Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Janet Clements-Barker: „William Gadsby hield van bevindelijke hymns

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Janet Clements-Barker: „William Gadsby hield van bevindelijke hymns"

13 minuten leestijd

Engelse hymns zijn voor velen verbonden met de naam van William Gadsby. Dat hij in zijn eeuw vooral als prédiker beroemd was, weten weinigen. Het is een van de opvallende onthullingen in de boeiende biografie die dezer dagen over hem verschijnt. Janet Clements-Barker uit Oud-Alblas groeide als geboren Engelse met Gadsbys hymns op, maar zingt door haar huwelijk nu al jaren ook Hollandse psalmen mee.

Haar herinneringen aan hymns gaan ver terug. Janet Clements (Luton, 1947) was nog maar een klein meisje toen ze er eentje uit haar hoofd leerde om het op te zeggen tijdens het kerstfeest van de zondagsschool.
Speak gently, it is better far
To rule by love than fear (…)

En voor het slapen gaan, zong ze als zoveel Strict-Baptistkinderen:
Jesus, tender Shepherd, hear me,
bless a little child tonight (…)

Haar eigen kleine hymnbook dateert van 1958, ze kreeg het op de zondagsschool. Toen ze door haar huwelijk in de Oud Gereformeerde Gemeente van Kinderdijk terechtkwam, was –afgezien van de kinderdoop– vooral de manier van zingen nieuw voor haar. „Strict Baptists zingen niet alleen ritmisch, maar ook vierstemmig. Daardoor klinkt het meer muzikaal. Vroeger kwam er geen orgel aan te pas, tegenwoordig is dat in veel gemeenten wel het geval. Belangrijkste reden daarvoor is dat de Strict-Baptistgemeenten erg klein geworden zijn. De mensen zingen staande. Psalmen kennen ze niet. Toen ik nog maar kort in Nederland woonde, zocht ik het psalmvers dat we tijdens de dienst zongen telkens in de Bijbel op. Toen ontdekte ik dat de berijmde tekst niet altijd precies zo in de Bijbel staat. Het is slechts een vertolking. Zo zijn de hymns ook een vertolking van wat er in de Bijbel staat. Als ze ergens gezongen worden, spreekt dat me aan, het is toch iets uit je jeugd. Ieder jaar worden er in de kerk van Vianen Engelse hymns gezongen. Ik vind het erg mooie avonden.
Op de vraag of ze een lievelingshymn heeft, aarzelt mevrouw Clements. „Er zijn er verschillende die aansprekend zijn. Hymn 427 bijvoorbeeld, die wordt gezongen bij het dopen. Hier in Nederland heb je natuurlijk psalm 134 voor dat soort diensten, maar bij de Strict Baptists komt het niet zo vaak meer voor dat er iemand wordt gedoopt. Het is dus een indrukwekkende gebeurtenis. Maar niet alleen vanwege het moment waarop hij gezongen wordt, ook inhoudelijk is 427 een mooie hymn. Not ashamed of Christ staat erboven. De laatste in het boek is ook bijzonder, echt een sacred hymn.
What sacred Fountain yonder springs
Up from the throne of God,
And all new covenant blessings brings?
Tis Jesus precious blood.

Bevinding
Gadsbys hymns staat er op het boek dat in de kerken van Janet Clements jeugd standaard wordt gebruikt. Dit verwijst naar de man die de liederen heeft verzameld en een deel ervan zelf dichtte. Dat hij zich zeer betrokken voelde bij de armen in zijn omgeving, dat zijn vrouw ziek was, hoe zijn hymns ontstonden en veel andere feiten over zijn leven en werk zijn eigenlijk pas bekend sinds een predikant uit Janet Clements geboorteplaats een biografie over hem publiceerde.
„Mr. Ramsbottom heeft jarenlang gewerkt aan dit boek. In 2003 verscheen het in Engeland. Nu is het in het Nederlands vertaald. Omdat William Gadsby weinig over zichzelf heeft gepubliceerd, moesten alle gegevens uit zijn preken en uit getuigenissen van andere mensen worden gehaald. Dat is veel werk geweest. Mr. Ramsbottom heeft het wel eens bijna opgegeven. Zelf wist ik wel íets van Gadsby. Er is door de jaren heen in ons kerkblad, de Gospel Standard, soms over hem geschreven, maar het meeste in zijn biografie is nieuw.
Janet Clements las het boek kort nadat het in het Engels was verschenen al. „Wat vooral opvalt, is dat William Gadsby als prediker heel bekend is geweest, terwijl wij hem nu voornamelijk kennen vanwege zijn hymnbook. Zijn prediking werd bijzonder gezegend en hij heeft veertig kerken gesticht. Gadsby preekte waar hij gevraagd werd, in verschillende gebouwen of in de open lucht. Hij trok duizenden hoorders. Hij sprak ook voor maatschappelijke doelen zoals de Temperance Society, van geheelonthouders. Meestal opende hij de dienst met een hymn, dat hij vers voor vers las. Zijn gebeden waren kort, vaak niet langer dan vijf minuten. Hij vond dat het gebed bedoeld was om Gods zegen te vragen over de dienst en niet voor herhaling van de Schrift of commentaar op wat hij gelezen had.
Gadsby was een tijdgenoot van J.C. Philpot. Philpot hanteerde de pen om orde in het kerkelijk leven te brengen. Gadsby was bijzonder geschikt om te preken tot onbekeerden en bekeerden. In 1835 heeft hij samen met zijn zoon John het kerkblad de Gospel Standard opgericht. Hij was dus de eerste redacteur.
De selectie hymns verzorgde hij destijds, omdat hij een zuivere klank wilde laten horen. Er werden namelijk ook veel arminiaanse gezangen gezongen. Voor Gadsby was de bevinding belangrijk. Hij keek daarbij alleen naar de inhoud van de hymns, niet naar degene die ze gedicht had. Er zijn dus in het hymnbook ook dichters uit de Church of England en methodisten of independenten opgenomen. Sómmige hymns van Wesley heeft Gadsby bijvoorbeeld wél gebruikt. Er zijn natuurlijk mensen die zeggen: Waarom deed-ie dat? Ik heb zelf ook weleens meegemaakt dat ik van een lied dat ik al jaren kende, hoorde dat het door iemand gedicht was van wie ik dacht: Oh! Aan de andere kant: Als de inhoud schriftuurlijk is, is er toch niets op tegen?
Hier in Nederland kun je een aantal hymns terugvinden in het liedboek van Johannes de Heer. Sommige zijn vrij vertaald. Daardoor komen ze anders over. Jammer, want dat kan een smet op een hymn werpen. Maar in Johannes de Heer staan er ook die Gadsby absoluut niet zou gebruiken. Dat hij er zelf ook veel gedicht heeft, is opvallend, omdat hij een ongeletterd man was. Wat hij dichtte, had hij zelf met zijn hart geleerd. Daarom kon hij het toch overbrengen en daarin ligt de kracht van zijn hymns.
Een verhaal apart vormen de melodieën. Strict Baptists kennen naast hun hymnbook een afzonderlijk boek voor de wijs. De meeste kerkgangers hebben dus twee boeken bij zich. Een hymn kan op meer dan één melodie gezongen worden. „Iedere kerk heeft zo zn eigen repertoire. Voor in het tunebook, het melodieënboek, staan alle nummers van de hymns, met daarachter de nummers van verschillende tunes. De eerste die genoemd wordt, is het meest geschikt, maar afhankelijk van de voorkeur van degene die de hymn opgeeft, kun je ook een andere wijs gebruiken. Hollanders vinden het vaak lastig, die twee boeken. Daarom heeft mr. Ramsbottom onlangs een selectie van honderd hymns samengesteld, waarbij één wijs wordt afgedrukt.

Excentriek
In de nieuwe biografie van William Gadsby valt het woord excentriek, vertelt Janet Clements. „Mijn man en ik hebben ons afgevraagd of hij zelf excentriek was, of zijn manier van preken of zijn uitspraken. Wij houden het op het laatste. In elk geval durfde hij alleen te staan. Verder was hij maatschappelijk betrokken, wat niet door alle kerkmensen zonder meer werd begrepen. Hij kon scherp reageren. Toch roemde iedereen zijn vriendelijkheid. Hij nam het op voor de armen, hij hield van kinderen. Zijn wandel was in overeenstemming met zijn prediking. Ook buiten de deuren van de kerk stond hij bekend als een oprecht man.
In zijn nawoord vertelt mr. Ramsbottom dat het tableau ter herinnering aan Gadsby in 1986 van de kerkmuur is gevallen. Het lag in duizend scherven op de grond. Mr. Ramsbottom schrijft: Gadsby zou hebben geglimlacht en gezegd: Maar goed ook. Hij was bescheiden, maar een geboren leider, zodat hij veel invloed had. Ik weet dat er een stuk of zes mensen onder zijn gehoor hebben gezeten die later predikant werden. De bekendsten zijn John Kershaw en John Warburton. Samen met Gadsby worden zij De drie wevers genoemd, omdat ze hetzelfde beroep uitoefenden.

Gadsby werd door veel tijdgenoten van antinomianisme beschuldigd. Waarom?
„Ja, dat is ook een verschil met de Nederlandse reformatorische kerken. Strict Baptists zeggen: Niet de wet, maar het Evangelie is onze leefregel. Daarom werd Gadsby ervan beticht dat hij leerde dat gelovigen maar raak konden leven.

Krijgt het verbond van God een plaats in Gadsbys hymns?
„Strict Baptists kennen alleen het genadeverbond. Daarom kunnen zij de kinderdoop ook niet begrijpen. Het verbond van Abraham, dat kennen ze niet zo...

Heeft Gadsby daarom een speciaal hymnbook voor kinderen samengesteld?
„Nee, dat was omdat hij het niet goed vond dat kinderen gelovige taal zongen die ze niet begrepen. Dan zingen ze immers iets dat ze niet in hun hart kennen. Maar dat heb je met de psalmen ook. Rond 1600 is er zelfs een heel dispuut geweest over de vraag of iedereen in de kerk wel mocht meezingen! Er bestaat tegenwoordig een Young Peoples Hymnbook, dat is iets anders. Voor zover ik weet, wordt het hymnbook voor kinderen niet veel meer gebruikt, maar zelf heb ik er als meisje vaak uit gezongen.

Mede n.a.v. William Gadsby, door B. A. Ramsbottom; vert. S. Houtekamer; uitg. Den Hertog, Houten, 2005; 265 blz.; € 22,50; ISBN: 90 331 1928 5.


William Gadsby
Vaste Rots van mijn behoud, O Jezus, hoe vertrouwd en goed, klinkt mij Uw naam in t oor en Als ik het wondre kruis aanschouw worden al vele decennia in Engelse Strict-Baptistgemeenten gezongen. Ze staan in een bundel die William Gadsby in 1814 uitbracht onder de schuilnaam Liederen van een Nazarener. Van de selectie van 670 hymns had hij er 157 zelf gedicht. Later breidde hij de verzameling uit tot 772. Het huidige boek, Gadsbys hymns, bestaat uit 1156 gezangen, sinds ook de bekende dominee J.C. Philpot voor een supplement zorgde.
Als jongetje dartelde William Gadsby op blote voeten buiten rond, zo arm was het gezin waarin hij opgroeide. Hij leefde in een boerengehucht en zou wever worden. Gadsby was nauwelijks volwassen toen hij overtuigd raakte van zijn onwaardigheid voor de Heere God. Zijn zonden brachten hem gedurende een aantal maanden bijna tot wanhoop, totdat hij de bevrijdende liefde van Christus mocht ervaren. Na verloop van tijd verliet hij de Staatskerk en liet hij zich dopen door onderdompeling. Hij trouwde met Elizabeth Malvin en kreeg zes kinderen.
Als prediker voelde Gadsby zich aanvankelijk onbeholpen. Het onderwijs dat hij genoten had, was te gebrekkig, vond hij zelf, zijn dialect te plat, zijn verschijning te ruig. Toch werd hij op zijn vijfentwintigste –tijdens een dienst op een bovenkamer– geroepen om een tekst te verklaren. Vanaf dat moment preekte hij herhaaldelijk en werden steeds meer mensen geraakt onder zijn verkondiging.
Maar liefst veertig van de Strict-Baptistgemeenten zijn door Gadsby gesticht. Sommige christenen beschuldigden hem van antinomianisme; anderen namen het hem kwalijk dat hij zich met de politiek bemoeide. Gadsby nam het namelijk op voor de vele armen en preekte tegen de in die dagen geldende korenwetten. Zijn vrouw werd op betrekkelijk jonge leeftijd ernstig psychisch ziek en herstelde nooit meer.
Al die moeilijke omstandigheden verhinderden niet dat velen onder zijn verkondiging tot bekering kwamen en dat de naam van Gadsby in het hele land beroemd werd. Hij drukte zijn stempel op de Strict Baptists en bepaalde wat er, tot op de dag van vandaag, door hen wordt gezongen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 november 2005

Terdege | 100 Pagina's

Janet Clements-Barker: „William Gadsby hield van bevindelijke hymns

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 november 2005

Terdege | 100 Pagina's

PDF Bekijken