Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Viermaal naar Barneveld geroepen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Viermaal naar Barneveld geroepen

In het voetspoor van ds. J. Fraanje

9 minuten leestijd

Al driemaal was er vanuit Barneveld een roepstem gezonden naar ds. J. Fraanje in Goes: „Kom over en help ons. En driemaal had de predikant bedankt. Hij zei: „Wijs ben ik niet, zonder de Heere kan ik niet, en zo kom ik niet. Toen Barneveld echter voor de vierde maal riep, gaf hij de strijd op. Hij kwam. In Barneveld zou hij ruim dertig jaar blijven, tot aan zijn overlijden.

Zijn graf ligt op Begraafplaats De Plantage in Barneveld, zorgzaam overschaduwd door een enorme lindeboom en beschut door een dichte haag van beuken. Op woensdag 7 september 1949 had een grote schare van enkele duizenden de lijkkoets van ds. Fraanje gevolgd en zich verzameld, rond zijn baar, boven de geopende groeve.
Ds. R. Kok sprak als eerste: „Het lichaam rust hier tot de jongste dag, wanneer de grote Koning komt op de wolken des hemels. Zalig zijn de doden die in de Heere sterven. Het nieuwe leven der genade vangt aan bij de wedergeboorte, wordt voortgezet in de oefeningen, vindt zijn volkomenheid bij de scheiding van ziel en lichaam.”
Stil en eerbiedig luisterden de bedroefden. Onder hen was een opgeschoten knaap van een jaar of twintig. Aart van de Kieft. Nu staat hij er opnieuw, 85 jaar oud, al 47 jaar ouderling van de gereformeerde gemeente te Barneveld, eerst van Centrum, nu van Zuid.
Onder de grote linde zegt Van de Kieft, in zijn zwarte pak: „De prediking van ds. Fraanje had altijd diepe indruk op mij gemaakt. Daar moet ik wel bij zeggen dat ik lang niet alles van hem begreep. Maar die man had toch iets waarvan ik wist: Dat is echt. Dit is het ware. Wat die man heeft, dat mis ik.”
„Ik was”, zegt Van de Kieft, „een ondeugende jongen. Graag een beetje stoer met de andere jongens. Maar als ik alleen was, klaagde ik de Heere achterna: Heere, hoe moet ik toch bekeerd worden?”

Heel Barneveld had achting voor de predikant, zegt Van de Kieft. „Als we hem in de verte zagen aankomen, liepen we gauw een straatje om. Zoveel respect hadden we voor hem. Dat gaat onderhand wel een beetje ontbreken, achting voor het ambt.”

Jozias Fraanje ging in zijn kinderjaren niet naar school. Dat kon niet, vonden z’n ouders, want daar was vaccinatie verplicht, en dat was niet naar de Schrift. Als kind leerde hij dus ook niet lezen, maar, zegt hij veel later: „God heeft het mij geleerd.”
Toen Fraanje 26 jaar was, werd de rust hem opgezegd. Korte tijd later werd zijn schuld uitgedelgd en verkreeg hij een recht op het eeuwige leven. Hij werd gekozen tot ouderling van de ledeboeriaanse gereformeerde gemeente in Goes. De roep tot het predikambt volgde. Maar hij durfde niet en hij wilde niet en zóu niet preken.
Zijn medebroeders in de Goese kerkenraad vonden dat hij toch maar eens een stichtelijk woord moest gaan spreken. En de Heere kwam erin mee. Vervolgens werd hij oefenaar in Goes, drie jaar later oefenaar in Terneuzen. Daar volgde zijn bevestiging tot predikant van de Gereformeerde Gemeenten.
De weg leidde naar Rotterdam-Centrum, waar ds. Fraanje de plaats innam van zijn vriend en broeder ds. G.H. Kersten, die naar Yerseke was vertrokken. Ruim twee jaar later kwam er een beroepsbrief uit Goes, de gemeente die hij zo goed kende. Ds. Fraanje schreef een bedankbrief, die op de post werd gedaan. Gods weg was echter anders. Het beroep moest worden aangenomen. Nog diezelfde avond verzond de predikant een telegram naar Goes: „Beroep aangenomen; brief volgt.”
Maar, de eerste brief die bij de broeders in Goes werd bezorgd, was de bedankbrief. Groot was de verwarring. De volgende dag kwam de brief met de goede tijding.
Viermaal werd er in Goes een beroepsbrief uit Barneveld bezorgd. Driemaal bedankte hij. Maar in Barneveld bleek men erg vasthoudend. Ds. Fraanje moest echt komen, en bij het vierde beroep kwam hij. Toen hij zijn intredepreek hield, zei hij: „Ik ben gekomen. Ik zou zeggen, zonder mijzelf te bedoelen of zoeken te behagen.”

Keuring
„Ds. Fraanje deed vaak uitdrukkingen die ik nooit vergeten ben”, zegt Van de Kieft, onder de grote kerkhoflinde. „Hij wees eens op de keuring voor militaire dienst. Dan zei hij: ‘Mensen, als je gekeurd moet worden, moet je jas uit, dat gaat nog wel. Ook je vestje moet uit. Dat is ook nog te doen. Je overhemmetje moet uit, dat is al moeilijk. Maar het laatste hemmetje moet ook uit. Dat is het moeilijkst, want dat is tegen ons vlees. Gemeente, zo is het nu ook als je als arme zondaar naakt voor God moet verschijnen. Het laatste hemmetje moet uit.’ Op catechisatie kon hij in dit verband wel eens zeggen: ‘Men houdt graag vlees en kleren aan, maar wil wel naar de hemel gaan’.”
De kerk waar ds. Fraanje preekte, stond op dezelfde plaats als waar nu de grote Rehobothkerk van de gereformeerde gemeente staat, aan de Nairacstraat. Een jaar na zijn komst bleek het al nodig de kerk ingrijpend te vergroten. In 1935 werd de kerk opnieuw uitgebreid. Toen konden er maar liefst 1200 mensen in.
De hoekige pastorie stond precies naast de huidige pastorie van de gereformeerde gemeente. Zeg maar in de achtertuin ervan. En op de plaats waar zich nu de parkeerplaats van de kerk bevindt, stond de lagere school, die in februari 1932 door ds. Fraanje geopend werd. Tot aan het einde van zijn leven is hij voorzitter van het schoolbestuur geweest.
Na zijn overlijden heeft het bestuur de school naar hem vernoemd: ‘Ds. J. Fraanjeschool’. De burgerlijke gemeente noemde in 1979 de straat tussen parkeerplaats en kerk ook naar de predikant. Op het straatnaambordje staat: ‘Ds. J. Fraanjestraat; Jozias, 1878-1949, predikant’.

Lessen
Over zijn prediking zegt Van de Kieft: „Ds. Fraanje preekte een bevindelijke waarheid, op de Schrift gegrond. Hij hield steevast twee uur aan, dat kwam ook doordat hij eerst ging herhalen wat hij in de vorige preek had gezegd. In de preken die later van hem werden uitgegeven, zijn die voorafspraken achterwege gelaten.”
Veel opleiding had de Barneveldse predikant nooit gehad. „Het verkondigen van de oude waarheid had hij extraordinair van de Heere geleerd. Dat is later wel uit de vruchten gebleken. In mijn geheugen staat hij te boek als een bewogen prediker die zich afhankelijk wist van zijn Zender. Niet altijd was ik in staat om zijn diepe gedachten te volgen, maar nu zeg ik: Wat een wijsheid, wat een wijsheid had die man. Hij hield geen hoogdravende beschouwingen, maar hij leerde Barneveld eenvoudige en dierbare lessen, die voor de wijzen verborgen blijven, maar die aan de kinderkens worden geopenbaard. Door genade en gaven wist hij de bevindelijke gangen van de ware kerk onderwijzend en vertroostend voor te stellen.”
Toen ds. Fraanje 25 jaar in Barneveld stond, zei hij in een gedachtenisrede: „Wat mogen wij betuigen tot op deze dag voor Zijn aangezicht? Dat ik in alle gebrek dorstende zielen heb mogen wijzen op de volkomenheid en noodzakelijkheid van de toegerekende gerechtigheid van Christus en de weldaden die God verheerlijkt, door de grond te leggen in de wedergeboorte.”
In de moeilijke jaren veertig van de vorige eeuw werd het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten grotendeels geleid door ds. G.H. Kersten en ds. J. Fraanje, zegt Van de Kieft. „Die twee hadden elkaar echt nodig. Wat Kersten miste, had Fraanje. En wat Fraanje miste, had Kersten. Ze vulden elkaar aan. Ik denk dat Fraanje dieper was ingeleid in de heilgeheimen en in de verborgenheden van het zalig worden. En Kersten had weer meer gestudeerd. De een kon de ander niet missen.”

Donkere dagen
Op zijn 70e verjaardag verlangde ds. Fraanje heen te mogen gaan. „Ik ben wel blij dat ik vandaag zeventig jaar mag worden, maar toch is het niet mijn blijdste dag. Mijn stervensdag zal mijn blijdste dag zijn en de jongste dag is mijn bruiloftsdag. Kom, Heere Jezus, kom!”
Daarna zijn er voor ds. Fraanje nog donkere dagen aangebroken. Korte tijd voor zijn sterven ging hij naar Elspeet om ds. Ligtenberg te beluisteren, die daar een weekbeurtje deed. Aan het einde van de dienst liep ds. Fraanje naar voren en zei: „Gemeente van Elspeet, ik ben zo vaak in uw midden geweest en ik heb zoveel gebeden op mogen zenden, en als er nu onder jullie zijn die verstand van kermen hebben, heb ik een vriendelijk verzoek of ze mij in hun gebeden willen gedenken.”
Ds. Fraanje vroeg om Psalm 71:8 te zingen: „Ziet, zeggen zij, hij ligt verschoven; God staat niet aan zijn zij.” Waarop ds. Ligtenberg ook maar een versje opgaf, Psalm 68:11: „Gewis, hoe hoog de nood mag gaan, God zal Zijns vijands kop verslaan, dien haar’gen schedel vellen.”
Op zijn sterfbed kwam de Heere over, met deze woorden: „Vreest niet, geloof alleenlijk.” Hij stierf op 3 september 1949.
De weduwe Fraanje kreeg na het overlijden van haar man een brief van de oud gereformeerde predikant Joh. van der Poel uit Ede. Hij schreef onder meer: „Waar uw man is, weet ik niet te komen. Waar hij uit gehaald is, zit ik nog in. En waar hij door is, sta ik nog voor. Zonder twijfel dat hij de duivel kwijt is. En de duivel hem.”


Ds. J. Fraanje
Jozias Fraanje werd op 20 oktober 1878 geboren in Biezelinge (Zeeland). Lager onderwijs heeft hij niet gehad, als kind van negen jaar werkte hij al op het land. Hij werd oefenaar in Goes (1908) en in Terneuzen (1912). In hetzelfde jaar 1912 werd hij bevestigd tot predikant in de Gereformeerde Gemeenten. Als predikant diende hij daarna Rotterdam-Centrum (1913) en opnieuw Goes (1916), waarna hij ruim dertig jaar in Barneveld stond, van 1918 tot aan zijn overlijden in 1949. Meer dan veertig jaar verkondigde hij het Woord in de Gereformeerde Gemeenten. Op 3 september 1949 overleed ds. Fraanje, een jaar na ds. G.H. Kersten. Op de dag van de begrafenis voerden tien sprekers het woord.

Dit artikel werd u aangeboden door: Terdege

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 8 oktober 2014

Terdege | 100 Pagina's

Viermaal naar Barneveld geroepen

Bekijk de hele uitgave van woensdag 8 oktober 2014

Terdege | 100 Pagina's

PDF Bekijken