Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De betekenis van Frans Breukelman voor het vertalen van de Bijbel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De betekenis van Frans Breukelman voor het vertalen van de Bijbel

7 minuten leestijd

Wie was hij?

Frans Breukelman (1916-1993) had al veel van zich doen horen voordat hij in 1968 wetenschappelijk hoofdmedewerker werd aan de theologische faculteit van de Universiteit van Amsterdam. In de academische wereld was hij haast berucht om zijn ongezouten kritiek op de Nieuwe Vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap. Daarvan verscheen de eerste, complete editie in 1951. Een jaar later al liet hij in een artikel in het weekblad In de Waagschaal er geen spaan van heel. De vertalers waren volgens hem wel geleerden van naam maar de structuren van het bijbels Hebreeuws kenden ze niet. Dat geheel eigene van de Hebeeuwse Bijbel had hij ontdekt toen hij kennis maakte met de werkwijze van de joodse geleerden Martin Buber en Franz Rozenzweig. Zij waren bezig met de vertaling van Tenach (joodse afkorting van de Wet, de Profeten en de Geschriften) in het Duits. Hun voorbeeld heeft hem geweldig geïnspireerd. Hij had ook de gave om anderen te betrekken in zijn verwondering. Door deze manier van vertalen kreeg je pas werkelijk te horen wat de Schriften zéggen. Hier vallen vorm en inhoud samen. Voor studenten die het uiteenrafelen van bijbelteksten aan de universiteiieii allang beu waren, ging een nieuwe wereld open. Dit was pas echt bijbelwetenschap, of - zoals Breukelman het noemde - bijbelse theologie.

In de Statenvertaling waren de structuren van het bijbels Hebreeuws nog te herkennen, in de Nieuwe Vertaling was dat volgens Breukelman niet meer het geval. Daarom noemde hij haar verschijning in 1951 een nationale ramp.

Eerlijk gezegd heb ik dat altijd een overdreven en eigenlijk ook wel ongepaste opmerking gevonden. Zeker voor die tijd. Op zo'n manier maak je het gesprek dood. Je ontneemt elkaar de kans om het probleem helder in kaart te brengen. Daarmee is de zaak van de bijbelvertaling niet gediend.

Matteüs

Breukelman heeft zich vooral geconcentreerd op Genesis, het eerste boek van de Tora (de Wet) en Matteüs, het eerste boek van het Evangelie. Ook de Griekse tekst van Matteüs heeft haar eigen structuur. In de laatste aflevering van de serie Bijbelse Theologie gaat Breukelman daar uitvoerig op in. Hij toont aan dat Matteüs door het herhalen van bepaalde woorden en uitdrukkingen laat uitkomen waar het in zijn beschrijving van het Evangelie omgaat, namelijk om de 'heilsboodschap van het koningschap'. Het is een Duitse term die ik gemakshalve maar heb vernederlandst. Het woord 'heilsboodschap' komt in Van Dale's Groot Woordenboek van de Nederlandse Taal niet voor. Het is een germanisme. Om de bedoeling van Breukelmans definitie weer te geven zouden we haar moeten omschrijven als 'de boodschap van het heil, namelijk van het koningschap (van God)'. Toch hebben we daarmee niet voor de volle honderd procent de gevoelswaarde opgeroepen die wordt aangegeven met de Duitse formulering 'Die Heilsbotschaft vom Königtum'. Zo moeilijk is vertalen!

Maar nu weer terug naar Matteüs. Breukelman ziet de opbouw van dit Evangelie als volgt. Het begint met de wording van de messiaanse Persoon. De letterlijke betekenis van het woord 'geboorte' in 1 : 18 is namelijk 'wording'. Daarop volgt het verhaal van de volbrenging van het messiaanse werk. Dat bestaat uit twee delen. In het eerste deel laat de evangelist ons zien dat de 'heilsboodschap van het koningschap' het verhaal is van de Koning als Richter. Het tweede deel is hiet verhaal van Jezus als de Gekruisigde en Opgestane. Toch moet heel het verhaal van Matteüs worden opgevat als het 'woord van het koninkrijk' en daarom als het 'woord van het kruis'.

Predikende het Evangelie van het Koninkrijk

Deze uitdrukking wordt alleen door Matteüs gebruikt en komt viermaal in zijn Evangelie voor, namelijk in 4 : 23, 9 : 35, 24 : 14 en 26 : 13. In 26 : 13 staat alleen 'dit evangelie'. Zij markeert de afzonderlijke delen van het Evangelie maar brengt ze ook weer met elkaar in verband. Bij het woord 'koninkrijk' moeten wij niet in de eerste plaats denken aan het territorium waarover God regeert. Het is veeleer een gebeuren in de tijd, het ingrijpen van God in de wereldgeschiedenis. Zijn handelend optreden. Zijn daadwerkelijke heerschappij. Als Matteüs spreekt over het 'koninkrijk der hemelen' staat 'hemel' voor God. De heerschappij van God komt als de heerschappij van de Vader tot openbaring in de heerschappij van de Zoon. Zoekt zó het koninkrijk van God!

De vervulling van alle gerechtigheid

De laatste aflevering van Bijbelse Theologie geeft een stroom informatie en argumentatie waarin je eerst wegwijs moet worden om de hoofdlijnen te ontdekken. Maar ook de details zijn belangrijk. Als voorbeeld kies ik de doop van de Heere Jezus in de Jordaan, 3 : 13-17. De woorden 'toen' en 'aldus' (Nieuwe Vertaling: zo') zijn belangrijk omdat ze ook op andere plaatsen door Matteüs worden gebruikt om aan te geven waarop in zijn beschrijving van het Evangelie het volle licht moet vallen. 'Laat nu af' heeft de betekenis van 'Iaat Mij door'. In de 'heilsboodschap van het koningschap' gaat het om de 'vervulling van alle gerechtigheid'. Door Zijn doop stelt Jezus Christus als Richter in het gericht. 'Aldus', zó nam het werk een aanvang dat Hij aan het kruis zou volbrengen.

Laagdrempelig

Steeds luider klinkt in gemeenten de vraag om een prediking en liturgie die laagdrempelig zijn. In dat kader is ook het gebruik van de Statenvertaling onder ons een discussiepunt geworden. In gezinnen en onder jongeren wordt steeds meer gebruik gemaakt van Het Boek. Dat wijst op een probleem. Laten we daar - om te beginnen - niet niet negatief over doen. Integendeel, laten we.er dankbaar voor zijn dat er blijkbaar bij velen een intens verlangen is om zélf te kunnen horen wat God in de Bijbel tot ons zegt. In principe heb je daarbij geen andere mensen nodig. Dat hoeft ook niet, want de Heilige Geest wil Zélf ons in alle waarheid leiden. Daar mogen we om bidden. Aan Zijn leiding mogen we ons ook vol vertrouwen en verwachting aan overgeven. Daarom spreekt de Bijbel voor zichzelf. Anderen mogen en moeten ons helpen om in en door de Bijbel de weg naar God te zoeken, onze ouders, de school, de kerk, maar zélf mogen we vinden én gevonden wórden. Want de Bijbel is het Woord van God en dat blijft het. De Bijbel is Zijn werk en daarmee blijft Hij aan het werk. Dat is het getuigenis van de Heilige Geest in ons hart.

Maar laat de roep om 'laagdrempeligheid' niet leiden tot het gebruik van bijbelvertalingen waarin de verbanden die in de Bijbel zelf gelegd worden door het gebruik van bepaalde woorden en uitdrukkingen, niet meer te herkennen zijn. Dat kunnen wij van het werk van Breukelman leren. Daarmee worden we nog geen aanhangers van de Amsterdamse school waarvan Breukelman een prominent vertegenwoordiger was. Maar we worden wél nog eens heel nadrukkelijk herinnerd aan de opdracht die de Statenvertalers voor ogen hadden, namelijk om de Bijbel, dat is de ganse Heilige Schrift uit de oorspronkelijke talen in onze Nederlandse taal getrouwelijk over te zetten. Die opdracht blijft van kracht. En dan is het goed om met elkaar in gesprek te gaan over de vraag wat voor ons de consequenties zijn van het woord 'onze' in 'onze Nederlandse taal'.

" Frans Breukelman, Bijbelse Theologie, Deel III. De Theologie van de evangelist Matteüs, Afl. 2. Het evangelie naar Matteüs als 'Die Heilsbotschaft vom Königtum', 286 blz., ƒ 59, - , uitgeverij Kok, Kampen 1996. Deze aflevering werd verzorgd door Ad van Nieuwpoort en Pieter van Walbeek.

Dit artikel werd u aangeboden door: de Gereformeerde Bond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 maart 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De betekenis van Frans Breukelman voor het vertalen van de Bijbel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 maart 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

PDF Bekijken