Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

HET BOEK DES LEVENS II

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HET BOEK DES LEVENS II

10 minuten leestijd

In het vorige artikel stonden wij stil bij de gegevens van het Oude Testament over bovengenoemd boek. Daar bleek ons dat er een boek of schrift bij God is, waarin de namen staan van mensen, doch niet van alle mensen. Het zijn de namen dergenen die het eeuwige leven zullen beërven. Voor andere namen is daar weinig plaats. Het grote Woordenboek zegt: , , De uitdrukking in het N. T. gaat terug op die woorden uit het Oude Testament, waarin daarvan gesproken wordt, dat alle heiligen en getrouwen, de Godvrezenden of allen, die recht op de zaligheid hebben, in Gods boek staan opgetekend".

De algemene bijbelse Encyclopaedie schrijft: , , Het , , boek des levens" (Ps. 69 : 29 ; Dan. 12 : 1—4), „dat door God zelf zou worden bijgehouden, was gegroeid uit de gedachte aan een lijst van degenen, die deel zouden hebben aan de vreugden van de Messiaanse tijd".

Ook elders in het Nieuwe Testament wordt herhaaldelijk gewag gemaakt van het boek, waarin degenen staan opgetekend, die het eeuwige leven zullen beerven. (Luc. 10 : 20; Phil. 4:3; Hebr. 12 : 23 ; Openb. 3 : 5). Het „boek des levens van het Lam" bevat de namen der bewoners van het hemelse Jeruzalem. (Openb. 21 : 27).

Soms oordeelt men, dat in de ene tekst of in de andere aan het Boek des Levens een verschillende inhoud wordt gegeven. Dan echter geven de teksten, die het volste openbaringslicht bevatten te kennen, dat allen die en alleen zij, die staan geschreven in dit boek, het hemelse Jeruzalem zullen bewonen. Het komt mij voor, dat alle teksten dit bedoelen. Die in het boek des levens geschreven staan, beërven het Koninkrijk Gods. In de bijbel is dan verder wel sprake van een boek met de lotgevallen der mensen op aarde, doch niet van een boek, dat de verworpenen omvat. Ih de apocryfe boeken (het boek van Henoch) en in de geschriften der Rabbijnen, is wel sprake van een boek, waarin de zondaren en de vijanden Gods staan opgetekend.

Wij wenden ons nu tot de uitspraken van het N. Testament. In Lucas 10 : 20 lezen we : , , Doch verblijdt u daarin niet, dat de geesten u onderworpen zijn, maar verblijdt u veel meer, dat uw namen geschreven zijn in de hemelen". Onmiskenbaar is hier ook weer de gedachte van een boek, waarin niet alle namen staan. Die van de discipelen van Jezus echter wèl. En dat is van de allerhoogste betekenis. Dat zij op aarde macht hebben over de geesten is groot, want deze geesten stichten veel kwaad. Maar dat er straks een wereld komt, waarin geen boze geesten meer zijn, dat gaat hier ver boven uit. Dat is zó groot, dat de Heere Jezus zich verheugde in de geest en de Vader dankte, dat dit aan Zijn discipelen was geopenbaard. Hen waren immers de verborgenheden van het Koninkrijk Gods bekend gemaakt. Het middelpunt van deze openbaring was de Zoon. Die hadden zij bij hemels licht mogen zien. Daarom sprak de Heere Jezus in Lucas 10 : , , Zalig zijn de ogen die zien, hetgeen gij ziet". In de registers des hemels staan zij dus ge­schreven als deelgenoten aan het eeuwig Koninkrijk. Dat juist zij daar deel aan hebben, is een vrucht van het welbehagen Gods. De verkiezing komt hier duidelijk uit. Er is een lijst in de hemel van de personen, die zalig zullen worden.

In Fil. 4 : 3 lezen we : „En ik bid u ook, gij mijn oprechte metgezel, wees deze vrouwen behulpzaam, die met mij gestreden hebben in het evangelie, ook met Clemens en mijn andere mede-arbeiders, welker namen zijn In het boek des levens".

Het is merkwaardig, dat dit boek telkens weer in de Schrift genoemd wordt van Mozes af tot bij Johannes op Padmos toe. Wie zou het hier in Filippenzen hebben verwacht ? De gemeente van Christus kent zichzelf als een gemeente van hen, wier namen staan geschreven in Gods boek als erfgenamen van het eeuwige leven. Het beeld is vanzelfsprekend ontleend aan gewoonten op aarde. Maar dit geeft ons geen recht alles wat met de aardse registers gebeuren kan, ook op de hemelse toe te passen. Daarom valt hieronder de vraag te bespreken, wanneer dit boek geschreven is en of men er ook uit weggeschrapt kan worden ? Tenminste of er voorbeelden van zijn, dat dit gebeurd is ?

Duidelijk is dat met het Boek des levens de zekerheid des heils van de gemeente van Christus wordt uitgedrukt. Zij weet zich uitverkoren ten leven, omdat zij eeuwig en onverbrekelijk verankerd ligt in Gods Raad. , , De Heere kent degenen, , die de Zijnen zijn". (2 Tim. 2 : 19). Zo wordt in Gods Woord gesproken van een boek waarin de namen staan dergenen, die eeuwig bij God zullen leven. Hebreen 12 : 22, 23 zegt het nog eens weer zo : , , Maar gij zijt gekomen tot de berg Sion en de stad des levenden Gods, tot het hemelse Jeruzalem en de vele duizenden der engelen, tot de algemene vergadering en de gemeente der eerstgeborenen, die in de hemelen opgeschreven zijn". Het is de gemeente van het N. Testament, die in Gods boek geschreven staat.

Doch nu de tweede vraag: Wanneer zijn of worden de namen van die gemeente der eerstgeborenen in de registers der hemelse stad ingeschreven ? Wij wenden ons voor deze vraag naar Openb. 13 : 8 en 17 : 8. In Openb. 13 : 8 vinden wij deze woorden : , , En allen die op de aarde wonen, zullen hetzelve aanbidden, welker namen niet zijn geschreven in het boek des levens des Lams dat geslacht is, van de grondlegging der wereld". En in Openb. 17 : 8 lezen we: , , En die op de aarde wonen (welker namen niet zijn geschreven in het boek des levens van de grondlegging der wereld), zullen verwonderd zijn, ziende het beest dat was en niet is, hoewel het is". Openb. 13 voorspelt dat er een , , Beest" op aarde zal komen met tien horens en zeven koppen. Dat ondier zal de heerschappij gaan uitoefenen op aarde. Dat Beest spreekt lasteringen tegen God en voert oorlog tegen de gelovigen. Doch de ongelovigen hebben veel, met hem op. Allen die op de aarde wonen, zullen hem aanbidden. Maar dit allen heeft een beperking. Diegene zal de antichrist niet aanbidden, wiens naam geschreven staat in het boek des levens des Lams. Doch de velen, wier namen in dat boek niet geschreven staan, zullen dat Beest wel aanbidden. Het is het boek des levens des Lams, dat geslacht is. Met dit laatste wordt er aan herinnerd dat het Lam door Zijn sterven voor de ingeschrevenen het leven heeft verworven. Warmeer zijn deze namen er in geschreven? Zij stonden er reeds in bij de grondlegging der wereld. Deze woorden uit Openb. 13 : 8 behoren niet bij geslacht, doch bij geschreven. Dat blijkt uit Openb. 17 : 8. Toen, bij de eerste aanvang der wereld, stonden deze namen reeds in het boek Gods. Dr. Woelderink heeft getracht de stelling aannemelijk te maken, dat deze namen vanaf de grondlegging der wereld geschreven zijn geworden in dit boek. Eerst Adam, en toen de volgende, en zo maar door. De bijbel geeft daarvoor echter geen grond. In het Grieks is een perfectum gebruikt en geen imperfectum. Hadorn vertaalt in zijn bekende commentaar : , , Wiens naam niet sedert de grondlegging der wereld in het boek des levens des Lams, dat geslacht is, geschreven staat". De préadestinatie vindt Hadom hier uitgedrukt. „Zij zijn er dus van eeuwgheid in geschreven", zegt Greydanus. Schrenk in het Woordenboek schrijft: , , Deze bestemming tot het eeuwige leven gaat achter de daad van het kruis terug tot op de grondlegging der wereld".

Men vindt dan ook in de meeste vertalingen de opvatting weergegeven, dat de namen der ongelovigen niet geschreven staan in het boek vanaf de grondlegging der wereld.

Uit Openb. 13 : 8 en 17 : 8 blijkt zonneklaar, dat er bij God een boek is met de namen van Gods kinderen. En als nu straks die verschrikkelijke tijd van de Antichrist komt, dan zal niet één van hen, die in dat boek geschreven staan, in de verzoeking bezwijken. Dr. Woelderink beroept zich voor zijn opvatting dat de namen er telkens weer bijgeschreven worden, op Lucas 11 : 50 : , , opdat van dit geslacht afgeëist worde het bloed van al de profeten, dat vergoten is van de grondlegging der wereld af". Hier geeft vanaf een voortgang te kennen. Het is bloed, dat vergoten werd. Eerst het bloed van Abel en dan vervolgens. Maar in Hebr. 4 : 3 lezen we : , , hoewel Zijn werken van de grondlegging der wereld af al volbracht waren". Hier staat ook vanai, maar niemand denkt hier aan een opeenvolging van werken Gods tot op deze tijd.

En zo geven ons de teksten uit Openb. 13 en 17 antwoord op de vraag: wanneer zijn de namen geschreven in het boek des levens ? Zij staan daarin vanaf de grondlegging der wereld. Dus het is niét zo, dat er telkens een naam bijgeschreven wordt. De hele gedachtengang in het laatste bijbelboek weerspreekt dit. Het zal ten dage van de Antichrist een boze tijd zijn. Zullen er nog kinderen Gods overblijven ? Ja, want hun onwrikbaarheid staat vast. Allen, die in Gods boek geschreven staan, houden stand. Zij zullen geen duimbreed wijken. Daar zal God voor zorgen. Daar is een heilsraad Gods en die wordt uitgevoerd. De Heere kijkt niet angstig uit of er nog wel één overblijft. Hij zorgt er voor dat de uitverkorenen niet verleid worden.

Deze gedachte uit Openb. 13 vinden we terug in Matth. 24 : 21—24. Daar zal een boze tijd zijn, maar om derwille van de uitverkorenen zullen die dagen verkort worden. Hoe zal het gaan met de uitverkorenen ? Dat zal heel moeilijk zijn, maar zij zullen er als goud uitkomen. Valse profeten zullen grote tekenen en wonderen doen, zó groot, dat zij ook de uitverkorenen zouden verleiden, „indien het mogelijk ware". Dit is blijkbaar niet mogelijk. Deze tekst moeten wij niet vergeten, als we de vraag overwegen of de namen van Gods kinderen weer uit dit boek kunnen worden geschrapt. Doch dat is iets voor een volgende keer.

Voor nu stellen wij vast, dat er een "boek des levens" is. Daarvan wordt soms zó gesproken, dat men zich afvragen kan, welk leven hier is bedoeld : physiek, geestelijk, eeuwig ? Het lijkt onwaarschijnlijk, dat er ooit alleen het physieke leven mee bedoeld is. Ook in Ex. 32 : 32 is meer bedoeld dan gewoon sterven. En Ps. 139 : 16 betreft een ander boek. Dat boek is wel niet hetzelfde als de boeken des gerichts uit Openb. 20 : 12. In elk geval worden ook deze boeken uitdrukkelijk onderscheiden van het boek des levens. Dat boek des levens geeft de doorslag en niet de andere boeken. Dat blijkt uit Openb. 20 : 15 : , , En zo iemand niet gevonden werd geschreven in het boek des levens, die werd geworpen in de poel des vuurs". Dit boek lag klaar bij de grondlegging der wereld. Ook hier is de Schrift met zichzelf in overeenstemming. God heeft Zijn volk uitverkoren in Christus vóór de grondlegging der wereld. (Ef. 1:4). De Joden leerden dat anders. Volgens hen werden alle woorden en daden in de hemel opgetekend, en wel in twee boeken. Daar is een boek met rechtvaardigen en vrienden Gods. Daar is een ander boek met zondaren en vijanden Gods. Daar is ook nog een anders gekleurde opvatting, volgens welke in het ene boek de wetsvervullingen en in het andere boek de wetsovertredingen staan opgetekend. Deze boeken beslissen. Doch dat is in de bijbel niet. In het Jeruzalem Gods, dat afdalen zal van de hemel, daarin zal alleen inkomen die geschreven zijn in het boek des levens van het Lam. Openb. 21 : 27. Wanneer daarin geschreven ? Vanaf de grondlegging der wereld. Openb. 13 : 8 en 17 : 8.

Dit artikel werd u aangeboden door: de Gereformeerde Bond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

HET BOEK DES LEVENS II

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's