Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ambassadeur in boeien

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ambassadeur in boeien

10 minuten leestijd

...om vrijmoedig het geheimenis van het evangelie hekend te maken, waarvoor ik een gezant ben in ketenen. Efeziërsó : I9b, 20a

A. Noordegraaf

Het hart van de lijdensprediking klopt in de boodschap van de vreemde vrijspraak. Het is het evangehe van de Herder die voor de schapen zijner weide zichzelf ter slachtbank liet leiden. Dat is de troost en de zekerheid voor allen die op de Here Jezus hun vertrouwen stellen.

Overigens is deze troost geen goedkope zaak. De Herder roept ons zijn voetsporen te volgen. En het herdersspoor is een lijdensspoor. De Heiland belijden als de Verzoener van je schuld kan ons in de buurt van het lijden brengen. Er zijn overal in de wereld nogal wat christenen die de smaadheid van Jezus dragen.

Dat is in de geschiedenis van de kerk nooit anders geweest. Wij lezen dat al af aan het tekstgedeelte waarover deze meditatie gaat. Paulus vraagt daarin om de voorbede voor zijn apostolische dienst als gezant van Jezus Christus. Gezant van Hem die gezegd heeft: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde'. Een ambassadeur, een gezant, vertegenwoordigt zijn vorst of zijn regering in het buitenland. Paulus, de ambassadeur van Koning Jezus, is door Hem belast met een vredesmissie. 'Wij zijn dan gezanten van Christus, alsof God door onze mond u vermaande; in naam van Christus vragen wij u: aat u met God verzoenen (2 Kor. 5 : 20).

Het ligt in de lijn der verwachting dat een ambassadeur iets laat zien van de glorie van zijn opdrachtgever. Ambassadeurs woningen zijn doorgaans mooie villa's, gesitueerd in de betere woonwijken.

De ambassadeurswoning van de gezant van de Koning der Koningen zal daarop toch wel geen uitzondering vormen.

Maar de tekst helpt ons uit de droom. We moeten Paulus' woning niet zoeken in de villawijken van Efeze (de plaats van afzending van deze brief) en evenmin uitkijken naar een deftig paleis. Paulus' ambassadeurswoning bevindt zich in een gevangenis en bestaat uit een kale cel. Vreemd... dat is toch wel de laatste plaats waar je een ambassadegebouw zoekt. Of moet je zeggen: Het is niet zo vreemd als wij nagaan Wie Paulus als gezant vertegenwoordigt.

De kerk belijdt dat haar Koning 'regeert vanaf het hout'. Het verhaal van Jezus' lijden en sterven laat dat duidelijk zien. Daarin ontmoeten we Hem als een gebonden Koning.

Zijn hoofd vol bloed en wonden bedekt met smaad en hoon. Zijn hoofd zo wreed geschonden, zijn kroon een doornenkroon.

Als de Romeinse machthebber, Pilatus, verwonderd vraagt: Bent u een koning? ', dan horen we Jezus zeggen: Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld' (Joh. 18 : 36).

Dat betekent niet, dat dit Koninkrijk niets met de wereld te maken heeft. Integendeel, de Here wil zeggenschap hebben op de gehele aarde.

Het betekent wel, dat dit Rijk niet met wereldse maatstaven te meten is. Het kan niet concurreren met wat in de wereld groot en machtig is. De Koning is een kruiskoning, naar het lijkt een machteloze figuur, wiens rol uitgespeeld is. Maar het geloof weet: Zojuist openbaart Hij de almacht van Gods liefde.

Is het dan zo vreemd dat Paulus ketenen draagt? De dienaar is toch niet meer dan zijn meester?

Een gezant in ketenen. Zo typeert Paulus zijn apostolische dienst. Koning Jezus heeft hem opgedragen om het heilsplan van God onder de volken bekend te maken. Eeuwenlang was dit plan, dit mysterie, dit geheimenis, verborgen. Maar in de komst en het werk van Christus is het door God bekend gemaakt (Ef. 3 : 6vv).

Apostolische prediking is Christusprediking. Het is de boodschap van verzoening en verlossing door het bloed van Christus voor ieder die gelooft. Jood en heiden. Een boodschap van bevrijding uit de heerschappij van de Boze. Een wereldwijd appèl aan alle volkeren om zich te bekeren, om het duister te ontvluchten en in het licht van deze Heiland te gaan staan. Dat is Paulus' vredesmissie. Zo staat het in zijn lastbrief (vgl. Hand. 26 : 18).

Maar dit evangelie stuit op verzet. De machten geven zich niet zomaar gewonnen. Daarom weet Paulus zich met de gemeente te staan in de frontlinie. 'Wij

hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten' (6 ; 12).

Paulus' apostolische taak heeft iets van een veldtocht (vgl. 2 Kor. 10:3, 4). Dat is een risicovol bestaan. Je leeft voortdurend in de gevarenzone. Je kunt klappen oplopen. Paulus ervaart het aan den lijve.

De gezant is gevangen genomen, evenals zijn Meester geboeid en geketend. Dat is maar geen willekeurig lot. De gezant in ketenen is, zo lezen we in hoofdstuk 4:1, 'een gevangene in de Here'. Gebonden aan Christus, gevangen terwille van de zaak van zijn Koning. Calvijn noemt Paulus' gevangenschap een zegel van de heerlijke boodschap die hem opgedragen was (sigillum honorificae legationis).

Is Paulus een uitzonderlijk geval? Het hangt er van af wat we uitzondelijk noemen. Als apostel van Jezus Christus neemt hij een bijzondere plaats in in de openbaringsgeschiedenis. Wat dat betreft moeten we maar geen is-gelijk-teken plaatsen tussen Paulus en ons. Predikanten plegen voor een intreepreek nogal eens te rade te gaan bij de woorden van Paulus. Voorzichtigheid in de toepassing is dan wel geboden!

Toch is er ook iets meer te zeggen. Paulus weet zich één met de gemeente in de strijd tegen de machten van de duisternis. Die strijd neemt in elke tijd andere vormen aan. Die strijd gaat nog altijd door. In een tijd van Godsverduistering en secularisatie staan we in de worsteling tegen de 'Herrenlose Gewalten' (K. Barth) die het evangelie in twijfel trekken of zoeken te ontkrachten. De boodschap van verzoening en verlossing is nog altijd een ergernis en een dwaasheid. Die boodschap stuit op verzet, ongeloof, apathie en onverschilligheid.

Wie de Gekruisigde als de Koning van zijn leven en als Heer der wereld belijdt, moet niet rekenen op applaus. Veeleer op agressief verzet of onverschillig doodzwijgen.

Daarom is het niet teveel gezegd als we stellen dat de gemeente van Christus in de wereld altijd iets aan zich heeft van een 'gezant in ketenen', een armzalige gestalte, zonder noemenswaardige glorie of aanzien. Voor hoevelen is de kerk niet een te verwaarlozen grootheid, een minderheid die nauwelijks nog meedoet in het spel van de machten.

Het is goed onszelf rekenschap te geven wat dat betekent. Want woorden als strijd, veldtocht, frontlinie, militia Christi zijn ook gevaarlijke woorden. De verzoeking is groot om je te laten leiden door een soort kruistochtmentaliteit. Om je teweer te stellen met wereldse machtsmiddelen: geld, getal, invloed, partijpoli-

tick, politieke leuzen, modieuze kreten of verstarde tradities. Om daar je sterkte en je afweer in te zoeken. Ook een orthodoxe kerk is voor die verleiding niet immuun. Het is goed om je dan door Efeziërs 6 te laten corrigeren.

Wat is de weerbaarheid van de kerk? Het is de wapenrusting die God ons zelf aanreikt. 'De wapenrusting Gods aandoen is laten gelden wat het Hoofd van de gemeente in zijn sterkte voor kerk en wereld is' (Hasselaar). Het zijn de wapenen van geloof, hoop en liefde. Defensieve wapenen ter bescherming van onze kwetsbare existentie. En zo er al sprake is van een offensief, dan is het het offensief van het heilsleger dat in woord en daad de sjaloom van Christus, het heil dat verankerd ligt in kruis en opstanding, verkondigt.

Wij hebben geen andere sterkte dan Jezus Christus, de Gekruisigde Koning. Wij behoeven als minderheidsgemeente geen vuist te maken, maar worden geroepen te leven met gevouwen handen. Wij zijn niet geroepen de messen te scherpen en de sabels te slijpen, maar veeleer om bidstonden te houden. De bruikbaarheid van de soldaat in de frontlinie berust op zijn waakzaamheid. En de waakzaamheid komt tot openbaring in het gebed (vs. 18-19).

Tegenover de machten van het kwaad, tegenover de secularistische tendenzen die ons bedreigen en aanvreten, tegenover scepsis en nihilisme, brutale spot of wereldse wijsheid hebben we geen andere weerbaarheid dan het wapen van het Woord en de waakzaamheid van het gebed.

Zo zien we Paulus staan op zijn post. Ook in de gevangenis is hij ambassadeur van zijn koning. Daarom vraagt hij de voorbede van de gemeente.

Het is zaak er op te letten wat hij wel en wat hij niet vraagt. Hij vraagt niet in de eerste plaats dat zijn handen en polsen losgemaakt worden, maar dat hij zijn mond mag opendoen om klaar en helder het evangelie door te geven in een situatie die er op uit is hem monddood te maken.

Hij vraagt niet om de voorbede voor zijn eigen vrijheid, maar vraagt erom dat de ketenen zijn vrijmoedig spreken niet belemmeren zullen.

Een gezant in ketenen. Een geboeide gestalte en toch: Vrij in Christus. Een mens die maar één verlangen kent: dat het Woord aan het woord komt. Ondanks boeien en gevangenschap.

Wie zo weerstand biedt, staat in de vrijheid.

Wij zijn daar niet zomaar aan toe om dat te erkennen. Het druist in tegen ons activisme, tegen onze dadendrang, tegen de zucht tot zelfrechtvaardiging. Leven door het geloof alleen ligt niet in het verlengde van ons natuurlijk bestaan.

Om als gezant in ketenen je sterkte in Christus alleen te vinden moeten we op de leerschool van de Geest de Naam leren spellen.

Dat is een pijnlijke les. Zie het aan Paulus. Om zijn ambassadeur geschikt te maken voor zijn missie heeft Koning Jezus hem alles ontnomen. Eerst ontnam Hij hem zijn Farizeeërswijsheid, zodat hij niets anders overhield dan de dwaasheid van het evangelie van de Gekruisigde (Filp. 3 : 3vv).

Vervolgens ontnam Hij hem wat hem in de ogen van de mensen tot een imponerende figuur zou kunnen maken en drukte Hij hem een scherpe doom in zijn vlees (2 Kor. 12 : 7vv).

En nu is hem ook nog zijn vrijheid ontnomen. Zo - in het voetspoor van de lijdende Christus - is Paulus bruikbaar om zijn roeping te volbrengen. In de kracht van Christus, die gebonden is om ons voor eeuwig vrij te maken. Zwak en machteloos in zich zelf, om juist zo te ontdekken dat de Here zijn kracht in onze zwakheid volbrengt.

Zou dat het niet zijn wat ook wij in onze tijd moeten leren? Het is de les van het Lutherlied: 'Met onze macht is het niets gedaan...' Hebben we, als we dat lied zongen, niet vaak de klemtoon verkeerd gelegd, alsof het Lutherlied een soort christelijke Marseillaise was? Laten we in ons gebed vragen of de Here door zijn Geest en Woord ons weerbaar en bruikbaar wil maken voor zijn dienst.

Als mensen die zich de handen laten binden door Christus en zo juist mogen staan in de vrijheid.

Mij trof een opmerking van de Nieuwtestamenticus Markus Barth. Hij wijst erop dat ambassadeurs in de antieke wereld bij feestelijke gelegenheden gouden kettingen plachten te dragen om op die wijze iets te laten zien van de rijkdom en de glorie van de regering die zij vertegenwoordigden. Is dat het waarop Paulus zinspeelt, als hij zich een gezant in ketenen noemt?

Een ijzeren gevangenisketting als onderscheidingsteken voor de gezant van Jezus! Wie oordeelt naar wat hij ziet, is geneigd om te zeggen: Armzaliger en vernederender kan het bijna niet.

Maar als de Heilige Geest ons oog en hart verlicht, gaan wij Gods glorie zien in dit alles, zoals de Here Jezus zelf het na zijn opstanding duidelijk maakte aan zijn leerlingen: de weg van het kruis als de weg tot de glorie.

De lijdensgeschiedenis van Jezus laat ons de glorie van Gods heil zien in de vernedering en de smaad van de Gekruisigde Koning die Hij om onzentwil op zich nam.

Opdat allen die in Hem geloven en Zijn voetsporen drukken, zouden mogen weten: De Here regeert. Zijn koningschap staat vast.

Gezanten in ketenen en toch koninklijk vrij.

Dit artikel werd u aangeboden door: Theologia Reformata

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

Theologia Reformata | 357 Pagina's

Ambassadeur in boeien

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

Theologia Reformata | 357 Pagina's

PDF Bekijken