Bekijk het origineel

Psalmpasen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Psalmpasen

7 minuten leestijd

Neen, u het het opschrift boven dit artikel niet verkeerd gelezen! Het gaat niet om Palmpasen. Evenmin is het een vergissing van de zetter, die een 's' teveel zou hebben gedrukt. Het lijkt verleidelijk om in deze tijd bij een onderwerp uit de Psalmen te denken aan Palmpasen. Zingt Israël niet op die hoge dag de Messias toe met de woorden uit Psalm 118: Gezegend is Hij, Die daar komt in de naam des Heeren? Heeft de Heere zelf aan het kruis geen woorden aangehaald uit het psalmboek, toen Hij Zijn Godverlatenheid uitklaagde en tenslotte Zijn geest in de handen van de Vader beval?
Vaak krijgen echter woorden uit de Psalmen, die van Pasen spreken, minder aandacht, zijn minder bekend zelfs. Toch spreken ook deze liederen van Israël van het Paasfeest. Luther zei al: Ten eerste moet men weten, dat alles wat de apostelen hebben geschreven, zij dit uit het Oude Testament hebben gehaald. Dus ook over de verrijzenis van onze Heere. Nog veel meer zegt het ons, wat de Heere zelf in het gesprek met de discipelen zegt. Eerst vermeldt de evangelist — Lucas 24 : 27 — dat Jezus, beginnend bij Mozes en de profeten, aan de Emmaüsgangers uitlegt wat van Hem in de Schriften is geschreven. Daarna spreekt de Heere tot Zijn jongeren wat van Hem geschreven is in de wet van Mozes, de profeten en de Psalmen (vers 44). Hij leest het Paasevangelie ook in het Psalmboek.
We weten, dat deze uitdrukking het Oude Testament aanduidt. Met 'Psalmen' werd dan het derde deel van het Oude Testament bedoeld. De joodse schrijver Flavius Josephus, die kort na de opstanding van de Heere werd geboren, vertelt, dat van dat derde deel de lofzangen van de Psalmen de éérste plaats hebben. Het gaat, zegt prof Berkelbach van der Sprenkel, hier bij deze discipelen... om het vatten van de Schriften... en om Jezus' inzicht in het Oude Testament in zich op te nemen.
Professor Bavinck wijst er op, dat voor Jezus en de apostelen de woorden van het Oude Testament een veel diepere betekenis en verdere strekking kunnen hebben, dan de schrijvers vermoed hebben. Zoals naar de woorden van professor Schilder Jezus in de lijdensnacht de Psalmen zong — 'de Dichter zingt zijn eigen lied' — zo kent Hij het diepste zin van de Psalmen van Pasen. Daarom sprak ik van Psalmpasen. Wie op deze dag de Psalmen van dit feest zingt, zingt naar de bedoeling van de Opgestane, die ze eeuwen tevoren de zangers in de mond legde.

Welke Psalmen spreken van Pasen?
Ik noem de zogenaamde koningspsalmen. Het zijn liederen, die over een koning zingen, maar zo ver boven zichzelf en het aardse uitgrijpen, dat we voelen, dat het gaat om de grote Koning. In al deze Psalmen klinkt iets door van het bekende Paaslied:
U zij de glorie, opgestane Heer,
U zij de victorie nu en immermeer.
Het hart vervuld met heilsbespiegelingen zingt ook op Pasen het lied van een Koning. Meestal telt men veertien van deze Psalmen. Enkele ervan willen wij in onze bespreking van Pasen in de Psalmen naar voren brengen.
We beginnen bij de eerste Koningspsalm, die na de inleiding op het Psalmboek — Psalm 1 — eigenlijk de eerste Psalm zou kunnen worden genoemd.
Het gaat over koningen, die tegen de Heere en Zijn Gezalfde opstaan. U zou hier ook kunnen vertalen, dat zij opstaan tegen Zijn Messias. Het gaat aanvankelijk om een aardse koning en een aardse strijd. Deze koning is door de Heere gezalfd over Sion. Meer nog: de Heere heeft tot Hem gezegd: Gij zijt Mijn Zoon, heden heb ik U gegenereerd.
Dit gaat ver boven al het aardse uit. Het is uiteindelijk de Messias-Koning. 'Al ziet het mensenoog Hem niet, het oog van het geloof schouwt Hem, want het leeft in de vervulling van Gods raad over Israël en de volken.' Calvijn noemt Hem de Koning van de eindtijd. Petrus zegt dan ook (Handelingen 13 : 33) dat dit op Christus slaat en in één adem spreekt hij daarna van de opwekking van de Heere. Ook Hebreeën 1 : 5 neemt dit over. Deze Koningspsalm van Hem, die de einden der aarde tot Zijn bezitting krijgt, spreekt uit wat de Opgestane zal zeggen, dat Hem alle macht gegeven is in de hemel en op de aarde. Hij is de sterke Held, van Wie een kinderlied zingt, dat Hij overwon.

Ook Psalm 21 zingt daarvan
Deze Psalm wordt op Pasen vaak — en terecht — gezongen: Hij heeft van U begeerd het onvergank'lijk leven. Gij hebt het Hem gegeven.
Het begint met David, die van God leven heeft begeerd. Maar hij ontvangt meer: Gij hebt het hem gegeven; lengte van dagen, eeuwiglijk en altoos. Is dit slechts de hofstijl van een vorst, zoals de hovelingen tegen Nebukadnezar zeggen: Koning, leef in eeuwigheid? Beslist niet. De belofte van dat leven van de — en nu moet ik het met een hoofdletter schrijven — Koning, rust in Gods belofte in II Samuel 7. Daar wordt gezegd, dat David ontslapen zal, maar van zijn Nakomeling — en dit rijkt verder dan Salomo — zal de Heere de troon bevestigen in eeuwigheid. De dichter is van de waarheid van deze belofte zo overtuigd, dat hij kan zeggen — hoewel de vervulling nog tien eeuwen zou duren — Gij hebt het Hem gegeven. Christus zal later zeggen: ik ben dood geweest en zie. Ik ben levend in eeuwigheid. Zo leren we ook deze Psalm zingen als een Paaslied.

Pasen in Psalm 118
Veel meer zou te noemen zijn. Wellicht zou u zelf de andere genoemde Koningspsalmen er op kunnen nagaan. Ik noem nu Psalm 118, het lied, dat elke Paasmorgen oprijst in jubel en aanbidding.
De steen, die de bouwlieden verworpen hadden, werd tot een hoofd van de hoek, de steen, waarop het hele gebouw rust of de sluitsteen in zijn belangrijke functie. Opnieuw is het de Heere Jezus zelf, die deze woorden op Zijn komend sterven en opstaan toepast — Matth. 22 : 42. Paulus, de schriftgeleerde, noemt Christus in navolging van de tekst de uiterste hoeksteen — en dat is Christus — in Efeze 2 : 20. Ook Petrus ziet in deze tekst de Christus — 1 Petrus 2 : 4. Paaspsalmen blijken er vele te zijn.

We luisteren naar de Pinksterpreek van Petrus
Pasen en Pinksteren vallen nooit op één dag, maar in de Pinksterrede van Petrus preekt hij over Pásen. Met een uitvoerig citaat uit Psalm 16 toont Hij aan, dat deze Psalm over de opstanding van de Heere Jezus gaat. David heeft gesproken, dat zijn vlees in hope zou rusten, dat God hem in het rijk der doden niet zou verlaten en dat Hij niet zou toelaten, dat Zijn Heilige verderving zou zien. Aan de hand van de feiten — het graf van David ligt in de stad — toont de apostel aan, dat dit niet op deze koning kan slaan. Maar David was een profeet en zo heeft hij gesproken van de opstanding van Christus.
In één woord: vele Psalmen spreken van de opstanding en opwekking van de Zoon van God.

Waarom moet dit nu gezegd worden?
Kunnen wij nu volstaan met te constateren, dat inderdaad ook in de Psalmen sprake is van Pasen? Dan zouden we niet veel verder komen. Opnieuw zien wij de eenheid in de Schrift. We zien eens te meer, dat wij dit mogen weten, doordat God dit Evangelie reeds in het Oude Testament heeft geopenbaard.
We zien, dat Zijn beloften worden vervuld, al is het soms eeuwen later. Daarom kunnen wij het met Gods beloften wagen, met de God van de belofte wagen. En we zullen niet beschaamd uitkomen! Wat de zanger van Psalm 21 aankondigde, alsof het al gebeurd was — 'Gij hebt het Hem gegeven' — was niet voorbarig, maar vond ten volle zijn vervulling.
Maar er is meer. Nadat Jezus had gezegd, dat ook in de Psalmen hiervan gesproken was, zweeg Hij niet. Hij opende het verstand van de discipelen, zodat zij de Schrift verstonden. Dat is niet anders, dan zoals de Heilige Geest het hart van Lydia opende, dat zij acht gaf op wat Paulus sprak. Dan worden deze woorden levend voor ons hart.
Dan worden deze Psalmen lofliederen in onze mond.
Dan is het Psalmpasen voor onze ziel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 april 1992

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Psalmpasen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 april 1992

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken