Bekijk het origineel

Gewoonten en vormen (5)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Gewoonten en vormen (5)

5 minuten leestijd

„Zij heeft de broek aan." Een gezegde dat wil uitdrukken dat in een aantal gevallen de 'vrouw des huizes' de lakens uitdeelt, „Zij heeft een broek aan." Daarmee wordt een vrouw aangewezen (of nagewezen?) die een broek draagt. We luisteren deze keer naar Deut. 22. Want op de vraag „Waarom mag ik geen broek aan?'wordt geantwoord; „Dat staat in de Bijbel". Als dat waar is , dient dat inderdaad het einde van alle tegenspraak te zijn. Maar het zou wel eens meer met 'de' broek (figuurlijk) dan met 'een' broek (letterlijk) te maken kunnen hebben.

Het kleed van een man zal niet zijn aan een vrouw, en een man zal geen vrouwenkleed aantrekken; want al wie zulks doet, is de HEERE, uw God, een gruwel." (Deut. 22:5) Nou, kan het duidelijker?! Het staat er toch: 'kleed van een man' (=broek!) niet aan een vrouw... een gruwel!! Toch zullen we maar eens gaan lezen wat er staat. Op z'n minst ben ik benieuwd naar twee dingen, als mensen redeneren zoals ik zojuist deed. In de eerste plaats: in de tijd van de Bijbel droegen mannen geen broek, maar evenals de vrouw 'kleden', gedrapeerd om hun lichaam. In de tweede plaats: waarom gooien we met een soortgelijke redeneertrant niet onze halve (?) garderobe in de container? Waarom ik dit vraag? Wel, dat staat er dan ook: Gij zult geen kleed van gemengde stof aantrekken, lüollen en Unnen tegelijk" (Deut. 22:11). Kijkje kleding maar eens na: '75% wol, 25% katoen'? Nou, weg ermee... Het zou wel heel willekeurig Bijbelgebruik zijn als uit dit stukje van de wetgeving door de HEERE aan Israël gegeven wij de ene tekst wel 'nemen' en een aantal verzen verder zeggen: 'dat geldt nu niet meer'.

Wat merken onze Statenvertalers op? Dat het 'kleed' in het Hebreeuws 'tuig, gereedschap' betekent! Zo vertaalt ook de Engelse Kingjames-vertaling: „Een vrouw zal niet dragen wat bij (tot) een man behoort, noch zal een man een vrouwelijk kledingstuk aantrekken". Dat wat tot een man behoort, is zijn wapentuig, zijn legeruitrusting, zijn werktuigen, zijn sieraden enzovoort. In de lijn van wat de grondtekst bedoelt, moeten we bij het 'kleed van de man' dus vooral denken aan een onderscheid in functie en kleding, aan versieringen, wapentuig en nog andere gebruiksvoorwerpen, die specifiek passen bij de aard van de man. Het gaat in het kader van de wetgeving de HEERE erom dat zowel man als vrouw leeft naar de door Hem ingestelde scheppingsorde (de onderlinge verhouding ten aanzien van gezag, verantwoordelijkheid, onderling dienstbetoon e.d.). Het hele moderne emancipatiestreven heeft het grote gevaar in zich dat de scheppingsorde wordt doorbroken. Dan trekt de vrouw inderdaad 'de broek aan', of ze nu in een rok of in een broek gekleed gaat. Ook hierbij is het dus van belang welke motieven een meisje (vrouw) heeft om een broek aan te trekken! Als ze er door 'ver-mannelijkt', gaat ze er duidelijk mee tegen de wil van God in. Maar het zal duidelijk zijn dat 'de broek aan hebben' ook kan als we gekleed zijn volgens gestandaardiseerde kleding- en lengtematen. De vrouw mag zich gedragen en kleden als vrouw!! Daarmee is het volgens Gods Woord echt niet verboden om als bescherming tegen de kou, om andere praktische redenen of als 'sierlijk' kledingstuk gebruik te maken van een 'vrouwelijke' broek!

Kledingregels
Is het düs verkeerd dat op oiïze. reformatorische scholen bepaalde kledingvoorschriften gelden? Nee, natuurlijk niet!! Je ouders mogen aan jou bepaalde eisen stellen ten aanzien van je kleding. Dat mag iedere school doen en ieder bedrijf. En omdat het in onze traditie zo 'ingebakken' is dat het dragen van een broek zonde is, is het helemaal niet verkeerd om een bepaalde stijl te hanteren die aangeeft dat we niet willen leven naar de normen van deze wereld (overigens geldt daar echt niet dat een vrouw pas meetelt als ze een broek draagt). Maar waar het me wel om gaat, is dat er dan maar niet zo maar met de Bijbel gezwaaid wordt: 'daar staat het'. Zeg dan gewoon eerlijk en leg het zo uit: 'zo zijn onze manieren'. Ik herinner aan hét criterium: gedraagt het meisje zich in alles (ook met de lange rok) om het hoofd op hol te brengen van een jongen, dan ware het haar beter een kortere rok te dragen, maar in een eerlijk en rein geweten (het is maar ter illustratie). Overigens mag duidelijk zijn dat er wél staat in Deut. 22:5 dat een man geen vrouwenkleding zal aantrekken. Dus geen 'paardenstaart' (ze zijn er weer), ook geen verwijfde kettinkjes. Het dragen van een roze (geboorte meisje) overhemd door een man kan net zo goed van vragen voorzien worden als het dragen van een blauwe (geboorte jongen) broek door een vrouw. Het gaat me er ook om dat we niet alleen de 'vrouwelijke kunne' van kledingvoorschriften voorzien. Daar is Deut. 22 maar al te duidelijk over. Dus: 'Een man een man, een vrouw een vrouw' (Deut. 22:5) en 'eenvoud is het kenmerk van het ware' (Deut. 22:11).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 augustus 2001

Terdege | 96 Pagina's

Gewoonten en vormen (5)

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 augustus 2001

Terdege | 96 Pagina's

PDF Bekijken