Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

BRIEVEN TOT GEESTELIJKEN OPBOUW

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

BRIEVEN TOT GEESTELIJKEN OPBOUW

WEGEN EN MIDDELEN OM IN DE GEMEENSCHAP GODS EN CHRISTUS OVERVLOEDIGER TE WORDEN

5 minuten leestijd

Alle genadeleven is uit God en uit God alléén Wij kunnen de gemeenschap met God en den Heere Christus noch door onszelven, noch door eenig middel ons verwerven, tenzij de Heere Zichzelf te genieten geeft uit louter ontfermen. Daarom bad de Apostel Paulus voor de gemeente van Efeze, dat God hun wilde geven, naar den rijkdom Zijner heerlijkheid, met kracht versterkt te worden door Zijnen Geest naar den inwendigen mensch, opdat zij ten volle mochten begrijpen met alle heiligen, welke de breedte en lengte en diepte en hoogte zij, en bekennen de liefde van Christus, die de kennis te boven gaat, opdat gij vervuld wordt tot alle volheid Gods. Ef. 3 : 16—18.
Maar dewijl God gewoonlijk door middelen ons Zijne genade mededeelt, zoo hebben we nauwkeurig te onderzoeken welke de van God gewilde wegen zijn.
Het zal dan allereerst noodig zijn, dat wij gedenken onze zonden en onzen vorigen wandel, om ons daarover van harte te bedroeven voor God, Dien wij bitterlijk vertoornd hebben. Jeremia 3 : 40, Hos. 12:15. Met een vertrokken hart en een verslagen geest hebben wij ons te wenden tot Jezus Christus, Hem biddend om genade ; want de vernedering gaat vóór de verhooging en de droefheid naar God vóór de Goddelijke vertroosting. En die van harte naar God bedroefd zijn laat Hij Zijn liefde blijken, want hij woont bij dien, die van een verbrijzelden en nederigen geest is, opdat Hij levend make den geest der nederigen, en opdat Hij levend make het hart der verbrijzelden. Jes. 57 : 15. Daarom wordt van Christus gezegd : dat Hij is gezonden om alle treurigen te troosten Jes. 61 : 2, dat Hij gezonden is om te genezen, die gebroken zijn van harte Luc. 4 : 18. Daarom roept onze Zaligmaker: Komt allen tot Mij, die vermoeid en belast zijt en Ik zal u ruste geven". De Heiland wil komen tot degenen, die Zijn genade en hulp inroepen en tot de bedroefde zondares zeide Hij : uwe zonden zijn u vergeven ; de bedroefde tollenaar ging af gerechtvaardigd naar zijn huis. Luc. 7 : 46 ; Luc. 18.
Hierbij kan het tot zalige vrucht voor de ziele zijn, wanneer bizonder mag worden overdacht het lijden en sterven van Jezus Christus. Want wanneer de zonden aan onzen geest voorbij gaan en de eeuwige verdoemenis op ons legt, waarin wij waardig zijn eeuwig te verzinken, dan is het zoo rijk vertroostend, wanneer de ziele erbij mag worden bepaald, dat de Heere, om ons te verlossen. Zijn eeniggeboren Zoon verordineerd en gezalfd heeft tot een Verlosser en Zaligmaker ; die van vóór de grondlegging der wereld daartoe gegeven is. En dat Hij uit enkel liefde op aarde is gekomen, de menschelijke natuur heeft aangenomen, hoewel Hij het voor geen roof behoefde te achten Gode evengelijk te zijn. Fil. 2. Hoewel Hij heerlijkheid bij den Vader had van eeuwigheid, is Hij uit louter liefde vernederd geworden, om zondaren met God te verzoenen. En daarom moet die ziele Hem omhelzen, waar Hij rijk was, maar arm is geworden om armen rijk te maken ! 2 Cor. 8 : 9.
Laat de ziele voortgaan tot vertroosting, om te overdenken hoe hij geduriglijk tot arme zondaren is uitgegaan, om te zoeken wat verloren ligt. En laat de ziele bijzonderlijk overdenken, hoe Hij uit liefde het heilig Avondmaal heeft ingesteld, om ons Zijne liefde en genade te verzegelen tot vertroosting. En laat de ziele daar zich mogen toeëigenen, dat Hij in het Avondmaal ons verzekert de vergeving van onze zonden en Zijne genade.
Ga dan alzoo voort en toezie met de oogen des geloofs, hoe bang Hij is geweest, dat Hij zeide : „Mijne ziel is bedroefd tot den dood toe" en dat Hij in droefenis en angst groote droppelen bloeds zweette, hetwelk is geschied om Zijn arme volk uit alle bangheid te verlossen en te doen ervaren, dat zij nimmermeer van God verlaten zullen worden. Bedenk dan verder, o ziel, hoe Hij is gevangen genomen om u te verlossen van de eeuwige gevangenis der hel, want Hij is den gevangenen eene verlossing. Jes 61.
Als zoo de ziele mag betrachten wat Sions Borg voor Kajafas, en in het rechthuis van Pilatus en eindelijk, hangend aan het vloekhout tusschen twee moordenaren heeft geleden, waarbij Hy zóó bang is geweest onder den zwaren last van God toorn, dat Hij klagend uitriep : „Mijn God mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten dan wil de Geest het wel heiligen aan het hart, om te schenken opening der gevangenls en verlossing van den dood. Want als de ziele zoo mag wegen de zwaarte van de zonden en der verdoemenis en daarnevens de grootheid van Gods liefde, dan mag de ziele getroost worden, dewijl het bloed van Jezus Christus Gods Zoon reinigt van alle zonden. En de Geest wil spreken tot de zieIe : „leef, in uwen bloede, ja leef" ! En er wordt opening gemaakt om steeds meer te mogen genieten van des Vaders welbelhagen en van de gemeenschap met den Vader en den Zoon, door den Heiligen Geest.
Zóó komt de ziel dichter bij God, dichter bij Christus.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

BRIEVEN TOT GEESTELIJKEN OPBOUW

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

PDF Bekijken