Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

CALVIJN EN HET OUDE TESTAMENT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

CALVIJN EN HET OUDE TESTAMENT

4 minuten leestijd

W. de Greef, CALVIJN EN HET OUDE TESTAMENT, 308 blz., ƒ 45, —, uitg. T. Bolland, Amsterdam, 1984.

Het onderwerp van deze Utrechtse dissertatie is geen bijkomstig theologisch discussiepunt, het raakt veel meer het hart van het Evangelie. Menig vooraanstaand theoloog heeft Calvijns standpunt op belangrijke punten bestreden, maar er is ook tot vandaag ten aanzien van grondbeginselen de vraag, wat Calvijns visie 'eigenlijk' inhoudt. Ik denk aan een uitspraak van Seeberg: 'Het legalisme van Calvijn brengt met zich dat hij een neiging had om de grenzen tussen Oude en Nieuw Testament uit te wissen'. Eén van de grondbeginselen van de Reformatie is het 'sola scriptura'. Of, zoals Prof V. Leeuwen het ons als studenten voorhield: tussen ons en de anderen ligt de Schrift.

De schr. heeft zeer veel materiaal uit de geestelijke nalatenschap van Calvijn verzameld, systematisch geordend en in zijn waarde voor onze tijd geschetst. Vele citaten zijn in het latijn in voetnoten opgenomen met aanwijzing van de vindplaats in het Corp. Ref. of de Suppl. Calv., waarbij ook de vindplaats in de Institutie of in de Commentaren wordt opgegeven. Hierdoor wordt het naslaan van de plaatsen o.a. voor het verband bevorderd. Voor de bezitter van de Schippers-editie van Calv. werken - zoals voor ondergetekende - betekent dit een groot gemak.

In het eerste hoofdstuk schrijft de auteur over de omgang van Calvijn met het O.T.: de prediking, de colleges, en de commentaren: Gen., Ps., les., Ex., Deut., Jozua.

De schr. spreekt van Calv. als een zelfstandig exegeet. Hij houdt rekening met andere vertalingen en commentaren (Kimchi, Lyra, e.a.). Hij had veel respect voor de preken van Chrysostomus, die zich bij de eenvoudige betekenis van het Woord hield, veel waardering voor Hieronymus; hij houdt rekening met hem, bijv. o.a. Jes. 7 : 14. De Institutie is een middel tot een recht verstaan van de H. Schrift; dat geldt ook van de commentaren. Onder exegetische principia rekent Clv. de mens scriptoris, de bedoeling van de schr., de sensus literalis, ook wel genoemd de sensus simplex. Calv. verwerpt allegorische Schriftverklaring als spitsvondigheden. Over Origenes c.s. oordeelt hij: ij hebben de Schrift veranderd in rookwalm. In Gal. 4:24v gaat het om een typologische zin. Bij de bespreking van de oudtestamentische citaten in het N.T. wijst Calv. er op, dat de apostelen er niet (altijd) op uit waren het O.T. letterlijk te citeren.

Calv. gaat uit van de eenheid van het O.T. en N.T., maar er is wel onderscheid. Het verschilt niet in wezen en in de zaak (in substantia et in re), alleen in de bediening (administratio, oeconomia). Het verbond is in vergelijking met het N.T. enigszins verhuld (Ex. 34 : 29; 2 Kor. 3 : 13). Calv. heeft een positieve waardering van de aardse werkelijkheid. De leeftijdsfase van de kerk (O.T. is de tijd van de pueritia) doet niets af aan het uitnemende geloof van Abraham.

Een uitgewerkt hoofdstuk is gewijd aan Calv. hermeneutiek van het O.T. De mens neemt in Gods schepping een bijzondere plaats in, hij is een mikrokosmos. Door de zonde is de relatie met God grondig gestoord - toch is de wereld vol van Gods goedertierenheid. Uitvoerig wordt geschreven over de betekenis van het verbond, over Abraham, David e.a. Er is een nauw verband tussen verbond en belofte. Noaoh is de voorman van een nieuwe wereld en

aartsvader van de kerk.

Calvijn maakt onderscheid tussen algemene en bijzondere verkiezing. De volkeren zullen ingeplant worden in het geslacht van Abraham. Israël is meer dan alleen een v/aarschuwend voorbeeld. Hoz. 2 : 19v. In de Ps. komt de eenheid van de kerk in het licht: n het O.T. gaat het om dezelfde God, dezelfde Christus en hetzelfde heil. De eenheid van O. en N. Verbond betekent geen gelijkheid: r is een voortgang in de openbaring o.a. ten aanzien van het eeuwige leven. Als Christus komt is de kerk volwassen. Gods beloften voor dit leven geven iets te proeven van het hemelse leven les. 65 : 10.

Christus is de scopus van het O.T. en N. T. (Niesel). Calvijn spreekt van de geheimnisvolle tegenwoordigheid van Christus in het O.T. Voor het rechte zicht op Christus kunnen wij niet buiten het O.T. Het O.T. bevestigt het N.T. Met de Christus is de tijd van de beloften nog niet voorbij.

Deze vele aantekeningen mogen een prikkel zijn voor onze lezers om voor het eerst of opnieuw kennis te nemen van deze waardevolle studie. Bij Calvijn raakt men niet gemakkelijk uitgestudeerd.

En tenslotte: excuus voor het feit dat ik eerst nu deze aankondiging schrijf.

H.

Bt.

Dit artikel werd u aangeboden door: Theologia Reformata

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 maart 1987

Theologia Reformata | 113 Pagina's

CALVIJN EN HET OUDE TESTAMENT

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 maart 1987

Theologia Reformata | 113 Pagina's