het begin werden we voor gek verklaard. Wie ging er nu tegen Rijkswaterstaat, het kabinet en de waterschappen in. Dat kun je nooit winnen, was de algemene gedachte. Daarbij kwam dat inwoners van Zeeland in die periode zeer gezagsgetrouw waren." De groep startte in 1972. Op dat moment waren de pilonen voor het afsluiten van de zeearm al geplaatst.

Publiciteit
De acties waren vooral ludiek. Schilder- en plakwerk, een mosseldag en lijfelijke aanwezigheid tijdens verkiezingstoespraken. De groep groeide en kreeg onverwachts landelijke en internationale publiciteit. Een artikel in het Vrije Volk van de linkse verslaggever Cees Slager lag daaraan ten grondslag. „Ik heb leren zwemmen in de Hoek van Teun, bij Gorishoek", vertelt de nu VPROjournalist. „Ik reahseerde me op dat moment dat de verrassing van de Oosterschelde, de beweging van de natuur, definitief stond te verdwijnen. Vol overgave heb ik me toen in de strijd gestort." Overal in het land ontstonden actiegroepen die zich afzetten tegen overheid en maatschappij. Het was de tijd van power flower, lang haar en Beatles. „Maar die vervielen vooral in theoretisch gekissebis. In Yerseke was dat totaal anders. Een visser, drukker, schoolmeester, huisvrouwen, etcetera. Zij vormden de actiegroep. „Door de PZC werden we betiteld als de Guerrilla's van Zeeland. Actievoeren was in de provincie een compleet nieuw verschijnsel."
Door de publiciteit kwam er geld binnen van donateurs uit het hele land. Ook in Yerseke werd door de actiegroep gecollecteerd. Vooral mossel- en oesterkwekers waren bereid voor het goede doel in de buidel te tasten. „Kleinere kwekers zagen liever dat de Schelde dicht ging. Zij wilden zich laten uitkopen door de overheid", herinnert Zoeteweij zich. Soms werden de vissers door de actievoerders handig tegen elkaar uitgespeeld. „We gingen met een lijst langs de deuren, waarop de kwekers een geldbedrag konden invullen. De eerste gift lag meestal rond de tien gulden. Dat veranderden we dan in duizend. De volgende visser wilde daar natuurlijk niet voor onderdoen en vulde een nog hoger bedrag in."

Compromis
De drukker uit Yerseke ontkent dat de actiegroep louter een links clubje was. „Dat is onzin. We werden wel als gepeupel afgeschilderd. Maar de mensen kwamen overal vandaan. Ons alternatief was hogere dijken in plaats van afsluiting." Met het resultaat, de pijlerdam, is Zoeteweij achteraf niet echt tevreden. „Vroeger was Neeltje Jans de mooiste plaat van de Schelde. Nu is alles er kunstmatig. Het heeft miljarden guldens gekost. Verhogen van de dijken was een stuk goedkoper geweest", denkt hij. Dankzij de acties, en met name de publiciteit van Slager en het drukwerk van Zoeteweij, kreeg de protestgroep uiteindelijk de pubUeke opinie achter zich. Onder druk daarvan kwam het kabinet-Den Uil in 1974 met een compromisvoorstel van een halfopen dam. Het idee werd verder uitgewerkt en half 1976 ging het parlement akkoord met de bouw van de stormvloedkering. De acties van de Zeeuwen hadden effect. Het was bovendien het eerste grote resultaat van een milieubeweging in de Nederlandse geschiedenis.
Dat vindt ook Slager. „Als je ziet hoever de voorbereidingen voor de afsluiting al gevorderd waren, kun je spreken van een groot succes. De pilonen werden met snijbranders weggehaald. Maar het belangrijkste is dat eb en vloed gebleven zijn. De Oosterschelde is nog zout en schoon. Een afgesloten zeearm zou een ramp zijn geweest voor natuur en milieu. Maar het belangrijkste is het emotionele argument. Zeeland zou Zeeland niet meer zijn."

Eversdijk
Nog geen 500 meter van de Oosterscheldedijk, in de polder van Rilland, ligt de historische buitenplaats van CDA-senator en dijkgraaf Huib Eversdijk. Bij een dijkdoorbraak in 1906 liep het gebied onder water. Een sterkere zeewering behoedde de polder voor de ramp van '53. Voor een nieuwe watersnood in Zeeland is het kamerlid niet bang, ondanks geluiden over de verzwakte dijkvakken. „Tenminste niet op korte termijn. Maar er dreigt een ramp als we niets doen".
Eversdijk doelt daarbij met name op de zeedijken. Dank zij de pijlerdam is het gevaar voor het gebied om de Oosterschelde een stuk kleiner. Betonblokken die aan de buitenzijde de dijken tegen het zoute water beschermen, blijken te licht. De klei daaronder verkorrelt en wordt vervolgens weggespoeld. Het dijklichaam bestaat uit zand en biedt uiteindelijk geen weerstand als de beschermlaag door een vliegende storm zou verdwijnen. En wat dat voor gevolgen kan hebben weet de dijkgraaf als geen ander. Hij was actief betrokken bij de berging van slachtoffers tijdens de bewuste februaridagen. „Dat zijn gebeurtenissen in je leven die je nooit vergeet". Ondanks de veilige Oosterscheldekering en ondanks de relatief hoge dijk achter zijn woning gaat in een stormnacht de poort van het ijzeren hekwerk rond zijn erf niet op slot. „Als je één keer zoiets hebt meegemaakt, neem je geen enkel risico".
Herstel van de dijken kost tussen 400 en 600 miljoen gulden, afhankelijk van het materiaal en de techniek waarvoor gekozen wordt. „De beste oplossing is het leggen van een asfaltlaag op en tegen de dijk. Maar dat is vrij kostbaar en bovendien milieutechnisch zeer ingrijpend. Het landschap mag natuurlijk niet al te zeer beïnvloed worden. Aan de andere kant, we moeten niet vergeten dat we op de bodem van de zee wonen. Zonder zeewering is Amersfoort onze grootste havenstad".

Trots
De Oosterschelde heeft internationale uitstraling, met als grote trekpleister de stormvloedkering. Het imago van Nederland werd door deze waterbouwkundige prestatie flink opgekrikt.
De dijkgraaf geeft dat volmondig toe. „Het is een stuk Hollands Glorie en een wonder van techniek. Ik ben er bijzonder trots op". Toch was hij als statenlid indertijd voorstander van een afgesloten Oosterschelde. „Veiligheid van het gebied stond bij mij voorop. Ik vond dat de aanleg van de dam te lang duurde. Bovendien was ik bang dat de onderhoudskosten flink zouden oplopen. Wat dat laatste betreft heb ik gelijk gekregen. Toch ben ik blij met de huidige oplossing. Maar er is geen enkele buitenlander die zoiets begrijpt: 5,7 miljard om een stuk water zout te houden".

Expo
Uit de hele wereld komen belangstellenden naar de tentoonstelling van Delta Expo. Slechts een klein paneel is er gereserveerd voor de Aktie Groep Oosterschelde Open. Tot ongenoegen van Cees Slager wordt er bovendien een link gelegd met de provotijd. „Dat is geschiedvervalsing", vindt de journalist. „Wij hadden daar niets mee te maken."
Op die plaats ontmoeten ze elkaar, de man van Rijkswaterstaat Jeremiasse en ex-demonstrant Slager. Tussen het actiemateriaal krijgt de discussie van twintig jaar geleden een vervolg. Harde woorden. Verwijten over en weer. Alsof het compromis nog lang niet bereikt is. Buiten slaat een striemende regen tegen de grijsgrauwe pijlers. Binnen rolt de laatste waterstand over het computerscherm: 12 centimeter onder de alarmfase.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 februari 1997

Terdege | 100 Pagina's

De pijlerdam. Het grootste kunstgebit ter wereld

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 februari 1997

Terdege | 100 Pagina's

PDF Bekijken